Losschieten stolsel in de beenaderen
Start in de diepe beenader – Het stolsel ontstaat meestal in een diepe ader van het onderbeen of bovenbeen.
Via de vena femoralis (dijader) – Het stolsel beweegt omhoog via de grotere aderen in het been en het bekken.
Naar de vena cava inferior (onderste holle ader) – Dit is de grote lichaamsader die het bloed uit het onderlichaam naar het hart voert.
Rechterharthelft – Het stolsel komt het hart binnen via het rechter atrium en gaat vervolgens naar de rechter ventrikel.
Longslagader (arteria pulmonalis) – Vanuit de rechter ventrikel wordt het stolsel de longslagader in gepompt.
Longembolie – Als het stolsel vast komt te zitten in een van de vertakkingen van de longslagader, ontstaat een longembolie. Dit kan de bloedtoevoer naar een deel van de long blokkeren en is een medisch spoedgeval.