Medewerkers van de Kamer van Koophandel in Haarlem
EXAMENSTOF · PERSONEEL · WERVING
Werving en arbeidsrelatie
Examenstof bedrijfseconomie havo
Medewerkers van de Kamer van Koophandel in Haarlem
EXAMENSTOF · PERSONEEL · WERVING
Werving en arbeidsrelatie
Examenstof bedrijfseconomie havo
Les 1 van 3: uitleg. Les 2 is de examentraining, les 3 de terugblik met quiz. Syllabus: C2 16.1-16.4. Image credit: Fotopersbureau de Boer / Wikimedia Commons, CC0
EXAMENSTOF · PERSONEEL · WERVING
Wat ga je kunnen?
Ik kan uitleggen hoe een organisatie personeel werft en selecteert en welke arbeidsrelatie en contractvorm bij een situatie past.
This item has no instructions
Je krijgt een bijbaan bij een supermarkt. Welke woorden horen daarbij?
Verwachte woorden: vacature, sollicitatiegesprek, contract, loon, werkgever, uren, baas, proeftijd, zzp. Gebruik ze later in de les: ze laten zien welke woorden bij werven en selecteren horen en welke bij de arbeidsrelatie zelf.
Een banenbeurs in Sofia, 2015
EXAMENSTOF · PERSONEEL · WERVING
Personeelsbeleid
Personeelsbeleid (HRM): keuzes over werven, selecteren, aannemen, motiveren, scholen en afscheid.
Het past bij de doelstelling en de aard van de organisatie, zoals een zorginstelling.
De personeelsbehoefte is hoeveel mensen met welke kennis en vaardigheden je nodig hebt.
Het beleid houdt rekening met wet- en regelgeving, bijvoorbeeld bij contracten.
Syllabus 16 en 16.1: personeelsbeleid beschrijven en de relatie leggen met doelstelling en aard van de organisatie; keuzes maken uitgaande van een gegeven personeelsbehoefte. In deze les gaat het om het deel werven, selecteren en aannemen en om de arbeidsrelatie. Behouden, motiveren, scholen en afscheid nemen komen in andere onderwerpen terug. Veelgemaakte fout: personeelsbehoefte zien als het aantal sollicitanten. Het is het aantal en soort mensen dat de organisatie zelf nodig heeft. Image credit: Bianca ciw / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0
EXAMENSTOF · PERSONEEL · WERVING
Functieprofiel en waardering
Een functieprofiel beschrijft de taken, verantwoordelijkheden en eisen aan kennis en vaardigheden.
Bij functiewaardering bepaal je hoe zwaar een functie is vergeleken met andere functies.
De uitkomst helpt bij het bepalen van het loon dat bij de functie past.
Het functieprofiel gebruik je in de vacature en bij het beoordelen van sollicitanten.
Syllabus 16.1: begrippen functieprofielen en functiewaardering. Het functieprofiel gaat over de functie, niet over de persoon. Veelgemaakte fout: functieprofiel verwarren met het cv van een sollicitant, of functiewaardering zien als het beoordelen van een medewerker.
Medewerkers van de Kamer van Koophandel in Haarlem
EXAMENSTOF · PERSONEEL · WERVING
Werven en selecteren
Werving: kandidaten aantrekken, bijvoorbeeld met een vacature op de website of het raam.
Selectie: uit de sollicitanten de best passende kandidaat kiezen.
De sollicitatieprocedure loopt in vaste stappen: vacature, reacties lezen, gesprekken, keuze, contract.
Wat past, hangt af van de doelstelling en de aard van de organisatie.
Syllabus 16.1: werving en selectie in relatie tot doelstelling en aard van de organisatie. Een vacature hoort bij werving; de gesprekken en de keuze horen bij selectie. De volgorde in de volgordevraag: vacature plaatsen, reacties lezen, gesprekken voeren, de beste kandidaat kiezen, de arbeidsovereenkomst sluiten. Een kleine zaak werft vaak via het raam of persoonlijk, een grote organisatie via de website; de aard van de organisatie bepaalt ook de eisen. Veelgemaakte fout: werving en selectie door elkaar gebruiken. Image credit: Fotopersbureau de Boer / Wikimedia Commons, CC0
Vul in
Een functieprofiel beschrijft taken en eisen van een functie. Met functiewaardering bepaal je hoe zwaar die functie weegt.
Syllabus 16.1. Verwachte fout: personeelsbehoefte invullen bij functieprofiel, omdat het om personeel gaat.
Zet de procedure op volgorde
Syllabus 16.1, volgorde zoals op de dia. Verwachte fout: de keuze voor de gesprekken zetten, of het contract te vroeg.
EXAMENSTOF · PERSONEEL · WERVING
Vormen van een arbeidsrelatie
Een arbeidsrelatie is de afspraak waarmee iemand werk doet voor een organisatie.
In loondienst: een individuele arbeidsovereenkomst tussen werkgever en werknemer.
Als zelfstandige: zzp of freelance, met een overeenkomst van opdracht.
