Een debat tussen leerlingen in een klaslokaal
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · DROGREDENEN
Drogredenen
Examenstof Nederlands vwo
Een debat tussen leerlingen in een klaslokaal
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · DROGREDENEN
Drogredenen
Examenstof Nederlands vwo
Les 1 van 3: uitleg. Les 2 is de examentraining, les 3 de terugblik met quiz. Syllabus: A2 en D, Bijlage 4: drogredenen. Image credit: Joshua Olal Believer / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · DROGREDENEN
Wat ga je kunnen?
Ik kan een drogreden in een tekst herkennen, ook als het standpunt impliciet blijft, benoemen met de juiste term en onderbouwd uitleggen waarom het een drogreden is.
This item has no instructions
Wanneer klinkt een argument overtuigend zonder het te zijn?
Verwacht: overdrijven, emotie, een bekende naam als bron, iemand belachelijk maken, een voorbeeld als bewijs. Gebruik de woorden als ophaak voor de lesterm drogreden.
Een debat tussen leerlingen in een klaslokaal
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · DROGREDENEN
Wat is een drogreden?
Een drogreden lijkt een goed argument, maar schendt een regel van redelijk discussiëren
Onjuist is niet hetzelfde als onwaar: ook een waar argument kan een drogreden zijn
Fout 1: een argumentatieschema wordt onjuist gebruikt (oorzaak, voorbeeld, autoriteit)
Fout 2: een discussieregel wordt overtreden (persoonlijke aanval, bespelen)
Syllabus domein D: een drogreden is een onjuist gebruik van een argumentatieschema of het overtreden van een discussieregel. Op vwo-niveau (4F) wordt verwacht dat je argument en drogreden onderscheidt en dat je impliciete standpunten en ironie kunt herkennen. Veelgemaakte fout: onjuist gelijkstellen aan onwaar. Image credit: Joshua Olal Believer / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · DROGREDENEN
Fouten in het schema (1)
Oorzaak-gevolg: uit twee gebeurtenissen vlak na elkaar wordt een oorzaak afgeleid, of er zijn andere oorzaken
Kenmerk of eigenschap: één eigenschap telt mee, andere relevante eigenschappen worden genegeerd
Overhaaste generalisatie: een conclusie op te weinig of niet-representatieve voorbeelden
Controlevraag: is het argument toereikend, of zijn er andere verklaringen of voorbeelden?
Let op: het standpunt staat soms niet letterlijk in de tekst; leid het af uit de conclusie
Alle drie komen uit Bijlage 4 van de syllabus. Signaalwoorden: 'sinds', 'dus', 'het ligt voor de hand', 'iedereen', 'altijd'. Op vwo-niveau is het standpunt vaak impliciet: laat leerlingen eerst formuleren wat de schrijver wil bewijzen.
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · DROGREDENEN
Voorbeeldtekst A: schermen en somberheid
(1) In de derde klassen van een school in Veldwijk blijken leerlingen die veel tijd op sociale media doorbrengen vaker somber te zijn. Het ligt voor de hand dat die platforms de somberheid veroorzaken. Dat somber gestemde jongeren zich misschien juist terugtrekken achter een scherm, wordt gemakshalve niet besproken.
(2) Drie vrienden van mijn zoon zijn gestopt met voetbal sinds ze een eigen kanaal hebben. Een hele generatie laat haar lichaam dus verslonzen.
Eigen tekst voor Examenstof
In alinea 1 wordt uit een samenhang een oorzaak afgeleid; de omgekeerde richting of een derde factor is evengoed denkbaar. In alinea 2 worden drie vrienden als maat voor een hele generatie genomen.
Welke drogreden zit in alinea 1?
Het ligt voor de hand dat die platforms de somberheid veroorzaken.
Overhaaste generalisatie
Onjuist beroep op oorzaak-gevolg
Onjuist beroep op kenmerk of eigenschap
Vals dilemma
Uit samenhang wordt een oorzaak afgeleid. Het gevolg kan andere oorzaken hebben, of de richting kan omgekeerd zijn. Verwachte fout: overhaaste generalisatie.
Welke drogreden zit in alinea 2?
Drie vrienden van mijn zoon zijn gestopt met voetbal. Een hele generatie laat haar lichaam dus verslonzen.
