Rekenen aan gehaltes (4.4 CO5.1)

4.4 - Rekenen aan gehaltes

1 / 13
next
Slide 1: Slide
New lesson editorScheikundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

This lesson contains 13 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

4.4 - Rekenen aan gehaltes

Leerdoelen

  • Weet ik wat procent, ppm en ppb inhoud; 

  • Kan ik rekenen met de formules van percentage, ppm en ppb.

Planning

  • Startopdracht

  • Uitleg 4.4

  • Opdracht

  • Werken aan 4.4

Een goede fles wijn van 0,700 L bevat 102 mL alcohol.


Wat is het volumepercentage alcohol in deze wijn?

A

15,3%

B

14,6%

C

0,686%

D

0,153

Gehaltes

Het is vaak belangrijk om te weten hoeveel van een bepaalde stof in een mengsel zit.

  • De hoeveelheid alcohol in een drankje;

  • De hoeveelheid CO2 in het klaslokaal;

  • De hoeveelheid suiker in snoepgoed.


We noemen dit het gehalte van een stof

Gehaltes weergeven

We gebruiken 3 manieren om het gehalte aan te geven.


  • Procenten = hoeveel deeltjes per 100 (102) totale deeltjes

  • Parts per million (ppm) = hoeveel deeltjes per 1000.000 (106) deeltjes

  • Parts per billion (ppb) = hoeveel deeltjes per 1000.000.000 (109) deeltjes

Formules

Waarom gebruiken we drie manieren om gehalte aan te geven?

Voorbeeld

Tetrodotoxine (kogelvisgis) is een erg sterk gif met een LD50 van ongeveer 15 µg/kg


Bij het rekenen met gehaltes moeten de eenheden aan elkaar gelijk zijn!

1 kg = 109 µg.


  • massa% = 15/109 *100% = 0,0000015%

  • massa ppm = 15/109 *106 ppm = 0,015 ppm

  • massa ppb = 15/109 *109 = 15 ppb



Een lokaal van 3,0 m x 5,0 m x 2,5m bevat 675 ppm CO2.

Hoeveel liter CO2 bevat dit lokaal?

Uitwerking

Een lokaal van 3,0 m x 5,0 m x 2,5m bevat 675 ppm CO2.

Hoeveel liter CO2 bevat dit lokaal?


  • geheel = volume van het lokaal = 3,0 x 5,0 x 2,5 = 37,5 m3

  • Hoeveelheid CO2 = (37,5/106)x675 = 0,0253... m3 CO2.

  • 0,0253... m3 CO2 = 25 L (in twee significante cijfers).

Leerdoelen

Zelf werken

  • Goed doorlezen 4.4

    • (zie ook blz. 214)

  • Maken en nakijken opdracht:

    • 45 t/m 51