Domein 4.1 Homeostase

Domein 4.1 Homeostase
Regelkring (norm, terugkoppeling), hormoonstelsel en zenuwstelsel in andere les.
1 / 36
next
Slide 1: Slide
BiologieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 6

This lesson contains 36 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Domein 4.1 Homeostase
Regelkring (norm, terugkoppeling), hormoonstelsel en zenuwstelsel in andere les.

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Slide

Longen

Slide 3 - Slide

Ademhalingsstelsel
Longen + luchtwegen (Binas tabel 83A)

Gaswisseling: O2 + CO2

Bescherming via neus:
  • Neusslijmvlies met trilhaarepitheel -> slijm producerende cellen (vochtig) en trilhaarcellen
  • Bloedvaten = verwarmen lucht
  • Zintuigcellen  = geur keuren

Slide 4 - Slide

Homeostase
Handhaving = aanvoer O2 en afvoer CO2

DIFFUSIE! 
  • pO2 = alveolaire lucht naar vocht naar bloedplasma longhaarvaten
  • pCO2 = bloedplasma naar alveolaire vocht naar lucht
  • pN2 = evenwicht

Slide 5 - Slide

De wet van Fick
n wordt groter als:
  • D groter wordt
  • A groter wordt
  • deltaC groter wordt
  • deltaX kleiner wordt

Slide 6 - Slide

Transport van zuurstof
Ve

Verzadigd: Hb heeft maximale hoeveelheid O2 gebonden

Diffusie:
  • Longblaasjes -> bloedplasma
  • Bloedplasma -> weefselvloeistof -> cellen

Slide 7 - Slide

Verzadigingskromme (Binas 83D)









Dus Hb-O2 -> Hb-H + O2

Wet van Bohr:  door een hogere temperatuur, hogere pCO2 (en meer H+) of lagere pH = makkelijker O2 vrijmaken -> nuttig bij activiteit.



Slide 8 - Slide

Binas tabel 83E

Slide 9 - Slide


De druk in de ruimte tussen longvlies en borstvlies (interpleurale ruimte) is lager dan de druk van de buitenlucht.

Slide 10 - Slide

Ademhaling
Borstademhaling: het bewegen van je ribben en borstbeen met behulp van tussenribspieren.
Buikademhaling: het bewegen van je middenrif met behulp van de  middenrifspieren.

Ze gebeuren meestal tegelijk

Slide 11 - Slide

Inademen
  1. De ribben gaan omhoog en het middenrif gaat naar beneden en wordt plat (aanspannen spieren).
  2. Volume borstholte wordt groter.
  3. Volume longen worden ook groter.
  4. Luchtdruk longen wordt hierdoor lager dan luchtdruk buitenlucht
  5. Lucht stroomt je longen binnen: je ademt in. 

Slide 12 - Slide

Uitademen
  1. De ribben gaan naar beneden en het middenrif wordt bol (ontspannen spieren).
  2. Volume borstholte wordt kleiner.
  3. Volume longen worden ook kleiner.
  4. Luchtdruk longen wordt hierdoor hoger dan luchtdruk buitenlucht
  5. Lucht stroomt je longen uit: je ademt uit. 

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Slide

Ademcentrum (hersenstam)
  • Regelt diepte en snelheid
  • Chemoreceptoren: pCO2 receptoren in hersenstam, wand halsslagaders en aorta 
  • Activiteit = hogere pCO2 = decectie door chemoreceptoren = impulsen via zenuwen naar ademcentrum = impulsen via zenuwen naar ademhalingsspieren = sneller en krachtiger samentrekken spieren = sneller en dieper ademhalen = kwijtraken CO2
Grote hoogte = lagere pO2, dus relatief hogere pCO2 = .....

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Slide

Lever

Slide 17 - Slide

De bouw (Binas 82D)
Heel veel, zeshoekige leverlobjes 
  • Poortader + leverslagader -> weefselvloeistof -> leverader
  • Galgang

Homeostase: constant intern milieu
  • Omzetting
  • Opslag
  • Uitscheiding


Slide 18 - Slide

Omzetten, afbreken en opslaan
Gal: water + galzuren + cholesterol + bilirubine
  • Emulgeren vetten en oliën
  • Via galgang naar galblaas en via galbuis in twaalfvingerige darm

Afbraak verouderde en beschadigde RBC
  • Afbraak Hb 
  1. = Bilirubine -> via galwegen = bruine ontlasting
  2. = IJzer -> gebonden aan eiwit ontstaat Ferritine -> opgaslagen in lever

Slide 19 - Slide

Omzetten, afbreken en opslaan
Eiwitstofwisseling
  • Aminozuren: dunne darm -> poortader -> lever 
  • Essentieel aminozuur -> transaminering -> niet-essentieel aminozuur = maken eiwitten mogelijk
  • Aminozuur -> desaminering -> afbraak tot restgroep (stikstofgroep afgesplitst en omgezet in Ammoniak en vervolgens in Ureum -> bloed -> nieren)
Binas tabel 67J

Slide 20 - Slide

Omzetten, afbreken en opslaan
Koolhydraatstofwisseling
  • Glucose <--> glycogeen
  • Insuline en glucagon (hormonen)

