Rekenquiz mavo 3

Rekenquiz
1 / 20
next
Slide 1: Slide
EconomieBasisschoolGroep 1

This lesson contains 20 slides, with interactive quizzes and text slide.

Items in this lesson

Rekenquiz

Slide 1 - Slide

Vandaag is het 20 maart welke datum is het 2 weken later?
A
3 april
B
4 april
C
2 april
D
1 april

Slide 2 - Quiz

Maryam is 9 jaar jonger dan haar broer. Haar broer is 20 jaar oud. Hoe oud is Maryam over 2 jaar?
A
12 jaar
B
11 jaar
C
13 jaar
D
10 jaar

Slide 3 - Quiz

Imad gaat knikkeren met 50 knikkers. Hij verliest er 36 en wint er 16. Hoeveel knikkers houdt hij over?
A
29 knikkers
B
28 knikkers
C
31 knikkers
D
30 knikkers

Slide 4 - Quiz

2 x 6 x 2 + 6 =
A
31
B
30
C
28
D
192

Slide 5 - Quiz

Ishaak en Younas willen samen een bal van 33,95 euro kopen. Ishaak heeft 15,85 en Younas heeft 14,75. Hoeveel komen ze tekort?
A
3,25
B
3,35
C
4,35
D
2,25

Slide 6 - Quiz

Gerald geeft een feestje. Hij nodigt 19 kinderen uit. 1 kind is ziek, 3 anderen kunnen ook niet komen. Hoeveel kinderen komen er op het feestje?
A
14 kinderen
B
16 kinderen
C
15 kinderen
D
13 kinderen

Slide 7 - Quiz

Faye leest een boek. Haar boekt heeft 150 bladzijden. Ze heeft 40% van het boek gelezen.Op welke bladzijde is ze?
A
55
B
45
C
65
D
60

Slide 8 - Quiz

10 x 2 + 6 x 2 =
A
30
B
240
C
32
D
126

Slide 9 - Quiz

In een quiz zitten 20 vragen. Je hebt er 14 goed, tenminste dat dacht je. Het blijkt dat je er toch nog 3 goed hebt. Hoeveel vragen heb je in totaal fout?
A
6
B
3
C
2
D
5

Slide 10 - Quiz

Amber, Yfke en Amira gaan in een attractie. 1 kaartje kost 173 cent. Hoeveel kosten de kaartjes samen?
A
5,19 euro
B
5,20 euro
C
6,19 euro
D
5,11 euro

Slide 11 - Quiz

Hoeveel uren zitter er in een week?
A
170
B
178
C
186
D
168

Slide 12 - Quiz

Is deze som goed?

8 x 8 x 2 = 182
A
Ja
B
Nee

Slide 13 - Quiz

Welke som is goed?
A
38 x 38 = 1443
B
25 x 6 = 175
C
14 x 12 = 168
D
8 x 7 = 57

Slide 14 - Quiz

Welk getal is oneven?
A
64
B
88
C
73
D
96

Slide 15 - Quiz

Bij een boekenwinkel krijg je bij iedere 10 euro die je besteedt een spaarzegel. Mayli koopt voor 310 euro. Hoeveel zegels krijgt ze?
A
30 zegels
B
31 zegels
C
11 zegels
D
21 zegels

Slide 16 - Quiz

Op het horloge van Dayron staat 14:10 uur. Hij is 24 minuten geleden vertrokken van huis. Wat stond er op zijn horloge toen hij vertrok?
A
13:45
B
13:56
C
14:44
D
13:46

Slide 17 - Quiz

De groenteboer verkoopt 970 kisten appels, 440 kisten bosbessen en 390 kisten aardbeien. Hoeveel kisten heeft hij in totaal verkocht?
A
1800
B
1900
C
1700
D
1850

Slide 18 - Quiz

Keet koopt 4 films van 24,90 euro. Hoeveel cent krijgt ze terug als ze betaalt met 100 euro?
A
60 cent
B
40 cent
C
50 cent
D
30 cent

Slide 19 - Quiz

Casper telt de parkeerplaatsen. Er zijn 537 parkeerplaatsen. 289 plaatsen zijn al bezet. Hoeveel lege plaatsen zijn er nog?
A
347
B
249
C
248
D
348

Slide 20 - Quiz