Formatieve toetsen H4 Lucht

1 / 18
next
Slide 1: Interactive video with 5 slides
NatuurkundenaskMiddelbare schoolmavoLeerjaar 2

This lesson contains 18 slides, with interactive quizzes and 3 videos.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

5

Slide 1 - Video

02:19
De klimmer heeft een masker op.
Wat ademt hij daarmee in?

Slide 2 - Open question

02:32
De klimmers bereiken bijna de top van de Mount Everest. Daar is de lucht heel ijl.
Wat betekent dat?
(meerdere antwoorden mogelijk)
A
De lucht is heel 'dun'
B
Er is weinig zuurstof aanwezig
C
Er zijn weinig moleculen aanwezig
D
De dichtheid van de lucht is laag

Slide 3 - Quiz

02:55
Hoeveel zuurstof is er op deze hoogte nog aanwezig (ten opzichte van zeeniveau)?
A
10%
B
30%
C
50%
D
70%

Slide 4 - Quiz

03:02
Hoe heet de laag lucht
rondom de aarde?

Slide 5 - Open question

03:16
Tot welke hoogte boven zeeniveau kunnen mensen leven (zonder hulpmiddelen)?
A
3 km
B
4 km
C
5 km
D
6 km

Slide 6 - Quiz

4

Slide 7 - Video

00:39
Hoe heet het meetinstrument dat Joey gebruikt om de band op te pompen?

Slide 8 - Open question

00:48
De bandenspanning meet 1,9.
Welke grootheid vergeet Joey te vermelden? 1,9 [.....]

Slide 9 - Open question

01:02
De gemeten druk in de band is 1,9 bar.
Wat is werkelijke druk in de band?

Slide 10 - Open question

01:05
Hoe heet deze druk?
A
Absolute druk
B
Atmosferische druk
C
Onderdruk
D
Overdruk

Slide 11 - Quiz

6

Slide 12 - Video

00:08
Waar bestaat een wolk uit?

Slide 13 - Open question

00:22
Wolken ontstaan als water in de atmosfeer
van fase verandert.
In welke fase kan een wolk zijn? (meerdere antwoorden mogelijk)
A
Gas
B
Vloeistof
C
Vaste stof
D
Vloeistof + vaste stof

Slide 14 - Quiz

00:37
Hoe meer waterdamp de lucht bevat, des te [..........] ligt het dauwpunt.
Vul het juiste antwoord in.
A
lager
B
hoger
C
verder
D
beter

Slide 15 - Quiz

00:56
Stapelwolken ontstaan door convectiestroming in de lucht.
Wat is dat?
A
Stroming door temperatuurverschil
B
Stroming door luchtdrukverschil
C
Stroming door hoogteverschil
D
Stroming door tijdsverschil

Slide 16 - Quiz

01:26
Wat wordt hier bedoeld met mist?
A
Wolken die het niet goed doen
B
Wolken die opstijgen
C
Wolken net boven de grond
D
Wolken die uit elkaar vallen

Slide 17 - Quiz

03:03
Wat hoort bij elkaar? 

Sleep de blauwe antwoorden naar de juiste plek
Hagel
Mooi-
weerwolk
Regen
Warme
lucht
Koude
lucht
IJskoude lucht

Slide 18 - Drag question