werkwoorden

werkwoorden
1 / 17
next
Slide 1: Slide
NederlandsISK

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes and text slide.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

werkwoorden

Slide 1 - Slide

werkwoord stelen

Ik heb.......................
A
gestelen
B
gestellen
C
gestolen
D
gestollen

Slide 2 - Quiz

Is zijn een werkwoord of geen werkwoord?
A
werkwoord
B
geen werkwoord

Slide 3 - Quiz

Is jarig een werkwoord of geen werkwoord?
A
werkwoord
B
geen werkwoord

Slide 4 - Quiz

Een zwak werkwoord...
A
verandert niet van klank in de verleden tijd
B
verandert wel van klank in de verleden tijd

Slide 5 - Quiz

Wat is een zwak werkwoord?
A
lopen
B
fietsen
C
gaan
D
worden

Slide 6 - Quiz

Wat is GEEN werkwoord?
A
huilen
B
eten
C
dieren
D
denken

Slide 7 - Quiz

Wat is GEEN werkwoord?
A
hebben
B
zijn
C
staan
D
lang

Slide 8 - Quiz

Wat is GEEN werkwoord?
A
bellen
B
mailen
C
stoelen
D
kunnen

Slide 9 - Quiz

Wat is het hele werkwoord?
A
lopen
B
werken
C
lezen
D
schrijf

Slide 10 - Quiz

Wat is het hele werkwoord
A
kijkt
B
kijken
C
sta
D
staan

Slide 11 - Quiz

Wat is de stam van het werkwoord?
A
loop
B
fiets
C
rijdt
D
rijd

Slide 12 - Quiz

Wat is de stam van het werkwoord?
A
huilt
B
huil
C
win
D
wint

Slide 13 - Quiz

Wat is geen werkwoord?
A
fietsen
B
knuffelen
C
werken
D
step

Slide 14 - Quiz

Wat is GEEN werkwoord?
A
spelen
B
school
C
maken
D
kopen

Slide 15 - Quiz

Wat is GEEN werkwoord?
A
geven
B
doen
C
klok
D
schrijven

Slide 16 - Quiz



Kies het werkwoord of de werkwoorden.
A
kopen
B
lachen
C
onder

Slide 17 - Quiz