9.1 Gelijkvormigheid

1 / 18
next
Slide 1: Slide
WiskundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

This lesson contains 18 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

Planning van de les
  • Terugblik naar de leerdoelen van de vorige les
  • Uitleg leerdoelen deze les
  • Werken aan je huiswerk en eventuele vragen stellen

Slide 2 - Slide

Leerdoelen van de vorige les
  • Je kunt een vergelijking met een logaritme exact oplossen.
  • Je kunt een ongelijkheid met een logaritme oplossen.
  • Je kunt een verdubbelingstijd of een halveringstijd berekenen.



Slide 3 - Slide

Bereken de halveringstijd bij een procentuele afname van 6%.

Slide 4 - Open question


Slide 5 - Open question

Leerdoelen van deze les
Voorkennis H9
  • Je kunt onbekende zijden en hoeken uitrekenen in een rechthoekige driehoek (Pythagoras, sinus, cosinus, tangens)
  • Je kunt verschillende vormen van een vergelijking van een lijn herkennen.
Paragraaf 1
  • Je kunt gelijkvormigheid tussen twee figuren herkennen.
  • Je kunt gelijkvormigheid gebruiken om zijdes te berekenen




Slide 6 - Slide

Stelling van Pythagoras

Slide 7 - Slide

Ik wil hier meer uitleg over
A
Ja
B
Nee

Slide 8 - Quiz

SOL CAL TOA

Slide 9 - Slide

Ik wil hier meer uitleg over
A
Ja
B
Nee

Slide 10 - Quiz

Lijnen

Slide 11 - Slide

Ik wil hier meer uitleg over
A
Ja
B
Nee

Slide 12 - Quiz

Slide 13 - Slide

In △ABC is AB // DE.
Leg uit waarom △ABC en △DEC gelijkvormig zijn.

Slide 14 - Open question

Zet de zijden van de driehoeken in een verhoudingstabel en bereken daarmee DE en BC

Slide 15 - Open question

Slide 16 - Slide

Hoelang is lijnstuk BE?

Slide 17 - Open question

huiswerk voor de volgende les:
Zorg dat je de volgende leerdoelen beheerst:
Voorkennis H9
  • Je kunt onbekende zijden en hoeken uitrekenen in een rechthoekige driehoek (Pythagoras, sinus, cosinus, tangens)
  • Je kunt verschillende vormen van een vergelijking van een lijn herkennen.
Paragraaf 9.1
  • Je kunt gelijkvormigheid tussen twee figuren herkennen.
  • Je kunt gelijkvormigheid gebruiken om zijdes te berekenen

Maak hiervoor wat je nog niet beheerst van de voorkennis en de opgaven 3, 4, 6 en 7 van paragraaf 9.1





Slide 18 - Slide