Goniometrie 3 TL

Goniometrie
1 / 47
next
Slide 1: Slide
WiskundeMiddelbare schoolvmbo k, t, mavoLeerjaar 3,4

This lesson contains 47 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Goniometrie

Slide 1 - Slide

Goniometrie
Sinus, cosinus, tangens en pythagoras alleen in rechthoekige driehoeken
Bij verhaaltjessommen maak je áltijd een schets
Reken met onafgeronde getallen
Rond je eindantwoord goed af, vermeldt eenheden 

Slide 2 - Slide

Rechthoekige driehoek
rechthoekszijde
Schuine zijde
rechthoekszijde
A
B
C
Schuine zijde is altijd tegenover de rechte hoek, 

De rechthoekszijden zitten aan de rechte hoek vast

Slide 3 - Slide

Rechthoekige driehoek
A
B
C
Vanuit LB:
BC is de schuine zijde
AC is de overstaande rechthoekszijde
AB is de aanliggende rechthoekszijde
a
S
o

Slide 4 - Slide

Rechthoekige driehoek
A
B
C
Vanuit LC:
BC is de schuine zijde
AB is de overstaande rechthoekszijde
AC is de aanliggende rechthoekszijde
o
L
a

Slide 5 - Slide


De schuine zijde is:
A
AB
B
BC
C
AC

Slide 6 - Quiz


De rechthoekszijden zijn:
A
AB
B
BC
C
AC

Slide 7 - Quiz


Vanuit LA
overstaande zijde is:
A
AB
B
BC
C
AC
D
kan niet

Slide 8 - Quiz


Vanuit LB
overstaande zijde is:
A
AB
B
BC
C
AC
D
kan niet

Slide 9 - Quiz


Vanuit LC
overstaande zijde is:
A
AB
B
BC
C
AC
D
kan niet

Slide 10 - Quiz


Vanuit LC
aanliggende zijde is:
A
AB
B
BC
C
AC
D
kan niet

Slide 11 - Quiz


Vanuit LB
aanliggende zijde is:
A
AB
B
BC
C
AC
D
kan niet

Slide 12 - Quiz


Vanuit LA
aanliggende zijde is:
A
AB
B
BC
C
AC
D
kan niet

Slide 13 - Quiz

toa sos cas
tangens=aanliggendezijdeoverstaandezijde
sinus=schuinezijdeoverstaandezijde
cosinus=schuinezijdeaanliggendezijde
t=aotoa
s=sosos
c=sacas

Slide 14 - Slide

tangens
A
B
C
tanB=ao
tanB=ABAC

Slide 15 - Slide

sinus
A
B
C
sinB=so
sinB=BCAC

Slide 16 - Slide

cosinus
A
B
C
cosB=sa
cosB=BCAB

Slide 17 - Slide


tanA=
A
BCAB
B
ACBC
C
ACAB
D
ABBC

Slide 18 - Quiz


sinA
A
BCAB
B
ACBC
C
ACAB
D
ABBC

Slide 19 - Quiz


cosA
A
BCAB
B
ACBC
C
ACAB
D
ABBC

Slide 20 - Quiz


tanC
A
BCAB
B
ACBC
C
ACBC
D
ABBC

Slide 21 - Quiz


sinC
A
BCAB
B
ACBC
C
ACAB
D
ABBC

Slide 22 - Quiz


cosC
A
BCAB
B
ACBC
C
ACAB
D
ABBC

Slide 23 - Quiz


tanB
A
BCAB
B
ACBC
C
ACAB
D
ABBC

Slide 24 - Quiz

tan(B)=3218
shifttan(18:32)=29,357...
geeft B=29,357...°
Hoek berekenen met tangens
alleen bij een rechthoekige driehoek!
op de rekenmachine:
dusB29,4°
tan=aosin=socos=sa
_____

Slide 25 - Slide

Hoek berekenen met sinus
sinA=36,718
shiftsin(18:36,7)=29,371...
tan=aosin=socos=sa
geeftA=29,371...°
Σ
op de rekenmachine:
dusA29,4°

Slide 26 - Slide

 Hoek berekenen met cosinus
cosA=36,732
geeftA=29,351...°
tan=aosin=socos=sa
A=cos1(32:36,7)=29,315...
op de rekenmachine:
dusA29,4°

Slide 27 - Slide


Hoe bereken je hoek S?
























