Spelling Groep 6 Staal Blok 1

Geef voorbeelden van een 'theewoord'
1 / 18
next
Slide 1: Mind map
SpellingBasisschoolGroep 6

This lesson contains 18 slides, with interactive quizzes.

Items in this lesson

Geef voorbeelden van een 'theewoord'

Slide 1 - Mind map

Geef voorbeelden van een 'colawoord'

Slide 2 - Mind map

Wat is het werkwoord:
Wij fietsen elke dag naar school.
A
wij
B
fietsen
C
dag
D
naar

Slide 3 - Quiz

Wat is het werkwoord:
Binnenkort gaan wij naar het circus
A
binnenkort
B
gaan
C
wij
D
circus

Slide 4 - Quiz

Geef voorbeelden van een 'kilowoord'

Slide 5 - Mind map

Geef voorbeelden van een 'taxiwoord'

Slide 6 - Mind map

Wat is het onderwerp:
In de tuin achter het huis spelen elke dag de kinderen van de buren.
A
In de tuin achter het huis
B
de kinderen van de buren
C
de kinderen
D
spelen

Slide 7 - Quiz

Wat is het wwg:
De juf heeft gisteren een spannend verhaal voorgelezen.
A
De juf
B
spannend
C
heeft
D
heeft, voorgelezen

Slide 8 - Quiz

Wat is de persoonsvorm:
De hond rent altijd vrolijk door het park.
A
De hond
B
vrolijk
C
rent
D
park

Slide 9 - Quiz

Welke woordsoort is 'bank':
Hopelijk krijgen we een nieuwe bank.
A
lidwoord
B
bijvoeglijk naamwoord
C
zelfstandig naamwoord
D
werkwoord

Slide 10 - Quiz

Welke woordsoort is 'nieuwe':
Hopelijk krijgen we een nieuwe bank.
A
lidwoord
B
bijvoeglijk naamwoord
C
zelfstandig naamwoord
D
werkwoord

Slide 11 - Quiz

Welke woord is een voegwoord?
A
lopen
B
want
C
onder
D
snel

Slide 12 - Quiz

Dictee woord 1

Slide 13 - Open question

Dictee woord 2

Slide 14 - Open question

Dictee woord 3

Slide 15 - Open question

Dictee woord 4

Slide 16 - Open question

Dictee woord 5

Slide 17 - Open question

Dictee woord 6

Slide 18 - Open question