1.1 Hoe besteed jij je geld?

H1 Inkomen en welvaart


§ 1.1 Hoe besteed jij je geld?
§ 1.2 Niet ieder inkomen is hetzelfde.
§ 1.3 Wat bepaalt je welvaart?
§ 1.4 Help, de prijzen stijgen!
1 / 32
next
Slide 1: Slide
EconomieMiddelbare schoolvmbo gLeerjaar 4

This lesson contains 32 slides, with text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 50 min
Report this lesson

Items in this lesson

H1 Inkomen en welvaart


§ 1.1 Hoe besteed jij je geld?
§ 1.2 Niet ieder inkomen is hetzelfde.
§ 1.3 Wat bepaalt je welvaart?
§ 1.4 Help, de prijzen stijgen!

Slide 1 - Slide

§ 1.1 Opbouw van de les
Start en lesdoelen
      5 min
Uitleg
     10 min
Opgave bespreken
      5 min
Uitleg groeifactor
     10 min
Opgave maken + bespreken
     10 min
Huiswerk en afsluiting
      5 min

Slide 2 - Slide

We gaan beginnen!
Op tafel: 
je boek, 
een schrift, 
een pen én 
je rekenmachine

Slide 3 - Slide

Aan het eind van deze les kun je:
  • veranderingen van je bestedingen verklaren;
  • het verband tussen marketinginstrumenten (6P's) en de doelgroep uitleggen;
  • de gevolgen van jouw aankopen voor anderen en voor het milieu uitleggen;
  • een procentuele verandering met de groeifactor berekenen.

DE LESDOELEN
GOAL!

Slide 4 - Slide

Waardoor worden jouw bestedingen beïnvloed?

* Overleg eerst met je buurvrouw of buurman.
* Daarna ieder voor zich: 
   noteer minimaal twee antwoorden in jouw schrift.

Slide 5 - Slide

Waardoor worden jouw bestedingen beïnvloed?
- leeftijd
- interesses
- inkomen
- nieuwe producten op de markt
- vrienden / familie --> sociale beïnvloeding
- winkeliers / fabrikanten --> commerciële beïnvloeding  met de     6 P's = marketinginstrumenten

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Link

<b>P</b>rijs<div><b>P</b>roduct</div><div><b>P</b>laats</div><div><b>P</b>romotie</div><div><b>P</b>ersoneel</div><div><b>P</b>resentatie</div>
6P
Noteer in je schrift de 6 P's. Eentje krijg je cadeau: Presentatie.

Slide 8 - Slide

Doelgroep
= een groep consumenten met dezelfde kenmerken voor wie een product of boodschap bedoeld is.

Slide 9 - Slide

Doelgroep
= een groep consumenten met dezelfde kenmerken voor wie een product of boodschap bedoeld is.
Jongeren zijn een belangrijke doelgroep, want
  • ze hebben veel geld vrij te besteden;
  • ze zijn makkelijk over te halen;
  • ze beslissen thuis mee over gezinsaankopen;
  • ze zijn merkentrouw en blijven dus klant voor de toekomst.

Slide 10 - Slide

Maatschappelijke kosten
Zie video 
volgende slide

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Video

Maatschappelijke kosten
= alle nadelige gevolgen die de samenleving ondervindt van het gedrag van personen of bedrijven. Denk aan:
  • goedkope producten kleding dankzij kinderarbeid;
  • milieuvervuiling;
  • goedkope kip dankzij plofkippen;
  • vliegreizen die zorgen voor CO2-uitstoot.
Door duurzaam te consumeren / te produceren wordt rekening gehouden met andere mensen en het milieu.

Slide 13 - Slide

§ 1.1 Opbouw van de les
Start en lesdoelen
      5 min
Uitleg
     10 min
Opgave bespreken
      5 min
Uitleg groeifactor
     10 min
Opgave maken + bespreken
     10 min
Huiswerk en afsluiting
      5 min

Slide 14 - Slide

Bespreken: opgave 9 (blz. 12)
a  


Slide 15 - Slide

Opgave 9 (blz. 12)
a  Kippenvlees.
b  


Slide 16 - Slide

Opgave 9 (blz. 12)
a  Kippenvlees.
b  34,0 ÷ 6,8 = 5 keer zoveel.
c  

Slide 17 - Slide

Opgave 9 (blz. 12)
a  Kippenvlees.
b  34,0 ÷ 6,8 = 5 keer zoveel.
c  Noten: 3,2
    Lamsbout: 51

Hoeveel % is noten minder dan lamsbout?

