This lesson contains 44 slides, with interactive quizzes and text slides.
Lesson duration is: 80 min
Report this lesson
Items in this lesson
Slide 1 - Slide
Slide 2 - Slide
Wat gaan wij vandaag doen?
Regels
Toetsing
Uitleg welzijn en levensstijl
Aan de slag met de opdrachten
Afsluiting
Slide 3 - Slide
Slide 4 - Slide
Toetsing
Slide 5 - Slide
Werkschrift M&N
Krijg je zo snel mogelijk!
Elke les bij je hebben!
Niet bij je hebben=materiaal vergeten!
Slide 6 - Slide
Gezonheid
Slide 7 - Slide
De leerdoelen
Ik kan uitleggen wat sociaal, geestelijk en lichamelijk welzijn is en hoe deze vormen van welzijn elkaar beïnvloeden.
Ik kan uitleggen wat een leefstijl is en twee voorbeelden geven van factoren die bijdragen aan een gezonde leefstijl.
Ik kan verschillende leefstijlziekten benoemen en uitleggen welke risicofactoren hierbij horen.
Slide 8 - Slide
Welzijn
Geestelijk
<div>Geestelijk welzijn gaat over je gevoelens en hoe je je voelt. Het gaat bijvoorbeeld over hoe je omgaat met stemmingswisselingen en of je, wanneer je je even minder goed voelt, jezelf weer snel kunt herstellen.</div>
Sociaal
Sociaal welzijn heeft te maken met hoe je omgaat met de mensen om je heen. Het gaat bijvoorbeeld over hoe je je voelt tijdens sociaal contact en hoe snel je sociale batterij weer oplaadt nadat je veel contact met anderen hebt gehad.
Fysiek
Fysieke welzijn heeft te maken met je lichaam.<div><br></div><div>Het gaat hierbij om je voeding en lichamelijke kracht, maar ook om hoe gezond je bent en hoe makkelijk of moeilijk je ziek wordt.</div>
Slide 9 - Slide
Leefstijl
Wat is leefstijl?
Een leefstijl is de manier waarop jij leeft. Het heeft te maken met je voeding, je beweging en je slaap. Bij je leefstijl gaat het er dus om hoe jij zorgt voor jezelf.
Gezonde leefstijl
Bij een gezonde leefstijl eet je gevarieerde maaltijden met voldoende van alle voedingsstoffen, je beweegt/sport voldoende (minstens een half uur per dag) en je slaapt voldoende in een gezond patroon.
Slide 10 - Slide
Leefstijlziektes
Wat is een leefstijlziekte?
Een leefstijlziekte is een ziekte die voortkomt uit niet goed voor jezelf zorgen. Als jij een slechte leefstijl hebt aangehouden kan dit er voor zorgen dat je ziek word.
Risicofactoren
Er zijn verschillende risicofactoren die ervoor kunnen zorgen dat je leefstijlziekten krijgt. Denk hierbij aan:<div><br></div><div>roken;</div><div><br></div><div>alcoholgebruik;</div><div><br></div><div>ongezond eten;</div><div><br></div><div>te veel suiker eten of drinken;</div><div><br></div><div>te weinig bewegen.</div>
Voorbeelden
Roken → hart- en vaatziekten<div><br></div><div>Roken → bronchitis</div><div><br></div><div>Te veel suiker → diabetes type 2<br><div><div><br></div></div></div>
Slide 11 - Slide
Differentiëren met opdrachten
Basis (groene bolletjes):Iedereen maakt deze opdrachten in groepjes of zelfstandig!
Extra ondersteuning(gele bolletjes): Maak deze opdrachten wanneer je veel opdrachten van de groene bolletjes fout maakt.
Verdieping( paarse bolletjes): Maak deze moeilijke opdrachten wanneer je alles goed hebt van de groene bolletjes.
(30 min)
Slide 12 - Slide
Het woord ‘welzijn’ betekent: je goed voelen. Gezondheid is lichamelijk, geestelijk en mentaal welzijn. Wat betekent sociaal welzijn?
A
Dat je lichaam normaal werkt
B
Dat je geen pijn hebt
C
Dat je niet depressief of overspannen bent
D
Dat je je goed voelt bij andere mensen
Slide 13 - Quiz
Karin heeft buikpijn.
Over welk soort welzijn gaat deze zin?
A
over geestelijk welzijn
B
over lichamelijk welzijn
C
over mentaal welzijn
Slide 14 - Quiz
Geestelijk welzijn
Mentaal welzijn
Fysiek welzijn
Slide 15 - Drag question
Wat is GEEN risicofactor voor hart- en vaatziekten?
