Stomazorg

Stomazorg
1 / 24
next
Slide 1: Slide
VerpleegkundeHoger onderwijs

This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

Items in this lesson

Stomazorg

Slide 1 - Slide

Waar denk je aan bij het woord 'stoma'?

Slide 2 - Mind map

Wat is een stoma?
  • Kunstmatige uitgang in de buikwand voor verwijderen van urine en stoelgang
  • Rood en vochtig
  • Geen zenuwuiteinden -> geen gevoel 
  • Veel kleine bloedvaatjes

Slide 3 - Slide

Soorten stoma's
  1. links op het lichaam, vastere stoelgang
  2. rechts op het lichaam, meer lopende stoelgang
  3.  op de urinewegen, urine

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Video

Slide 6 - Video

houdt de randen van de huidplaat op zijn plaats
Vormt een afdichting tussen stoma en huidplaat 
vult grote en kleine huidplooien en zorgt ervoor dat de stoma nauw aansluit op het opvangmateriaal
Zorgt voor eenvoudige verwijdering
Zorgt voor bescherming tegen ontlasting en huidplaat
Houdt de huid droog en vermindert irritatie
Houdt de huidplaat op zijn plaats

Slide 7 - Drag question

Voeding en stoma
Colostoma
  • Werkt meestal als een 'normale' dikke darm -> voeding heeft minder invloed.
  • Vezels geleidelijk aan opbouwen
  • Gasvorming door: kool, ui, bonen, koolzuurhoudende dranken en bier.

Slide 8 - Slide

Ileostoma
  • Meer kans op veel en dunne stoelgang -> kans op uitdroging
  • Eten goed kauwen om verstopping te voorkomen
  • 5 kleine maaltijden is beter dan 1 grote en een paar kleinere

Slide 9 - Slide

Urostoma
  • Drink minstens 2L
  • Cranberrysap helpt soms tegen geur en blaasontstekingen (CAVE nierproblemen)
  • Vermijd te veel eiwitrijke voeding bij nierproblemen

Slide 10 - Slide

Voedingsmiddelen om mee op te letten
  • Maïs, pinda's, noten, kokos, rauwe groenten kunnen verstopping veroorzaken
  • Scherpe kruiden kunnen de huid rond de stoma irriteren
  • Alcohol en cafeïne stimuleren de darmbeweging

Slide 11 - Slide

Omgaan met psychosociale aspecten
  • Impact op zelfbeeld, sociale relaties en ADL

  • Creëer vertrouwen en veiligheid
  • Signaleer emoties en psychosociale behoeften
  • Informeer en geef voorlichting
  • Stimuleer zelfzorg en zelfstandigheid
  • Maak sociale en emotionele thema's bespreekbaar
  • Schakel hulp in waar nodig

Slide 12 - Slide

Voorbeeldzinnen
  • Wat vindt u op dit moment het moeilijke aan het hebben van een stoma?
  • Zijn er dingen waar u zich zorgen om maakt?
  •  Wat gaat er juist goed of makkelijker dan verwacht?
  • Hoe gaat het voor u om te leven met een stoma?
  • Zijn er dingen die u lastig vindt in de verzorging of het gebruik van de stoma?
  • Hoe lukt het om om te gaan met reacties van anderen?

Slide 13 - Slide

  • Gebruik open vragen, laat stiltes toe en erken emoties ('ik hoor dat het soms zwaar voor u is')
  • Vermijd te snel advies te geven, tenzij de patiënt er expliciet om vraagt
  • Pas je taalgebruik aan (bvb. zakje ipv stoma of andersom) 

Slide 14 - Slide

Verpleegkundige verwittigen
Verpleegkundige niet nodig

Slide 15 - Drag question

Slide 16 - Slide

Wat is belangrijk bij stoma verzorging?
A
Altijd een riem dragen.
B
Ongeveer eens per jaar controleren.
C
Hygiëne en huidbescherming.
D
Geen water gebruiken.

Slide 17 - Quiz

Hoe vaak moet een stoma worden geleegd?
A
Elke 5 minuten.
B
Een keer per maand.
C
Afhankelijk van de persoon en de voeding.
D
Alleen 's nachts.

Slide 18 - Quiz

Kan je zwemmen met een stoma?
A
Ja
B
Neen

Slide 19 - Quiz

Hoe plak je een nieuwe huidplaat?
A
Van boven naar onder
B
Met de klok mee
C
Van onder naar boven
D
Tegen de klok in

Slide 20 - Quiz

Wat doe je niet bij huidirritaties?
A
De huid goed droog föhnen
B
Barrière crème gebruiken
C
De huid reinigen met lauwwarm water
D
De opening van de huidplaat passend aan de stoma maken

Slide 21 - Quiz

Urostoma
Colostoma
Ileostoma

Slide 22 - Drag question

Schrijf 1 vraag op over iets dat je nog niet zo goed begrepen hebt

Slide 23 - Open question

Schrijf 1 ding op waar je graag meer over zou willen weten

Slide 24 - Open question