bijvoeglijke naamwoorden

slimmer
slim
slimst
1 / 11
next
Slide 1: Drag question
NederlandsLager onderwijs

This lesson contains 11 slides, with interactive quizzes.

Items in this lesson

slimmer
slim
slimst

Slide 1 - Drag question

leuker
leukst
leuk

Slide 2 - Drag question

mooi
mooier
mooist

Slide 3 - Drag question

gekst
gekker
gek

Slide 4 - Drag question

rijker
rijkst
rijk

Slide 5 - Drag question

bangst
bang
banger

Slide 6 - Drag question

beter
goed
best

Slide 7 - Drag question

lidwoord + zelfstandig naamwoord
(voorbeeld: de kat)

Slide 8 - Open question

Lidwoord + bijvoeglijk naamwoord + zelfstandig naamwoord
(voorbeeld: de toffe kat)

Slide 9 - Open question

Lidwoord + bijvoeglijk naamwoord + bijvoeglijk naamwoord + zelfstandig naamwoord
bijvoorbeeld: De toffe, speelse kat.

Slide 10 - Open question

Verzin nu zelf een zin
lidwoord + bijvoeglijk naamwoord + zelfstandig naamwoord

Slide 11 - Mind map