This lesson contains 32 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.
Lesson duration is: 60 min
Items in this lesson
SLB
SMART DOELEN
Formuleren
Slide 1 - Slide
Lesdoelen
Aan het einde van de les kan jij in eigen woorden uitleggen:
Wat een SMART-(leer)doel inhoudt
Hoe je een SMART-(leer)doel kunt opstellen
Slide 2 - Slide
SMART doel
Slide 3 - Mind map
Leerdoel SMART
Specifiek
Meetbaar
Acceptabel
Realistisch
Tijd
Specifiek? Wat wil je precies bereiken? Maak het concreet! <div>Meetbaar? Hoe weet je dat je je doel bereikt hebt? </div><div>Acceptabel? Is dit doel aanvaardbaar,zie je het zitten? </div><div>Realistisch? Is het haalbaar? </div><div>Tijdsgebonden? Maak het concreet- noem een datum, hoeveel tijd heb je nodig?</div>
Slide 4 - Slide
Wat is voor jou het voordeel van werken met SMART doelen
Slide 5 - Open question
Waarom moeten doelen SMART geformuleerd worden?
A
Dat is slimmer
B
Het staat mooier
C
Om tussentijds te checken of je de goede dingen doet
D
Om te controleren of doelen behaald zijn
Slide 6 - Quiz
Slide 7 - Slide
Slide 8 - Video
Slide 9 - Slide
Slide 10 - Slide
Slide 11 - Slide
Slide 12 - Slide
Slide 13 - Slide
Slide 14 - Slide
Door elke dag een uurtje te fietsen wil ik na 10 weken 2,5 kilo afvallen.
A
Wel SMART geformuleerd
B
Niet SMART geformuleerd
Slide 15 - Quiz
Ik wil dat mevr. Jansen tijdens het ontbijt voldoende eet.
A
Wel SMART geformuleerd
B
Niet SMART geformuleerd
Slide 16 - Quiz
Bevat een SMART doel een eindtijd?
A
Ja
B
Nee
Slide 17 - Quiz
Op 1 december weeg ik 65 kg door 3x per week naar de sportschool te gaan en gezond te eten
A
Wel smart geformuleerd
B
Niet smart geformuleerd
Slide 18 - Quiz
Ik wil goed kunnen presenteren
A
Wel smart geformuleerd
B
Niet smart geformuleerd
Slide 19 - Quiz
Wat is een goed voorbeeld van een SMART doel?
A
Ondersteun Peter bij het zo spoedig mogelijk zelfstandig wonen
B
De begeleider helpt Wendy bij het uiten van haar emoties
C
Binnen 2 weken smeert Hannah zelfstandig haar boterham tijdens het ontbijt op de woongroep
D
Binnen 3 weken gaat Hans beter om met zijn emoties en wordt hij minder snel boos
Slide 20 - Quiz
Maak hier een SMART doel van: De student heeft alles af
Slide 21 - Open question
Voorbeeld SMART-doel
"Voor Nederlands heb ik de opdrachten van Hoofdstuk 1 volledig en correct afgerond binnen de gestelde deadline van 17 oktober."
Slide 22 - Slide
Maak hier een SMART doel van: Ik ga proberen feedback te vragen
Slide 23 - Open question
Voorbeeld SMART-doel
"Ik vraag minimaal drie keer per week actief feedback aan collega’s over mijn werkzaamheden en gebruik deze feedback om mijn prestaties binnen vier weken aantoonbaar te verbeteren."
Slide 24 - Slide
01:05
Leg in eigen woorden uit wat er wordt bedoeld met je (leer)doel 'specifiek' maken?
Slide 25 - Open question
01:24
Leg in eigen woorden uit wat er wordt bedoeld met je (leer)doel 'meetbaar' maken?
Slide 26 - Open question
01:43
Leg in eigen woorden uit wat er wordt bedoeld met je (leer)doel 'Acceptabel' maken?
Slide 27 - Open question
01:57
Leg in eigen woorden uit wat er wordt bedoeld met je leerdoel 'Realistisch' maken?
Slide 28 - Open question
Leg in je eigen woorden uit wat er wordt bedoeld met tijdsgebonden.
Slide 29 - Open question
Wees positief
Ik............. kan verklaren, benoemen ,begrijp ,pas toe, weet, heb inzicht in.
(doe-meet- actie woorden)
Actie werkwoorden maken je doel specifiek en meetbaar
Slide 30 - Slide
Opdracht
Stap 1. Formuleer nu zelf twee leerdoelen/ leervragen, hoeft nog niet SMART te zijn
Beantwoord de vragen en maak de leerdoelen SMART
Stap 2.
Bespreek je SMART leerdoel
met je buurman/buurvrouw
Slide 31 - Slide
Lesdoelen behaald?
Aan het einde van de les kan jij in eigen woorden uitleggen: