Startrekenen Vooraf - H9 Procenten - Les 2

De leerling kent de standaardmaten voor gewicht. (g en kg)

De leerling kan gewicht in grammen en kilogram op een analoge en digitale weegschaal aflezen, omrekenen en als kommagetal opschrijven.
1 / 24
next
Slide 1: Slide
RekenenPraktijkonderwijsLeerjaar 3

This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

De leerling kent de standaardmaten voor gewicht. (g en kg)

De leerling kan gewicht in grammen en kilogram op een analoge en digitale weegschaal aflezen, omrekenen en als kommagetal opschrijven.

Slide 1 - Slide

50%
A
de helft
B
een kwart

Slide 2 - Quiz

Hoeveel procent is gekleurd?
A
100%
B
25%
C
75%
D
50%

Slide 3 - Quiz

Hoeveel procent is gekleurd?
A
100%
B
25%
C
75%
D
50%

Slide 4 - Quiz

Hoeveel procent is gekleurd?
A
100%
B
25%
C
75%
D
50%

Slide 5 - Quiz

Hoeveel procent is gekleurd?
A
100%
B
25%
C
75%
D
50%

Slide 6 - Quiz

9.2 Percentages vergelijken
Je kunt percentages vergelijken als het totaal even groot is

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Slide


A
Zaal A
B
Zaal B

Slide 9 - Quiz


A
Pak A
B
Pak B

Slide 10 - Quiz


A
Telefoon A
B
Telefoon B

Slide 11 - Quiz

Slide 12 - Slide

De leerling kent de standaardmaten voor gewicht. (g en kg)

De leerling kan gewicht in grammen en kilogram op een analoge en digitale weegschaal aflezen, omrekenen en als kommagetal opschrijven.
9.3- Procenten en breuken 
Je kunt een percentage als een breuk schrijven.
Hieronder zie je de percentages en breuken bij elkaar.




les 2

Slide 13 - Slide

De leerling kent de standaardmaten voor gewicht. (g en kg)

De leerling kan gewicht in grammen en kilogram op een analoge en digitale weegschaal aflezen, omrekenen en als kommagetal opschrijven.
9.3- Procenten en breuken 
Wat weet je nog van breuken?
les 2

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Slide

De leerling kent de standaardmaten voor gewicht. (g en kg)

De leerling kan gewicht in grammen en kilogram op een analoge en digitale weegschaal aflezen, omrekenen en als kommagetal opschrijven.
9.3 - Rekenen met procenten 
Als je 10%, 20%, 25% of 50% van iets wilt uitrekenen, kun je bedenken door welk getal je moet delen.




les 2

Slide 17 - Slide

Slide 18 - Slide

Slide 19 - Slide

Slide 20 - Slide


Slide 21 - Open question


Slide 22 - Open question


Slide 23 - Open question


Slide 24 - Open question