Present Simple , Questions and Negations

1 / 12
next
Slide 1: Slide
EngelsMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 2

This lesson contains 12 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

Herhaling: Present Simple
Tegenwoordige tijd
Infinitive = hele werkwoord
Bijvoorbeeld: (to) like = leuk vinden
Ik vind lezen leuk --> I like to read
Zij vind basketballen leuk --> She likes (to play) basketball.

Slide 2 - Slide

Rijtje: to like
I like
You like
He/She/It likes
We like
They like
You like
Voltooid deelwoord: (have) liked

Slide 3 - Slide

Nog een rijtje: to work
I work
You work
He/she/It works
We work
They work
You work
Voltooid deelwoord: (have) worked

Slide 4 - Slide

To Be
I am
You are
He/She/It is
We are
They are
You are
Voltooid deelwoord: (have) been

Slide 5 - Slide

To Have
I have
You have
He/She/It has
We have
They have
You have
Voltooid deelwoord: (have) had

Slide 6 - Slide

To Do
I do
You do
He/She/It does
We do
They do
You do
Voltooid deelwoord: (have) done

Slide 7 - Slide

To be (and To do)
Is belangrijk omdat deze veel voorkomt.
Het wordt ook als hulpwerkwoord gebruikt.

Dit rijtje moet je uit je hoofd kennen.

Slide 8 - Slide

Questions. . . ?
Hoe maak je een vragende zin in het Engels?`
Bijvoorbeeld:
Sarah is smart. ----> Is Sarah smart?
Joey can play the piano. ----> Can Joey play the piano?

In dit voorbeeld draai je het onderwerp en het gezegde om. 


Slide 9 - Slide

Questions...? Met hulpwerkwoord To Do.
Bijvoorbeeld:
He has brown hair. ----> Does he have brown hair?
She works every Saturday. ---> Does she work every Saturday?

Werkwoord veranderd naar het hele werkwoord (Infinitive)

Slide 10 - Slide

Negations....ontkenningen
Standaard zin: I like broccoli.
Question: Do you like broccoli?
Negations: I do not (don't) like broccoli.
He does not (doesn't) like broccoli.
We do not (don't) like broccoli.

Slide 11 - Slide

Exercises:
Make exercise 4b on page 16
AND
Make exercise 4b on page 20


Slide 12 - Slide