Situatie 1 - Mon budget à Bordeaux
Je hebt €40 en gaat winkelen in de stad.
Kies twee dingen die je wil kopen.
Typ of schrijf een kort gesprek op per winkel.
Voorbeeldgesprek:
Begroeten - Bonjour madame/monsieur
Wat je wil kopen - Je cherche ... (ik zoek) / Je veux acheter ...(ik wil kopen)
Prijs - C'est combien ? (Hoeveel kost het?)
Mening - J'aime / je n'aime pas / c'est beau / c'est belle
Afsluiting - Merci, au revoir