Periode 2 grammatica 1 les 2

Periode 2 grammatica les 1


Waar komt dit water vandaan?   3.1 soorten water
1 / 14
next
Slide 1: Slide
NaskMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 1

This lesson contains 14 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Periode 2 grammatica les 1


Waar komt dit water vandaan?   3.1 soorten water

Slide 1 - Slide

Wat gaan we deze les doen?
Herhalen zelfstandig- en hulpwerkwoord

Leerdoelen van deze les;

Introductie, instructie en controle vragen over de les;

Aan de slag!


Slide 2 - Slide

Herhalen zelfstandig werkwoord
* Het zelfstandig werkwoord (zww) geeft een actie/handeling/gebeurtenis aan.

* Het zww kan alleen in de zin staan, maar ook samen met andere werkwoorden.

* Het zww kan in verschillende vormen voorkomen. Zo is er de persoonsvorm,
het voltooid deelwoord en de infinitief.

Dennis maakt ijs.
Dennis heeft ijs gemaakt.
Dennis wil ijs maken.

Slide 3 - Slide

Herhalen hulpwerkwoord
Hulpwerkwoorden geven aan of het belangrijkste werkwoord, misschien nog gaat gebeuren: 
De juf zou een mop vertellen.
mogelijk is: De leraar kan een fout maken.
waarschijnlijk is: Het schijnt morgen te gaan onweren.
al gebeurd is: De toren is gevallen.
Niet elke zin heeft een hulpwerkwoord.
Een zin kan ook meer dan één hulpwerkwoord hebben.
Het hulpwerkwoord kan in verschillende vormen voorkomen.
De persoonsvorm (pv) en de infinitief komen het meest voor.

Trucjes:
Het hulpwerkwoord kun je weglaten uit de zin.
Als er meer werkwoorden in de zin staan, dan is de pv altijd het hulpwerkwoord.



Slide 4 - Slide

leerdoelen:
Deze ga je:

ontdekken wat een zelfstandig naamwoord voor een woordsoort is
leren hoe je een zelfstandig naamwoord herkent
ontdekken welke verschillende lidwoorden er zijn.

wat bijvoeglijke naamwoorden zijn
wat je allemaal kunt doen met bijvoeglijke naamwoorden.







Slide 5 - Slide

Zelfstandig naamwoord
Al deze woorden zijn zelfstandige naamwoorden:

namen van dingen die je kunt aanraken;
namen van mensen;
namen van gevoelens en andere dingen die je niet kunt aanraken.

Hoe herken je ze?
1. Je kunt er vaak de, het of een voor zetten.
2. Ze zijn zelfstandig; ze hebben in hun eentje al veel betekenis.
3. Vaak kun je er enkelvoud/meervoud van maken of verkleinen.


Slide 6 - Slide

Zelfstandig naamwoord
Zelfstandige naamwoorden kunnen in verschillende zinsdelen voorkomen:
De vrouw slaapt. (onderwerp)
Dat lijkt wel hout. (naamwoordelijk deel van het gezegde)
Ik spreek mijn buurvrouw dagelijks. (lijdend voorwerp)
Ik geef de kat te eten. (meewerkend voorwerp)


Slide 7 - Slide

Quiz
Wat is het zelfstandig naamwoord in de volgende zin?
T-shirts worden vaak van katoen gemaakt.
A
T-shirts
B
worden
C
T-shirts/ katoen
D
katoen

Slide 8 - Quiz

Bijvoegelijke naamwoorden
1. Ze horen bij een zelfstandig naamwoord.
2. Ze vertellen meer over het zelfstandig naamwoord.
3. Ze beschrijven het zelfstandig naamwoord.
Soms staan ze voor een zelfstandig naamwoord, zoals bij het sportieve meisje.
Ze kunnen ook op een andere plaats in de zin staan: het meisje is sportief.
Ze hebben twee vormen, zoals in de jongen is lief* of de *lieve jongen.
Er kunnen veel verschillende bijvoeglijke naamwoorden bij één zelfstandig naamwoord voorkomen.
Controleer altijd of het woord dat je een bijvoeglijk naamwoord noemt echt een zelfstandig naamwoord beschrijft.

Slide 9 - Slide

Wat zijn de bijvoeglijke naamwoorden in de volgende zin?
Het blauwe grote kussen is van mijn grote zus.

Slide 10 - Open question

Volgende les:
In de volgende les gaan we het hebben over het:

persoonsvorm
zinsdelen
werkwoordelijk gezegde




Slide 11 - Slide

Aan het werk!
Wat? Grammatica 1- les 1 en 2 =>alle opdrachten. 
We maken ook alle paperopdrachten
Les 4,5,1 en 2
Waar? Plot 26 Blink
Hoe? Als het bord op rood staat werk je alleen en in stilte.
Als het bord op groen staat mag je fluisterend overleggen met je buurman. 
Heb je vragen? Steek je hand op en ik kom bij je. 
Klaar? Kijk het dan na!

timer
1:00

Slide 12 - Slide


Zijn de leerdoelen behaald?
ontdekken wat een zelfstandig naamwoord voor een woordsoort is
leren hoe je een zelfstandig naamwoord herkent
ontdekken welke verschillende lidwoorden er zijn.
wat bijvoeglijke naamwoorden zijn
wat je allemaal kunt doen met bijvoeglijke naamwoorden.

Slide 13 - Open question


Stel een vraag over iets wat je 
nog niet zo goed hebt begrepen.
Dit is een open vraag.

Slide 14 - Open question