De peergroup geeft een puber:
- Ruimte om te experimenteren
- Gelegenheid te oefenen met allerlei rollen
- Kans om zich te oriënteren op andere normen en waarden
- Mogelijkheid zich te identificeren.
Een puber conformeert zich, wil niet opvallen.
Een adolescent doet dit minder. Na 18e vaak betere band met ouders, het ‘samenwerken’ komt voorop te staan en de machtsverhouding verdwijnt.