Onjuist beroep op oorzaak-gevolg
Onjuist beroep op autoriteit
Overhaaste generalisatie
Verkeerde vergelijking
Drie vrienden zijn te weinig en niet-representatief voor een hele generatie.
Wegwijzer met twee richtingen, Peak District (Engeland)
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · DROGREDENEN
Voor- en nadelen
Overdrijven: de gevolgen van een maatregel worden schromelijk overdreven
Vals dilemma: je moet kiezen uit twee opties, terwijl er andere mogelijkheden zijn
Signaal: 'of ... of ...', 'een derde weg is er niet', 'anders gaat het mis'
Controleer: bestaat er een derde weg?
Beide fouten horen bij het voor-en-nadelenschema. Bij een vals dilemma zijn beide opties even nadelig, maar er zijn nog andere mogelijkheden. Verwar het niet met overdrijven: daar gaat het om de omvang van de gevolgen, hier om het aantal opties. Image credit: Bill Boaden / Wikimedia Commons, CC BY-SA 2.0
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · DROGREDENEN
Vergelijking en autoriteit
Verkeerde vergelijking: de vergeleken situaties verschillen op relevante punten van elkaar
Vraag: welke relevante verschillen blijven buiten beeld?
Onjuist beroep op autoriteit: de bron is ondeskundig, belanghebbend of spreekt zichzelf tegen
Een bekende naam is nog geen deskundige: heeft de bron verstand van dít onderwerp?
Een bron met een belang (geld, macht, reputatie) is niet neutraal
Bij autoriteit zijn er drie gronden uit de syllabus: ondeskundig, belanghebbend, zichzelf tegensprekend. Een deskundige zonder belang is juist een sterk argument.
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · DROGREDENEN
Voorbeeldtekst B: de bibliotheek
(1) De gemeente Veldwijk moet de bibliotheek sluiten. Een derde weg bestaat niet: of de gemeente bezuinigt op de bibliotheek, of de gemeentebelasting gaat voor iedereen fors omhoog.
(2) Een bibliotheek is eigenlijk een videotheek met boeken. De videotheek verdween toen bijna niemand er meer kwam, dus de bibliotheek hoort ook te verdwijnen.
Eigen tekst voor Examenstof
Alinea 1: twee opties, terwijl de gemeente ook elders kan bezuinigen of de kosten anders kan verdelen. Alinea 2: bibliotheek en videotheek verschillen op relevante punten (onder meer gebruik, doelgroep en publieke functie).
Welke drogreden zit in alinea 1?
Een derde weg bestaat niet: of de gemeente bezuinigt op de bibliotheek, of de gemeentebelasting gaat omhoog.
Vals dilemma
Onjuist beroep op oorzaak-gevolg
Onjuist beroep op autoriteit
Cirkelredenering
Twee opties worden gepresenteerd en er wordt expliciet beweerd dat er geen derde weg is, terwijl die er wel is.
Waarom is de vergelijking in alinea 2 onjuist?
Er wordt maar één voorbeeld genoemd
Bibliotheek en videotheek verschillen in functie
De bron is belanghebbend
De schrijver valt de gemeente aan
Een verkeerde vergelijking: de vergeleken situaties verschillen op relevante punten, zoals het publieke karakter en de functie.
Een rotonde van bovenaf gezien
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · DROGREDENEN
Fouten in de discussie (1)
Persoonlijke aanval: je valt de tegenstander aan in plaats van zijn argumenten
Ontduiken van de bewijslast: je wilt geen argumenten geven voor je standpunt
Cirkelredenering: je onderbouwt je standpunt door het in andere woorden te herhalen
Zonder ander argument is een cirkelredenering ook het ontduiken van de bewijslast
Overtredingen van een discussieregel (syllabus Bijlage 4). Een persoonlijke aanval kan ook verpakt zijn als ironie of als zogenaamd kameraadschappelijke opmerking. Let op impliciete aanvallen. Image credit: Arild Vågen / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0
Reclamebord boven een brug, Vancouver, 1932
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · DROGREDENEN
Fouten in de discussie (2)
Vertekenen van een standpunt: je geeft het standpunt of argument van de ander onjuist weer
Of je legt de ander een standpunt in de mond dat niet is ingenomen
Bespelen van publiek: je doet een beroep op de emoties van het publiek om het te winnen
De fout zit in hoe iemand discussieert, niet in het onderwerp
Vertekenen: de samenvatting is extremer dan wat de ander zei. Bespelen: emotie in plaats van argumenten, herkenbaar aan 'stel je voor' en 'denk aan alle ...'. Image credit: Onbekend, collectie J.S. Matthews / Wikimedia Commons, publiek domein
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · DROGREDENEN
Voorbeeldtekst C: de gemeenteraad
(1) Raadslid Aarts stelt voor het budget voor het jeugdwerk te verhogen.