A
veel alcohol drinken
B
veel verzadigd vet eten
C
veel voedingsvezels eten
D
veel zout eten
Slide 16 - Quiz
Waarom hoort vapen niet bij een vitale levensstijl?
A
Dat ziet er onverzorgd uit.
B
Dat kost te veel geld.
C
Je krijgt er veel trek van.
D
Het is schadelijk voor je longen.
Slide 17 - Quiz
Als ik vaak vrolijk ben dan past dat bij
A
lichamelijke welzijn
B
sociaal welzijn
C
geestelijk welzijn
Slide 18 - Quiz
Hoe kunnen sociale media invloed hebben op jouw geestelijk welzijn?
A
Het kan je stress geven
B
Je kan digitaal gepest worden
C
Er kunnen leugens verspreid worden
D
Er kan content van jou gedeeld worden waar jij niet blij mee bent
Slide 19 - Quiz
Wat past in een gezonde leefstijl?
A
op vaste tijden slapen en opstaan
B
2 x per week douchen
C
drug gebruiken
D
onveilig vrijen
Slide 20 - Quiz
Hoe is jouw leefstijl?
A
Goed
B
Medium
C
Slecht
D
Uiterst slecht
Slide 21 - Quiz
Wat is er gezond aan jouw leefstijl?
Slide 22 - Open question
Gezond of ongezond?
Gezonde leefstijl
Ongezonde leefstijl
Slide 23 - Drag question
Welke leefstijlziekte kan ontstaan door langdurig ongezond eten en weinig bewegen?
A
Diabetes type 2
B
Griep
C
Verkoudheid
D
Oorontsteking
Slide 24 - Quiz
Welke factor vergroot de kans op hart- en vaatziekten?
A
Voldoende bewegen
B
Roken
C
Genoeg slapen
D
Veel water drinken
Slide 25 - Quiz
Welke combinatie bevat twee risicofactoren voor leefstijlziekten?
A
Veel bewegen en gezond eten
B
Genoeg slapen en water drinken
C
Roken en weinig bewegen
D
Wandelen en voldoende slapen
Slide 26 - Quiz
In de Schijf van Vijf staan producten die je eet en drinkt voor een gezonde levensstijl.
A
waar
B
niet waar
Slide 27 - Quiz
Een gezonde levensstijl verlaagt de kans op hart- en vaatziekten.
A
Juist
B
Onjuist
Slide 28 - Quiz
Wat betekent gezondheid?
A
Lichamelijk welzijn
B
Geestelijk welzijn
C
Sociaal welzijn
D
Alle 3
Slide 29 - Quiz
Als ik me goed kan concentreren hoort dat bij
A
lichamelijk welzijn
B
sociaal welzijn
C
Geestelijk welzijn
Slide 30 - Quiz
Yennet is net verhuisd. Ze kent nog niemand in de plaats waar ze nu woont. Hoe kan ze aan haar sociale welzijn in haar nieuwe woonplaats werken?
A
ze kan zich aansluiten bij een sportclub
B
ze kan haar huis inrichten
C
ze kan lid worden van de bibliotheek
Slide 31 - Quiz
Tekst
Sleep de teksten naar het juiste vak
Gezonde leefstijl
Ongezonde leefstijl
veel sporten
Fruit eten hoort bij gezonde leefstijl
goed slapen
overgewicht
niet je tanden poetsen
jezelf goed verzorgen
veel vet eten.
Slide 32 - Drag question
Week 2: Leefstijlfactoren Geef van iedere leefstijlfactor een voorbeeld.
Persoonlijke factoren
Omgevings-
factoren
Leefstijl-factoren
Wanneer je rookt
Wanneer je in een buurt woont waar je niet kunt buiten spelen
Wanneer je suikerziekte hebt
Slide 33 - Drag question
Wat is de omschrijving van het begrip 'leefstijl'
A
Je kleren stijl
B
Manier van leven
C
Hoe lang je leeft
D
Dat je vaak ziek bent
Slide 34 - Quiz
Welzijn
Wat is waar?
A
Je lichaam, je geest en je omgeving hebben met elkaar te maken
B
Je lichaam, je geest en je omgeving staan los van elkaar
C
Alleen je geest heeft wat met je omgeving te maken
D
Alleen je lichaam heeft wat met je omgeving te maken
Slide 35 - Quiz
Bij een topsport leefstijl denk ik aan...
Slide 36 - Open question
Wat gebeurt er als je een ongezonde leefstijl hebt?
Slide 37 - Open question
Wat beïnvloedt de leefstijl van een persoon?
A
Onderwijsniveau
B
Alleen genetische aanleg
C
Voeding, beweging en stressniveau
D
Slaapkwaliteit
Slide 38 - Quiz
(3p) Beschrijf hoe deze risicofactoren samen kunnen leiden tot een hartinfarct.