Elektriciteit 7 vermogen

Vorige Lessen...
1 / 30
next
Slide 1: Slide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo t, mavoLeerjaar 2

This lesson contains 30 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 80 min

Items in this lesson

Vorige Lessen...

Slide 1 - Slide

7 Vermogen
  • Wat is vemogen?
  • Vermogen van apparaten.
  • Vermogen berekenen

Slide 2 - Slide

Wat verbruikt er in 5 minuten de meeste energie?
A
Laptop
B
Koelkast
C
Gloeilamp
D
Koffiezetapparaat

Slide 3 - Quiz

laptop 50-150 W
koelkast 100 - 300 W
Gloeilamp 40-60 W
koffiezetapparaat 1000 - 1500 W

Slide 4 - Slide

Hoofdstuk 7
Vermogen

Slide 5 - Slide

Vermogen - typeplaatje

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

Formule




vermogen = spanning x stroomsterkte

Slide 8 - Slide

Wat is het vermogen dat het lampje gebruikt?
A
12 Watt
B
0,3 Watt
C
0,083 Watt
D
3 Watt

Slide 9 - Quiz

7 Vermogen
  • Wat is vemogen?
  • Vermogen van apparaten.
  • Vermogen berekenen

Slide 10 - Slide

Wat verbruikt er in 5 minuten de meeste energie?
A
Laptop
B
Koelkast
C
Gloeilamp
D
Koffiezetapparaat

Slide 11 - Quiz

laptop 50-150 W
koelkast 100 - 300 W
Gloeilamp 40-60 W
koffiezetapparaat 1000 - 1500 W

Slide 12 - Slide

Hoofdstuk 7
Vermogen

Slide 13 - Slide

Vermogen - typeplaatje

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

Formule




vermogen = spanning x stroomsterkte

Slide 16 - Slide

Vermogen berekenen

Slide 17 - Slide

Opdrachten maken
Eerst 1 t/m 4
Daarna 5 t/m 9 

Slide 18 - Slide

Formule zonder de 
tussen stap

Slide 19 - Slide

Opdrachten maken

Daarna 10 t/m 19 

Slide 20 - Slide

Je ziet een fietslamp, een horloge en een oven. Plaaats de apparaten in het juiste vak.
minste vermogen
grootste vermogen
gemiddeld vermogen

Slide 21 - Drag question

Vermogen =
X
......................
........................
Tijd
energie
Stroomsterkte
Spanning

Slide 22 - Drag question

Zet op volgorde van toenemend vermogen

Slide 23 - Drag question

Vermogen berekenen

Slide 24 - Slide

Opdrachten maken
Eerst 1 t/m 4
Daarna 5 t/m 9 

Slide 25 - Slide

Formule zonder de 
tussen stap

Slide 26 - Slide

Opdrachten maken

Daarna 10 t/m 19 

Slide 27 - Slide

Je ziet een fietslamp, een horloge en een oven. Plaaats de apparaten in het juiste vak.
minste vermogen
grootste vermogen
gemiddeld vermogen

Slide 28 - Drag question

Vermogen =
X
......................
........................
Tijd
energie
Stroomsterkte
Spanning

Slide 29 - Drag question

Zet op volgorde van toenemend vermogen

Slide 30 - Drag question