Slide 18 - Slide

Opgave 9 (blz. 12)
a  Kippenvlees.
b  34,0 ÷ 6,8 = 5 keer zoveel.
c  Noten: 3,2
    Lamsbout: 51

Hoeveel % is noten minder dan lamsbout?
Verschil?
51 - 3,2 = 47,8
1
Vergeleken met (= delen door) ...?
(47,8 : 51) x 100 = 93,72... --&gt;<span style="font-weight: bold"> 93,7%</span>
2

Slide 19 - Slide

§ 1.1 Opbouw van de les
Start en lesdoelen
      5 min
Uitleg
     10 min
Opgave bespreken
      5 min
Uitleg groeifactor
     10 min
Opgave maken + bespreken
     10 min
Huiswerk en afsluiting
      5 min

Slide 20 - Slide

Wat is de groeifactor?
Een stijging/daling in procenten van je loon, kan je bereken met een groeifactor.






Groeifactor bij bijv. 4% stijging
  • 100% + 4% = 104%
  • 104 : 100 = 1,04 
Groeifactor bij bijv. 7% daling
  • 100% - 7% = 93%
  • 93 : 100 = 0,93 

Slide 21 - Slide

Wat is de groeifactor?
Een stijging of daling in procenten van een getal kan je bereken met een groeifactor.





Voorbeeld: Rien ontvangt € 8 zakgeld per week. Vanaf volgende week zal zijn zakgeld stijgen met 15%. Bereken zijn nieuwe zakgeld.

Groeifactor bij bijv. 7% daling
  • 100% - 7% = 93%
  • 93 : 100 = 0,93 
Groeifactor bij bijv. 4% stijging
  • 100% + 4% = 104%
  • 104 : 100 = 1,04 

Slide 22 - Slide

Wat is de groeifactor?
Een stijging of daling in procenten van een getal kan je bereken met een groeifactor.





Voorbeeld: Rien ontvangt € 8 zakgeld per week. Vanaf volgende week zal zijn zakgeld stijgen met 15%. Bereken zijn nieuwe zakgeld.
Groeifactor: 100% + 15% = 115%        115% : 100 = 1,15

Groeifactor bij bijv. 4% stijging
  • 100% + 4% = 104%
  • 104 : 100 = 1,04 
Groeifactor bij bijv. 7% daling
  • 100% - 7% = 93%
  • 93 : 100 = 0,93 

Slide 23 - Slide

Wat is de groeifactor?
Een stijging of daling in procenten van een getal kan je bereken met een groeifactor.





Voorbeeld: Rien ontvangt € 8 zakgeld per week. Vanaf volgende week zal zijn zakgeld stijgen met 15%. Bereken zijn nieuwe zakgeld.
Groeifactor: 100% + 15% = 115%        115% : 100 = 1,15
Nieuw zakgeld: € 8 x 1,15 = € 9,20
Groeifactor bij bijv. 4% stijging
  • 100% + 4% = 104%
  • 104 : 100 = 1,04 
Groeifactor bij bijv. 7% daling
  • 100% - 7% = 93%
  • 93 : 100 = 0,93 

Slide 24 - Slide

Maken: opgave 10  (blz. 13)
Groeifactor bij bijv. 4% stijging
  • 100% + 7% = 107%
  • 107 : 100 = 1,07 
Groeifactor bij bijv. 7% daling
  • 100% - 7,5% = 92,5%
  • 92,5 : 100 = 0,925

Slide 25 - Slide

Bespreken: opgave 10 (blz. 13)

Slide 26 - Slide

Bespreken: opgave 10 (blz. 13)

Slide 27 - Slide

§ 1.1 Opbouw van de les
Start en lesdoelen
      5 min
Uitleg
     10 min
Opgave bespreken
      5 min
Uitleg groeifactor
     10 min
Opgave maken + bespreken
     10 min
Huiswerk en afsluiting
      5 min

Slide 28 - Slide

Aan de slag!
Maken: § 1.1
opg. 1 t/m 8 en 11 (blz. 10)
Zelf nakijken via Magister ELO Studiewijzers
timer
10:00

Slide 29 - Slide

Ideële reclame
Doel: mentaliteit en/of gedrag van mensen te veranderen.


Ideële reclame gaat vaak over maatschappelijke problemen, bijv. milieu, zinloos geweld, 
niet roken en niet drinken.
Commerciële reclame
Doel: meer verkopen en 
dus meer winst.


Dit kan zijn:
- informatieve reclame 
- merkreclame 
- sluikreclame

Slide 30 - Slide

Slide 31 - Video

Slide 32 - Slide