H7 Basisnatuurkunde §7.3

H7 Basisnatuurkunde
§7.3 Elektriciteit
1 / 13
next
Slide 1: Slide
NatuurkuneMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 4

This lesson contains 13 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

H7 Basisnatuurkunde
§7.3 Elektriciteit

Slide 1 - Slide

Deze les
Een paar vragen in LessonUp
§7.1 afmaken (online / werkboek)
Uitleg bij vragen van jullie

Start met maken §7.3

Slide 2 - Slide

Vragen
pak je Binas, je rekenmachine en je toetsenbord :)

Slide 3 - Slide

Wet van Ohm
De relatie tussen spanning, stroomsterkte en weerstand.

Vernoemd naar Georg Ohm, een Duitse natuurkundige.


Slide 4 - Slide

Wat is spanning?


De spanning geeft het energieverschil tussen 2 punten aan. Hoe hoger het energieverschil, hoe hoger de
spanning en hoe sneller de elektronen dus van punt 1
naar punt 2 kunnen bewegen.
Meeteenheid
=
Volt (V)

Grootheid
=
"U"

Slide 5 - Slide

Wat is stroomsterkte?


De stroomsterkte geeft aan hoe 'sterk' de stroom is, oftewel hoeveel lading (dus hoeveel elektronen) er elke seconde door een draad heen bewegen.
Meeteenheid
=
Ampère (A)

Grootheid
=
"I"

Slide 6 - Slide

Wat is weerstand?


In elk materiaal kost het voor elektronen een bepaalde
hoeveelheid energie om er doorheen te bewegen. Elk
materiaal heeft namelijk zijn eigen weerstand.
Meeteenheid 
Ohm (Ω)

Grootheid
=
"R"
   

Slide 7 - Slide

Wet van Ohm 

Slide 8 - Slide

Johan heeft een lampje. Dit lampje is geschikt voor 12 Volt. Met de multimeter meet je de weerstand van dit lampje op. Het blijkt 120 Ohm te zijn.

Hoeveel stroom loopt er door dit lampje als er 12 Volt op staan?
A
10 A
B
0,1 mA
C
100 mA
D
0,01 A

Slide 9 - Quiz

Een LED met een weerstand van 150 Ohm gaat vanaf 20 milliampère pas branden.

Hoeveel Volt is daar voor nodig?
A
3 Volt
B
12 Volt
C
7,5 Volt
D
3000 Volt

Slide 10 - Quiz

In een verwarmingsketel zit een verwarmingselement. De weerstand van dit element heb je gemeten: de multimeter geeft 51.11111 Ohm aan.

Hoe hoog is de stroom door dit door dit element als je met de voltmeter aangeeft dat er 230 volt op de ketel staat?

A
45 A
B
0,9 A
C
0,2 A
D
4,5 A

Slide 11 - Quiz

Een accu kan 10 ampère voor 5 uur leveren. Bereken de capaciteit van de accu.
A
Capaciteit = 10 / 5 = 2 Ah
B
Capaciteit = 10 x 5 = 50 Ah
C
Capaciteit = 10 - 5 = 5 Ah
D
Capaciteit = 10 + 5 = 15 Ah

Slide 12 - Quiz


§7.3 maken

Slide 13 - Slide