saludos - begroetingen
Hola!
Buenos días.
(6 - 14 h)
Buenas tardes.
(14 - 20 h)
saludos - begroetingen
Hola!
Buenos días.
(6 - 14 h)
Buenas tardes.
(14 - 20 h)
1ste les:
Hoe zien Spaanse woorden eruit?
Welke woorden herken je?
Hoe klinken Spaanse woorden?
Vorige lessen? Cuéntame! Vertel me!
This item has no instructions
1a clase = primera clase
lezen, luisteren, schrijven, spreken, gesprekken
lezen --> schrijven
luisteren --> spreken
........... a la primera clase de español!
50 woorden
50 woorden in video
5 vaardigheden
vaardigheden combineren
woorden raden in context
lezen: woorden op papier herkennen
luisteren
vaardigheden combineren, op den duur ook
lezen --> uitspreken
luisteren --> schrijven
luisteren --> reageren
2a clase = segunda clase
Hola! Buenos días. ...
Adiós! Hasta luego.
cero, uno, dos ...
Mi número de teléfono es el ...
klinkers en medeklinkers
harde c, zachte c
h, ñ, v
...
begroeten
afscheid
getallen 0 - 20
Cuál es tu número de teléfono?
uitspraakregels
This item has no instructions
3a clase = tercera clase
Hola, soy ... Hola, me llamo ...
Cómo estás (tú)? Qué tal?
(Yo) estoy bien. Gracias.
(Yo) estoy muy bien.
Encantado/a de conocerte.
Adiós.
gesprekken: kennis maken
This item has no instructions
Preguntas (vragen) y Respuestas (antwoorden)
Cómo estás (tú)? -> ...
Cómo te llamas (tú)? -> ...
Cuál es tu número de teléfono? -> ...
This item has no instructions
gramática
zelfstandige naamwoorden
zijn woorden voor mensen, dieren, dingen of begrippen:
amigo, amiga, hipopótamo, máquina, amor
vriend, vriendin, nijlpaard, machine, liefde
This item has no instructions
vrouwelijke woorden
bicicleta
familia
fiesta
máquina
oficina
amiga
mannelijke woorden
aeropuerto
concierto
desierto
minuto
monumento
amigo
woorden op -o
woorden op -a
in het boek staan uitzonderingen
lidwoorden
In het Nederlands zijn er 3 lidwoorden: de, het, een
Voor het Nederlandse lidwoord een zijn er in het Spaans
twee mogelijkheden: un, una
een jongen = un chico
een meisje = una chica
een vriend = un amigo
een vriendin = una amiga
This item has no instructions
korte zinnen maken met: hay ...(= er is ...)
Hay un aeropuerto.
Hay un concierto.
No hay un museo.
Hay una bicicleta.
Hay una fiesta.
No hay una fábrica.
PRACTICAR
De meeste werkwoorden die op een -o eindigen zijn mannelijk.
De meeste werkwoorden die op een -a eindigen zijn vrouwelijk.
Deel de opdracht Hay + enkelvoud uit
Maar er zijn uitzonderingen!
korte zinnen maken met: hay ...(= er is ...)
Hay un animal.
Hay un hotel.
No hay un hospital.
Hay una estación.
Hay una introducción.
No hay una televisión.
Er zijn genoeg mannelijke woorden die niet op een -o eindigen. Onthouden!
Hoor je dat de mannelijke woorden die op een medeklinker eindigen de klemtoon op de laatste lettergreep hebben?
Oefening 02c hay + enkelvoud
Hay ...
singular / enkelvoud
Hay unos chicos.
Er zijn enkele jongens.
Hay unas chicas.
Er zijn enkele meisjes.
plural / meervoud
Hay un chico.
Er is een jongen.
Hay una chica.
Er is een meisje.
This item has no instructions
getal + ...
dos aeropuertos
tres conciertos
cuatro desiertos
cinco minutos
seis monumentos
getal + znw meervoud
getal + ...
siete bicicletas
ocho familias
nueve fiestas
diez máquinas
once oficinas
getal + znw meervoud
This item has no instructions
korte zinnen met: hay ...(= er zijn...)
Hay dos aeropuertos.
Hay tres conciertos.
Hay cuatro museos.
Hay cinco bicicletas.
Hay seis fiestas.
Hay siete fábricas.
Hay ... = er is ...
Hay ... = er zijn ...
oefening 02d hay + meervoud
This item has no instructions
un hotel =
mannelijk enkelvoud
vrouwelijk enkelvoud
mannelijk meervoud
vrouwelijk meervoud
This item has no instructions
un profesor =
mannelijk enkelvoud
vrouwelijk enkelvoud
mannelijk meervoud
vrouwelijk meervoud
This item has no instructions
una profesora
mannelijk enkelvoud
vrouwelijk enkelvoud
mannelijk meervoud
vrouwelijk meervoud
This item has no instructions
una ciudad
mannelijk enkelvoud
vrouwelijk enkelvoud
mannelijk meervoud
vrouwelijk meervoud
This item has no instructions
unos hospitales
mannelijk enkelvoud
vrouwelijk enkelvoud
mannelijk meervoud
vrouwelijk meervoud
This item has no instructions
Conversaciones
Preguntas
Sí, hay.
Sí, hay un elefante en la clase.
No, no hay.
No, no hay un elefante en la clase.
Sí hay.
Sí, hay un aeropuerto en Groningen.
No, no hay.
No, no hay un aeropuerto en Groningen.
Hay un elefante en la clase?
Hay un aeropuerto en Groningen?
Respuestas
Probeer te antwoorden met de lange versie.
Lees of beluister de vraag goed; een deel van de vraag heb je nodig voor het antwoord.
opdracht 02e
PRACTICAR
Hay un concierto esta noche (vanavond)?
Hay un hospital en el centro?
Hay un estadio de fútbol en Groningen?
Hay una fiesta aquí (hier)?
Hay un hotel en el centro?
Hay un/una artista en la clase?
Hay una oficina aquí?
This item has no instructions
grammatica: lidwoorden
In het Nederlands zijn er 3 bepaalde lidwoorden: de, het, een
Voor de Nederlandse lidwoorden de en het zijn er in het Spaans meerdere mogelijkheden:
de jongen, het meisje = el chico, la chica
de jongens, de meisjes = los chicos, las chicas
This item has no instructions
onbepaalde lidwoorden
un > unos
una > unas
un chico > unos chicos
una chica > unas chicas
un hotel > unos hoteles
una ciudad > unas ciudades
bepaalde lidwoorden
el > los
la > las
el chico > los chicos
la chica > las chicas
el hotel > los hoteles
la ciudad > las ciudades
enkele ...
een paar ....
Let op: na een klinker alleen -s (je plakt er dus niet -os of -as achter)
Let op: na een medeklinker alleen -es (je plakt er dus niet -os of -as achter)
This item has no instructions
Website: hardop oefenen
Doe eerst de online oefeningen en dan opdracht 02g enkelvoud en meervoud
Maak de opdrachten die bij de video horen
een paar nieuwe woorden; oefening
oefenen met lidwoorden:
Qué es esto?
Es un/una ...
Qué hay en ...?
En ... hay un/una ...