Hoe bereken je hoek S?




A
SOS
B
CAS
C
TOA
D
Pythagoras

Slide 28 - Quiz

Bereken hoek K.
A
tan-1(5:11)
B
tan-1(11:5)
C
tan (5:11)
D
tan(11:5)

Slide 29 - Quiz

Bereken hoek P?
A
67 graden
B
23 graden
C
10 graden
D
22 graden

Slide 30 - Quiz


Bereken hoek B
A
hoek B is 36,9 graden
B
hoek B is 37 graden
C
hoek B is 41,4 graden
D
hoek B is 41 graden

Slide 31 - Quiz

Om zijde LM te berekenen gebruik je
A
Sinus
B
Cosinus
C
Tangens
D
Pythagoras

Slide 32 - Quiz

Zijde AB kan je berekenen met:
A
Pythagoras
B
hoekensom (hoeken opgeteld 180 graden)
C
Gelijkvormige driehoeken
D
Goniometrie (SOSCASTOA)

Slide 33 - Quiz

Bereken hoek P?
A
67 graden
B
23 graden
C
10 graden
D
24 graden

Slide 34 - Quiz

Zijde berekenen met tangens
29°
tan29=32AB
AB=(tan29)32=17,737...
2=36
dusAB17,7
_____
tan=aosin=socos=sa
tanC=BCAB

Slide 35 - Slide

29°
Zijde berekenen met tangens
tan29=AB18
AB=18:(tan29)=32,472...
2=36
dusAB32,5
tan=aosin=socos=sa
tanC=BCAB

Slide 36 - Slide

 Zijde berekenen met sinus
29°
sin29=BC18
BC=18:(sin29)=37,127...
2=36
dusBC37,1
tan=aosin=socos=sa
?
sinC=BCAC

Slide 37 - Slide

 Zijde berekenen met sinus
29°
?
sinB=BCAC
AC=36,7(sin29)=17,792...
2=36
dusAC17,79
tan=aosin=socos=sa
sin29=36,7AC

Slide 38 - Slide

 Zijde berekenen met cosinus
?
29°
cosC=ACBC
2=36
AC=32:(cos29)=36,587...
tan=aosin=socos=sa
dusAC35,6
cos29=AC32

Slide 39 - Slide

 zijde berekenen met cosinus
?
29°
cosC=ACBC
BC=(cos29)36,7=32,098...
2=36
dusBC32,10
tan=aosin=socos=sa
cos29=36,7BC

Slide 40 - Slide

Zijde AB kun je berekenen met:
A
Pythagoras
B
Tangens

Slide 41 - Quiz

Voor het berekenen van
zijde ZY gebruik ik
A
Tangens
B
Sinus
C
Cosinus

Slide 42 - Quiz

Zijde AB kan je berekenen met:
A
Pythagoras
B
sinus
C
cosinus
D
tangens

Slide 43 - Quiz

Wat heb je nodig om deze zijde te berekenen?
A
sin(∠F)
B
sin(∠E)
C
cos(∠F)
D
cos(∠E)

Slide 44 - Quiz

Je wil zijde BC berekenen.
Welke berekening klopt?
A
12 : sin(36)
B
12 x sin(36)
C
sin-1(12 : 36)
D
12 : 36

Slide 45 - Quiz

Om zijde BC te berekenen gebruik je
A
tan(30)=50BC
B
tan(50)=BC30
C
tan(30)=BC50
D
tan(50)=30BC

Slide 46 - Quiz

Goniometrie
  • Sinus, cosinus, tangens en pythagoras alleen in rechthoekige driehoeken
  • Bij verhaaltjessommen maak je áltijd een schets
  • Reken verder met niet afgeronde getallen
  • Rond je eindantwoord goed af, vermeldt eenheden 

Slide 47 - Slide