(2) Raadslid De Bruin: "Mevrouw Aarts heeft zelf geen kinderen. Wat zij over jeugdwerk te melden heeft, hoeft niemand serieus te nemen."
(3) Aarts: "Ik stel alleen voor dat het budget met tien procent omhoog gaat." De Bruin: "Dus u wilt dat de gemeente alle andere voorzieningen laat vallen."
(4) Aarts: "Het budget moet omhoog, want er is meer geld nodig voor het jeugdwerk."
Eigen tekst voor Examenstof
Alinea 2: persoonlijke aanval. Alinea 3: De Bruin legt Aarts een veel breder standpunt in de mond (vertekenen). Alinea 4: het argument herhaalt het standpunt (cirkelredenering).
Welke overtreding zit in alinea 2?
Mevrouw Aarts heeft zelf geen kinderen. Wat zij over jeugdwerk te melden heeft, hoeft niemand serieus te nemen.
Vertekenen van een standpunt
Ontduiken van de bewijslast
Bespelen van publiek
Persoonlijke aanval
De Bruin gaat niet in op het voorstel, maar zet Aarts weg als onkundig omdat zij geen kinderen heeft.
Welke drogreden zit in alinea 4?
Het budget moet omhoog, want er is meer geld nodig voor het jeugdwerk.
Cirkelredenering
Vertekenen van een standpunt
Bespelen van publiek
Overhaaste generalisatie
Het argument ('er is meer geld nodig') herhaalt het standpunt ('het budget moet omhoog') in andere woorden.
Welke groep drogredenen vind je het lastigst?
Fouten in een schema
Fouten in de discussie
Ironie en impliciete aanvallen
Ik haal ze door elkaar
Gebruik de uitslag om te kiezen waar je in les 2 extra aandacht aan geeft.
Waarom is een drogreden niet hetzelfde als een leugen?
Goed antwoord: een drogreden is een fout in de opbouw van de argumentatie (schema of discussieregel); de inhoud kan waar zijn. Een leugen gaat over onwaarheid. Verwachte fout: drogreden gelijkstellen aan onwaar.
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · DROGREDENEN
Begrippen (1/3)
drogreden: onjuist gebruik van een argumentatieschema of overtreding van een discussieregel
onjuist beroep op oorzaak-gevolg: oorzaak is niet genoeg, er zijn andere oorzaken, of alleen gelijktijdigheid
overhaaste generalisatie: conclusie op te weinig of niet-representatieve voorbeelden
verkeerde vergelijking: de vergeleken situaties verschillen op relevante punten
vals dilemma: twee opties lijken de enige, terwijl er andere mogelijkheden zijn
This item has no instructions
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · DROGREDENEN
Begrippen (2/3)
overdrijven van voor- of nadelen: de gevolgen van een handeling worden schromelijk overdreven
onjuist beroep op autoriteit: de bron is ondeskundig, belanghebbend of spreekt zichzelf tegen
persoonlijke aanval: de tegenstander wordt aangevallen in plaats van zijn argumenten
ontduiken van de bewijslast: geen argumenten willen geven voor het eigen standpunt
cirkelredenering: het standpunt onderbouwen door het in andere woorden te herhalen
This item has no instructions
EXAMENSTOF NEDERLANDS · ARGUMENTATIE · DROGREDENEN
Begrippen (3/3)
vertekenen van een standpunt: het standpunt of argument van de ander onjuist weergeven
bespelen van publiek: een beroep doen op de emoties van het publiek
This item has no instructions