Spelling H2.1: Meervoud

Lesdoel
Na de les van vandaag kun je:
- het meervoud van zelfstandig naamwoorden goed spellen
1 / 35
next
Slide 1: Slide
HandelMBOStudiejaar 1

This lesson contains 35 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Lesdoel
Na de les van vandaag kun je:
- het meervoud van zelfstandig naamwoorden goed spellen

Slide 1 - Slide

Zelfstandig naamwoord
Weet jij wat een zelfstandig naamwoord is? 

Slide 2 - Slide

Weet jij wat een zelfstandig naamwoord is?

Slide 3 - Mind map

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

Wat is het meervoud van OLIFANT?
A
olifantjes
B
olifantje
C
olifanten
D
olifantten

Slide 8 - Quiz

Slide 9 - Slide

Wat is het meervoud van MAN?
A
manen
B
mannen
C
mannetje
D
mannetjes

Slide 10 - Quiz

Slide 11 - Slide

Wat is het meervoud van VRAAG?
A
vraagje
B
vraagjes
C
vraagen
D
vragen

Slide 12 - Quiz

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Slide

Wat is het meervoud van BRIEF?
A
briefen
B
brieven

Slide 15 - Quiz

Wat is het meervoud van LUIS?
A
luizen
B
luisen

Slide 16 - Quiz

Slide 17 - Slide

Waar ligt de klemtoon van GENIE?
A
ge
B
nie

Slide 18 - Quiz

Hoe schrijf je het meervoud van GENIE?

Slide 19 - Open question

Waar ligt de klemtoon van MELODIE?
A
me
B
lo
C
die

Slide 20 - Quiz

Hoe schrijf je het meervoud van MELODIE?

Slide 21 - Open question

Waar ligt de klemtoon van CEREMONIE?
A
ce
B
re
C
mo
D
nie

Slide 22 - Quiz

Hoe schrijf je het meervoud van CEREMONIE?

Slide 23 - Open question

Slide 24 - Slide

Slide 25 - Slide

Slide 26 - Slide

Slide 27 - Slide

Hoe schrijf je het meervoud van PARAPLU?

Slide 28 - Open question

Hoe schrijf je het meervoud van LOLLY?

Slide 29 - Open question

Hoe schrijf je het meervoud van CAFÉ?

Slide 30 - Open question

Slide 31 - Slide

Slide 32 - Slide

Slide 33 - Slide

Slide 34 - Slide

Slide 35 - Slide