thema 3 - les 1 - introductie

Nederland ontdekken

1 / 28
next
Slide 1: Slide
New lesson editorNT2ISK

This lesson contains 28 slides, with interactive quizzes and text slides.

Report this lesson

Items in this lesson

Nederland ontdekken

Open de les met het thema Nederland: plaatsen herkennen, benoemen en erover praten in eenvoudige maar volledige zinnen.

Lesdoel

Ik kan vertellen in welke provincie en stad ik woon en vertellen welke provincies en steden ik ken of heb bezocht.

Succescriteria

Aan het einde van de les kan ik:

  • zeggen in welke provincie ik woon;

  • de hoofdstad van mijn provincie noemen;

  • vertellen welke provincies/steden ik heb bezocht;

  • vertellen waar ik graag naartoe wil;

  • minstens 5 provincies en 5 hoofdsteden benoemen.

This item has no instructions

Waar in Nederland woon jij?

Waar in Nederland woon jij?

  • In welke stad woon je?

  • In welke provincie ligt jouw stad?

  • Weet je wat de hoofdstad van deze provincie is?

Ik woon in …
Mijn stad ligt in …
… ligt in de provincie …
De hoofdstad van … is …

Gebruik deze dia als rustige start van het thema. Licht de woorden stad, provincie en hoofdstad kort toe als dat nodig is.

Provincie of stad?

Stad

Provincie

Een stad ligt in een provincie.



Voorbeelden:

  • Arnhem

  • Maastricht

  • Leeuwarden

Een provincie is een groter gebied in Nederland.


Voorbeelden:

  • Gelderland

  • Limburg

  • Friesland

Gebruik op dit moment 8–10 woorden uit de les en laat leerlingen horen waarom iets een provincie of een stad is.

Kaart van Nederland

  1. Noord-Holland.

  2. Limburg .

  3. Groningen .

  4. Zeeland.

  5. Friesland.

  6. Drenthe

  7. Gelderland.

  8. Utrecht

  9. Flevoland.

  10. Noord-Brabant.

  11. Zuid-Holland

  12. Overijssel .

De kaart zelf staat niet in de slide-inhoud; deze dia ondersteunt de uitleg bij het invullen van de kaart.

Kaart van Nederland

Gemeentes

This item has no instructions

Kaart van Nederland in je schrift


🗺️ Nederland op de kaart


Stap 1: Plak de kaart in je schrift.
Stap 2: Schrijf in elke provincie, met een gekleurde pen, de juiste naam .
Stap 3: Schrijf bij elke stip de juiste provinciehoofdsteden erbij.




Je mag je buurman/buurvrouw helpen.

10

minute

00

second

Moeilijk? Kijk op p. 75 van je boek.

Leg kort uit dat een vervolgvraag het gesprek langer en interessanter maakt.

Spreken

Bespreek onderstaande vragen.

1 In welke provincie woon je? Ben je weleens in de hoofdstad van je provincie geweest? Wat weet je over de hoofdstad van je provincie?


2 In welke Nederlandse provincies ben je geweest? Wat heb je daar gezien en gedaan?


3 Welke provinciehoofdsteden heb je bezocht? Wat heb je daar gezien en gedaan? Wat vind je van deze steden?


4 Welke provincie of welke stad wil je nog graag bezoeken? Waarom?

Verwijs hier expliciet naar de vijf vragen van opdracht 1. De precieze vragen hoeven niet op de slide te staan als ze in het boek of werkblad staan.

Taalhulp: zo zeg je het

Kijk naar de taalhulp op p. 75


Wat valt je op?

Model de zinnen eerst mondeling met één of twee voorbeelden, bijvoorbeeld: 'Ik woon in Zwolle. Zwolle ligt in de provincie Overijssel.'

Provinciechallenge

Laat zien wat je al weet.


  • Herken provincies en steden

  • Denk aan hoofdsteden

  • Gebruik wat je hebt gezien en gehoord

De vijf quizvragen staan waarschijnlijk in een apart document of mondelinge instructie. Daarom blijft deze dia algemeen maar wel duidelijk gekoppeld aan het lesdoel.

in welke kleur ligt zeeland? (friesland: groen 1)

30

second

A

geel

B

groen 2

C

blauw

D

groen 1

This item has no instructions

in welke kleur ligt Drenthe?

30

second

A

groen 1

B

donker blauw

C

oranje

D

licht paars

This item has no instructions

in welke kleur ligt Friesland?

30

second

A

groen 1

B

licht groen

C

paars

D

licht rood

This item has no instructions

in welke kleur ligt Noord-Brabant?

30

second

A

oranje

B

groen 2

C

donker blauw

D

geel

This item has no instructions

in welke kleur ligt Gelderland?

30

second

A

groen

B

licht roze

C

oranje

D

geel

This item has no instructions

in welke kleur ligt Limburg?

30

second

A

groen 1

B

roze

C

licht blauw

D

oranje

This item has no instructions

in welke kleur ligt Groningen?

30

second

A

licht roze

B

licht rood

C

licht paars

D

donker blauw

This item has no instructions

in welke kleur ligt Noord-Holland?

30

second

A

licht blauw

B

donker blauw

C

blauw

D

groen 2

This item has no instructions

in welke kleur ligt Overijsel?

30

second

A

ligt paars

B

groen

C

donker blauw

D

licht blauw

This item has no instructions

in welke kleur ligt Zuid-Holland?

30

second

A

oranje

B

licht paars

C

roze

D

licht blauw

This item has no instructions

in welke kleur licht Flevoland?

30

second

A

geel

B

oranje

C

roze

D

licht paars

This item has no instructions

in welke kleur licht Utrecht?

30

second

A

groen 2

B

licht groen

C

paars

D

groen 1

This item has no instructions

This item has no instructions

Afsluiten

Laat eventueel één voorbeeld voordoen, zodat leerlingen weten hoe kort hun notities mogen zijn.

Welke provincie zou jij nog eens willen bezoeken? Waarom?

Over welke provincie wil je meer weten?

Afsluiten

Ik kan vertellen in welke provincie en stad ik woon en vertellen welke provincies en steden ik ken of heb bezocht.

Thema 3 weer en geografie | Quizlet


Laat eventueel één voorbeeld voordoen, zodat leerlingen weten hoe kort hun notities mogen zijn.

Wat heb jij vandaag geleerd over Nederland?

This item has no instructions

Wat vond jij het moeilijkst in deze les?

This item has no instructions

Woordenlijst

stad - een plaats waar veel mensen wonen

provincie - een deel van Nederland met meerdere steden en dorpen

hoofdstad - de belangrijkste stad van een provincie of van een land

kaart - een tekening waarop je plaatsen en gebieden ziet

bezoeken - naar een plaats gaan om die te zien

kennen - weten welke plaats het is of er iets over weten

wonen - op een plek leven en daar je huis hebben

This item has no instructions