Les 5 - Gesprek met jeugdige

Welkom! 
Je hebt vandaag een potlood, papier en evt. gekleurde potloden/stiften nodig. 

Camera aan? Microfoon uit? Dan kunnen we starten! 
1 / 12
next
Slide 1: Slide
WelzijnMBOStudiejaar 3

This lesson contains 12 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Welkom! 
Je hebt vandaag een potlood, papier en evt. gekleurde potloden/stiften nodig. 

Camera aan? Microfoon uit? Dan kunnen we starten! 

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Programma 
  • Vorige les 
  • Gesprekstechnieken (valkuilen)
  • Korte oefening (doorvragen) 
  • Aan de slag met doorvragen
  • Afsluiting 

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Vorige les 
  • LSD
  • OEN
  • NIVEA
  • OMA 

Slide 3 - Slide

OEN = Open, Eerlijk, Nieuwsgierig
LSD = Luisteren, Samenvatten, Doorvragen
NIVEA = Niet Invullen Voor Een Ander
OMA = Opvattingen, Meningen en Adviezen
Gesprekstechnieken 
  • Reflecteren op eigen
     handelen 
  • Bewust zijn van je eigen
      motieven 

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Valkuilen (de 'helper') 
  • Je wilt het probleem oplossen
  • Je reikt oplossingen aan i.p.v. te onderzoeken 
  • Vragen als: ‘Hebt u al …? Zou je niet …?’ zijn geen open vragen maar verkapte oplossingen die je aanreikt.

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Ongeduld (te snel willen) 
Tevreden met korte antwoorden (door naar volgende vraag, snel door naar oplossing = valkuil) 

  • Belangrijk is dat je het gesprek open in gaat.
  • Je verkent het probleem, neemt hier de tijd voor. 
  • Gesprek hoeft niet altijd een 'oplossing' te bieden. 


Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Professionele afstand & spontaniteit 
  • Professionele afstand bewaren
  • Spontaniteit behouden 

Indien je teveel meegaat in de emoties kun je minder objectief zijn. Als dit te krampachtig wordt, verlies je spontaniteit. 

 

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Vooronderstelling & oordelen 
Je denkt van tevoren al te weten hoe het gesprek gaat verlopen. Je stelt hierdoor sturende vragen in de richting waarvan jij hebt bedacht dat het gesprek gaat lopen. 

Je oordeelt door goed- of afkeuring te geven over een situatie. Hierdoor verdwijnt openheid. 

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Oefening (doorvragen) 
  • Denk aan alle tips & valkuilen die we net hebben besproken 

Doorvragen (verkennende vragen): 
  • Hoe bedoel je, een verschil van mening?
  • Hoe komt het dat het zo snel is gelukt?
  • Wat kun je daarover nog meer vertellen?

 

Slide 9 - Slide

Opdracht: 

Ik ben een jongere. Ik kom bij de begeleiding met een probleem. Het gaat niet goed op school. Hoe komt dit? 
(gepest) Explorerend/verkennende vragen. 
Casus 
Casus 1: 
Je werkt op een woongroep voor jongeren als begeleider. Eén van de jongeren, Thijs (16), is de hele week al mopperig op de begeleiding. Hij heeft vorige week ruzie gehad met zijn moeder, je weet niet waarover. 

Casus 2: 
Je werkt op een school voor voortgezet speciaal onderwijs. Anne (15) is vorige week niet op school geweest. Je hebt een gesprek met Anne gepland om dit te bespreken. 

Slide 10 - Slide

Neem je zelf voor: waar wil je dat de ander op gaat letten? Wat is een doel voor jou tijdens dit gesprek? De observator gaat jou hier feedback op geven.  

Feedback gaan we straks uitwisselen! 
Wat heb je geleerd of welke tip heb je gekregen n.a.v. de casus?

Slide 11 - Open question

This item has no instructions

Als de les van vandaag een gerecht zou zijn. Welk gerecht zou het zijn en waarom? (ook eigen inzet)

Slide 12 - Open question

This item has no instructions