Personeel kan ook via een uitzendbureau of payrollbedrijf voor de organisatie werken.
Welke vorm past, hangt af van de doelstelling, de aard en de personeelsbehoefte.
Syllabus 16.2: de verschillende vormen van een arbeidsrelatie noemen. Bronnen: Ondernemersplein noemt naast de arbeidsovereenkomst ook de uitzendovereenkomst en de payrollovereenkomst als vormen. Het examen vraagt vooral het onderscheid tussen werknemer in loondienst en zzp'er. Veelgemaakte fout: denken dat zzp en freelance twee verschillende arbeidsrelaties zijn. Het zijn dezelfde vorm.
Een contract met een pen klaar om te tekenen
EXAMENSTOF · PERSONEEL · WERVING
Arbeidsovereenkomst
Drie kenmerken: arbeid, loon en een gezagsverhouding.
Arbeidsverplichting: de werknemer doet het werk zelf, niet iemand anders.
Gezagsverhouding: de werkgever mag aanwijzingen geven over hoe en wanneer er gewerkt wordt.
De werkgever betaalt loon, ook tijdens vakantie en bij ziekte.
Syllabus 16.3 en 16.4: individuele arbeidsovereenkomst met de begrippen gezagsverhouding, arbeidsverplichting en loon. Bronnen: Ondernemersplein (arbeid en loon als onderdelen van de arbeidsovereenkomst) en Belastingdienst, wanneer is sprake van loondienst (werkgeversgezag, persoonlijke arbeid en loon; bij gezag bepaalt de opdrachtgever hoe, wanneer en waar er gewerkt wordt). Veelgemaakte fout: denken dat een arbeidsovereenkomst alleen bestaat als er iets is ondertekend. Een arbeidsovereenkomst kan ook mondeling ontstaan. Image credit: Blogtrepreneur / Wikimedia Commons, CC BY 2.0
Werkplek van een zelfstandige met laptop
EXAMENSTOF · PERSONEEL · WERVING
Zzp'er of werknemer?
Een zzp'er werkt met een overeenkomst van opdracht: een opdracht of klus is afgesproken.
De opdrachtnemer bepaalt zelf hoe en wanneer, en kan voor meer opdrachtgevers werken.
De zzp'er stuurt een factuur en draagt zelf het risico bij ziekte, vakantie of te weinig werk.
De naam van het contract beslist niet: de werkelijke situatie telt.
Syllabus 16.3: de verschillen tussen de overeenkomst van opdracht voor een zzp'er en een individuele arbeidsovereenkomst. Verschillen: geen gezagsverhouding bij een opdracht, het werk mag in principe door een ander worden gedaan, betaling per factuur in plaats van loon, geen verplichte loondoorbetaling bij ziekte en vakantie. Bronnen: Rijksoverheid, veelgestelde vragen over schijnzelfstandigheid (de manier waarop het werk feitelijk gebeurt beslist, niet de naam van het contract; een zzp'er regelt zelf verzekering bij ziekte en heeft geen recht op vakantiegeld) en Belastingdienst, wanneer is sprake van loondienst (gezag, persoonlijke arbeid en loon). Veelgemaakte fout: denken dat een zzp-label genoeg is. Als er in de praktijk gezag is, kan het toch een arbeidsovereenkomst zijn (schijnzelfstandigheid). Image credit: Free-Photos (Pixabay) / Wikimedia Commons, CC0
Wat hoort wel bij een arbeidsovereenkomst, maar niet bij een overeenkomst van opdracht?
Een afspraak over het werk
Een gezagsverhouding
Betaling voor het werk
Werk voor een organisatie
Syllabus 16.3: het verschil zit in het gezag. De andere drie komen bij beide vormen voor. Verwachte fout: betaling voor het werk, omdat loon zo bij werknemers hoort; ook een zzp'er wordt betaald, maar via een factuur.
Wat betekent een gezagsverhouding?
Syllabus 16.3. Goed antwoord: de werkgever mag aanwijzingen geven over het werk (hoe en wanneer) en de werknemer moet die volgen. Verwachte fout: alleen 'de baas' of 'iemand die betaalt' zonder de aanwijzingen te noemen.
EXAMENSTOF · PERSONEEL · WERVING
Bepaalde en onbepaalde tijd
Voor onbepaalde tijd: een vast contract zonder einddatum.
Voor bepaalde tijd: een tijdelijk contract met een afgesproken duur of einddatum.
Een tijdelijk contract eindigt op die datum, een vast contract loopt door.
Een contract voor bepaalde tijd past bij een tijdelijke behoefte, zoals extra drukte in een seizoen.
Beide zijn een individuele arbeidsovereenkomst met arbeid, loon en een gezagsverhouding.
Syllabus 16.4: belangrijkste vormen van een individuele arbeidsovereenkomst, voor bepaalde en voor onbepaalde tijd. Bron: Ondernemersplein (bepaalde tijd is tijdelijk, onbepaalde tijd is vast; bij tijdelijk staat de duur of einddatum in de afspraken). Er zijn regels voor opeenvolgende tijdelijke contracten; die komen niet op het examen en staan daarom niet in de les. Veelgemaakte fout: denken dat een vast contract nooit kan eindigen. Het heeft alleen geen einddatum.
