Groepsdynamica

Interactievaardigheden
Begeleiden van onderlinge interacties

1 / 21
next
Slide 1: Slide
Pedagogisch werkMBOStudiejaar 3

This lesson contains 21 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 120 min

Items in this lesson

Interactievaardigheden
Begeleiden van onderlinge interacties

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Begeleiden van groepen

Slide 2 - Mind map

This item has no instructions

Groepsdynamica
''Groepsdynamica is de studie van het gedrag van mensen in groepen''.


Het proces dat zich in een groep afspeelt

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Wat is een groep?
-    Een groep bestaat uit minstens twee groepsleden.
-    De groepsleden in de groep hebben iets gemeenschappelijks.
-    De groepsleden in de groep kennen elkaar.
-    Ze hebben een (gezamenlijk) belang, doel of taak.


Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Van welke groep heb jij allemaal deel uit gemaakt? (denk aan school etc.)

Slide 5 - Open question

This item has no instructions

Basisbehoeften
1. Veiligheid door erbij te horen

2. Invloed hebben

3. Persoonlijk contact

Slide 6 - Slide

-    Veiligheid: Kinderen voelen zich veilig in een groep als men elkaar waardeert en respecteert.
-    Invloed: Een kind moet het gevoel hebben dat zij invloed hebben en een bijdrage kunnen leveren aan wat er gebeurt in de groep en dat er naar ze geluisterd wordt.
-    Persoonlijk contant: Als elk kind met anderen om kan gaan en een of meer vriendschappelijke contacten heeft in de groep.

Kinderen doen precies na wat ze een ander zien doen. Als PW-er en OA-er ben je een belangrijk voorbeeld. Kinderen willen lijken op iemand die ze aardig vinden of bewonderen. Als je een goede relatie met ze hebt, willen ze jou in alles nadoen. Daarom is het belangrijk dat jij je bewust van je eigen sociale gedrag. Als jij respectvol met anderen omgaat, zal een kind jouw voorbeeld volgen. Kinderen leren ook door de reacties die ze krijgen op hun gedrag. Laat aan een kind merken dat je het waardeert als het zich sociaal vaardig gedraagt. door de aanmoedigen en complimentjes die kinderen krijgen bij positief gedrag, laten ze dat gedrag vaker zien.

Welke vaardigheden zou jij als uitvoerder in kunnen zetten om in de praktijk een positieve groep te creëren?

Slide 7 - Open question

This item has no instructions

Voorbeelden hoe stimuleer ik een goede/fijne sfeer:
•    Begroet je omgeving altijd persoonlijk en noem personen bij hun naam.
•    Wees voorspelbaar en betrouwbaar in je gedrag.
•    Laat regelmatig horen dat het goed gaat.
•    Probeer te begrijpen waarom een collega doet zoals het doet.
•    Stimuleer de samenwerking en een gevoel van gezamenlijkheid.

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Teamrollen opdracht 
Maak een poster waarop je laat zien dat je een positieve groep wil stimuleren 
Wat vind jij belangrijk? Hoe zorg je ervoor dat jouw team begrijpt wat erop staat? 
Hoe zorg je dat teamleden zich houden aan deze regels? 


Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Groepsfases (Tuckman)
1. Forming (oriëntatiefase)
2. Storming (conflictfase)
3. Norming (structuurfase)
4. Performing (prestatiefase)
5. Adjourning (afscheidsfase)


Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Forming
Basisbehoefte: veiligheid.
'De kat uit de boom kijken'
Personen leren elkaar kennen. De groep zoekt veiligheid en structuur. De groep is in deze fase vaak nog heel rustig. De groepsleden zijn meer bezig met zichzelf en hoe ze overkomen op de anderen.

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Taak begeleider: forming
- Structuur bieden; regels hanteren, afspraken maken
- Kennismaking; kennismaking spellen, overeenkomsten groepsleden belichten
- Bied de hoeveelheid informatie in behapbare porties aan
- Leg zelf de basis voor een gezonde norm (voorbeeldfunctie)



Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Storming 'machtsstrijd'
Basisbehoefte: invloed uitoefenen.
Er wordt onder andere vastgesteld wie welke rol inneemt (leider, volger, joker etc). Dit kan gepaard gaan met conflicten, irritaties en meningsverschillen waarmee ze moeten leren omgaan (machtsstrijd)
De groep gaat op zoek naar grenzen van toelaatbaar gedrag van hun eigen positie binnen de groep.

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Taak begeleider: storming
- Houdt individuele teamleden in de gaten
- Onderling feedback geven ondersteunen

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Norming
In deze fase worden naast de gedragsregels de omgangsregels vastgesteld waaraan iedereen zich moet houden. De  groepsleden krijgen in de gaten dat zij, als ze iets met elkaar willen bereiken, hun onderlinge 'struggles' beter opzij kunnen zetten, om zicht te richten op wat ze aan elkaar kunnen hebben en met elkaar kunnen bereiken.
De normen staan eigenlijk zo goed als vast en veranderen bijna niet meer.

Slide 15 - Slide

Kan iemand een groepsnorm benoemen? Voorbeelden?
Taak begeleider: norming
- Werk met de groep aan verantwoordelijkheidsgevoel; samenwerkingsopdrachten, initiatief uit de groep toelaten maar ook grenzen bewaken
- Grijp niet gelijk in; coachen in plaats van leiden.




Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Performing
De groep heeft een gezamenlijk doel voor ogen. Nu kan er gewerkt, gepresteerd en goed worden samengewerkt. Er zijn geschreven en ongeschreven regels waar iedereen zich aan houdt. Het is duidelijk wie de leiders en volgers zijn.

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Taak begeleider: performing
- Probeer balans te houden tussen de aandacht voor taken en de aandacht voor onderlinge relaties.
- Doe een stapje terug (neem meer een coachende rol aan)

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Adjourning
Het einde eindigt voor de groep. De groep gaat uiteen. Als de sfeer goed is, vindt iedereen het jammer dat de groep uit elkaar gaat. Bij een negatieve groep kan de groep het eind als een opluchting ervaren.

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Taak begeleider: adjourning
- Praat met de groepsleden over hun gevoelens.
- Afscheidsritueel.
- Richt samen met de groep een blik op de toekomst.

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Welke onderstaande basisbehoeften zijn juist?
A
Veiligheid, Invloed, Persoonlijke interesse
B
Veiligheid, Invloed, Persoonlijke contact
C
Veiligheid, Interesse, Persoonlijke contact
D
Veiligheid, Interesse, Persoonlijke invloed

Slide 21 - Quiz

This item has no instructions