Vetstofwisseling
  • Niet-essentiële vetzuren gevormd uit andere vetzuren, aminozuren of monosachariden
  • Cholesterol vormen (mbv acetyl-CoA) -> omzetten in galzuren en vitamine D
Binas tabel 68E

Slide 21 - Slide

Omzetten, afbreken en opslaan
Plasma-eiwitten
  • Stollingsfactoren: fibrinogeen en protrombine
  • Albuminen: vocht aantrekken
  • Globulinen: bloedstolling en afweer

Opslag:
  • IJzer
  • Kalium, koper (mineralen)
  • Vitamine A, B12 en D

Slide 22 - Slide

Omzetten, afbreken en opslaan
Ontgiftigen: alcohol, drugs, medicijnen
= ontwerkzaam maken, afbraak en uitscheiding door nieren
= niet ontwerkzaam maken, dus opslag in lever, de huid en de haren (kwik, arsenicum)

- Bij alcohol: levercirrose (bindweefsel met vet)

Slide 23 - Slide

Nieren

Slide 24 - Slide

De bouw
  • Nierslagaders: aanvoer bloed met zuurstof, voedingsstoffen, maar ook: overtollige en schadelijke stoffen
  • Nieraders: afvoer gezuiverd bloed terug in stelsel

  1. Nierschors: maken urine
  2. Niermerg: maken urine
  3. Nierbekken: opslag urine

Urineleider -> blaas -> buis -> urine = water, zouten en schadelijke stoffen (uit bloed)

Binas tabel 85A


Slide 25 - Slide

Nefronen
Niereenheid: in nierschors en niermerg ongeveer 1.000.000 per nier 

  • Glomerulus
  • Kapsel van Bowman
  • Twee gekronkelde delen
  • Lis van Henle
  • Verzamelbuis

Binas tabel 85C

Slide 26 - Slide

100% = 180 L

Ultrafiltratie: alleen kleine moleculen kunnen door de gaatjes heen (dus niet: eiwitten en bloedcellen)

Terugresorptie: nuttige stoffen, zoals: water, zouten, glucose en aminozuren

0,5% = 1.5 L

Slide 27 - Slide

Nefronen
Diameter aanvoerend slagadertje >> afvoerend slagadertje = HOGE BD = bloedplasma wordt in nierkapsels geperst

  • Voorurine: vocht in nierkapsels, bevat o.a. glucose, ionen (Na, Cl, Ca, K) en ureum
  • Urine: nuttige stoffen (zoals: water, glucose, aminozuren) eruit gehaald = terugresporptie (actief transport)
  • Osmotische waarde niermerg > nierschors = water onttrekking aan (voor)urine in verzamelbuisjes

Binas tabel 85B

Slide 28 - Slide

Filtratie-resorptie = uitscheiding
1e gekronkelde deeltje: 80% terugresorptie

Hogere osmotische waarde = H2O uit voorurine -> weefselvloeistof -> haarvaten
-> hogere concentratie Ureum

Lis van Henle
  • Afdalend: lage naar hoge concentratie
  • Oplopend: hoge naar lage concentratie
  • = sterk geconcentreerde urine productie

2e gekronkelde deeltje:
  • Aldosteron: actief transport Na+-ionen van voorurine naar weefselvloeistof & K+-ionen naar voorurine -> 3Na/2K = netto hogere zoutconcentratie in bloed = hogere BD

Slide 29 - Slide

ADH
anti plas hormoon

Slide 30 - Slide

Homeostase waterhuishouding

ADH: doorlaatbaarheid celmembranen tweede gekronkelde deel en verzamelbuisje laten toenemen  = meer water richting bloed, dus minder plassen

pH constant houden: bufferstoffen met invloed op aantal H+ & ademfrequentie aanpassen

Slide 31 - Slide

Regeling pH
H+-ionen tekort = alkalose = te hoge pH
H+-ionen overmaat = acidose = te lage pH

Wordt opvangen door:
  • Ademfrequentie aanpassen (alkalose = minder CO2 afgifte en acidose = meer CO2 afgifte)
  • Plasma-eiwitten
  • Buffers: 
  1. Hemoglobine
  2. Natriumwaterstofcarbonaat (NaHCO3)

Slide 32 - Slide

Huid

Slide 33 - Slide

Je huid heeft drie functies:
1. Je lichaam op temperatuur houden
2.Bescherming tegen vuil en ziekteverwekkers
3. Bescherming tegen de zon

Slide 34 - Slide

De huid bestaat uit drie lagen:
Opperhuid
  • Hoornlaag - dode epitheelcellen: beschermt tegen beschadiging, uitdroging en infecties
  • Kiemlaag - vult door celdeling van binnenuit aan + pigmentcellen --> ongecontroleerde celdeling = huidkanker

Lederhuid: spieren, talgklieren, zweetklieren, bloedvaten, zintuigen en haarzakjes met haren

Onderhuids bindweefsel: bloedvaatjes, zenuwen en opslag van vet


Binas tabel 87A

Slide 35 - Slide

Slide 36 - Slide