Een winkelmedewerker achter de toonbank, Haarlem
EXAMENSTOF · PERSONEEL · WERVING
Het oproepcontract
Bij een oproepcontract zijn er geen vaste uren: de werknemer werkt als de organisatie oproept.
Het aantal werkuren staat niet vast, dus het loon per maand kan wisselen.
Voor oproepkrachten gelden extra wettelijke regels, en die worden regelmatig aangepast.
Past bij wisselende drukte, zoals in de horeca. Het blijft een arbeidsovereenkomst.
Syllabus 16.4: oproepcontract als vorm van de individuele arbeidsovereenkomst. Bron: Belastingdienst, wanneer er sprake is van een oproepcontract (het aantal werkuren ligt niet vast, het loon is ongelijk verdeeld). Soorten oproepcontracten en de regels daarvoor (zoals oproeptermijnen en een minimum aan uitbetaalde uren) veranderen; die staan daarom niet in de les. Voor het examen gaat het om het kenmerk en om wanneer het past. Veelgemaakte fout: denken dat een oproepkracht geen werknemer is. Het is een arbeidsovereenkomst met gezag en loon. Image credit: Fotopersbureau de Boer / Wikimedia Commons, CC0
EXAMENSTOF · PERSONEEL · WERVING
Voorwaarden aan het contract
Een arbeidsovereenkomst mag mondeling, de arbeidsvoorwaarden geeft de werkgever schriftelijk.
Daarin staan onder meer functie, werkplek, startdatum, loon, betaalwijze en arbeidsduur.
Bij een contract voor bepaalde tijd staat ook de duur of de einddatum erin.
Verder kunnen een proeftijd, vakantiedagen en opzegtermijnen erin staan.
Syllabus 16.4: voorwaarden aan een individuele arbeidsovereenkomst. Bron: Ondernemersplein, arbeidsovereenkomst afsluiten (mondeling of schriftelijk; arbeidsvoorwaarden schriftelijk aan de werknemer; inhoud van die gegevens). Termijnen voor het aanleveren staan bewust niet in de les. Veelgemaakte fout: denken dat zonder papieren contract geen arbeidsovereenkomst bestaat.
Een restaurant roept Lars alleen op bij drukte, zonder vaste uren. Welk contract?
Een contract voor onbepaalde tijd
Een overeenkomst van opdracht
Een contract voor bepaalde tijd
Een oproepcontract
Syllabus 16.4: geen vaste uren, werken als de organisatie belt: oproepcontract. Verwachte fout: overeenkomst van opdracht, omdat de uren wisselen; maar Lars staat onder gezag en krijgt loon.
Vul in
Een contract voor bepaalde tijd eindigt op een afgesproken moment. Een contract voor onbepaalde tijd heeft geen einddatum.
Syllabus 16.4. Verwachte fout: de twee uitdrukkingen omwisselen.
Wat was voor jou het lastigst in deze les?
Werven en selecteren
Zzp'er of werknemer
De soorten contracten
De begrippen onthouden
Bespreek de populairste keuze kort na: gezag en arbeidsverplichting bij 'zzp'er of werknemer', het kenmerk van het oproepcontract bij 'soorten contracten'.
Welk contract zou jij als werknemer kiezen, en waarom?
Open reflectie, geen goed of fout. Let op dat leerlingen een vorm uit de les noemen (onbepaalde tijd, bepaalde tijd, oproepcontract) en een argument geven, zoals zekerheid van uren of loon.
EXAMENSTOF · PERSONEEL · WERVING
Begrippen (1/2)
personeelsbehoefte: Het aantal en soort mensen dat de organisatie nodig heeft om haar doel te halen
functieprofiel en functiewaardering: Taken en eisen van een functie, en hoe zwaar die functie weegt ten opzichte van andere
werving en vacature: Kandidaten aantrekken, bijvoorbeeld met een oproep om te solliciteren
selectie en sollicitatieprocedure: Uit de sollicitanten de beste kandidaat kiezen via vaste stappen
arbeidsrelatie: De afspraak waarmee iemand werk doet voor een organisatie
This item has no instructions
EXAMENSTOF · PERSONEEL · WERVING
Begrippen (2/2)
zzp en overeenkomst van opdracht: Werken als zelfstandige aan een afgesproken opdracht, zonder gezag
individuele arbeidsovereenkomst: Contract tussen werkgever en werknemer met arbeid, loon en gezag
gezagsverhouding en arbeidsverplichting: De werkgever geeft aanwijzingen en de werknemer doet het werk zelf
voor bepaalde en onbepaalde tijd: Tijdelijk contract met einddatum of vast contract zonder einddatum
oproepcontract: Geen vaste uren: de werknemer werkt als de organisatie oproept
This item has no instructions