Les 10 TIB

Taal in de buurt, donderdag 8 januari
1 / 18
next
Slide 1: Slide
NT2HBOStudiejaar 1

This lesson contains 18 slides, with text slides.

Items in this lesson

Taal in de buurt, donderdag 8 januari

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

De beste wensen!

Slide 2 - Slide

Gelukkig nieuwjaar allemaal!
Fijn dat jullie er weer zijn.
We beginnen meteen met spreken.
Planning
-   - lesdoelen
- praten over de kerstvakantie en het weer 
- praatplaat winter
- werken uit het online boek









Slide 3 - Slide

Wat gaan we doen vandaag?

Lesdoelen

1. In korte zinnen praten over de kerstvakantie en het weer.
2. Winterwoorden herkennen en benoemen met hulp van een praatplaat.
3. Oefenen in het online boek op je mobiele telefoon.





Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Wat heb je gedaan in de kerstvakantie?
Voorbeelden:
-Ik heb gewerkt.
-Ik heb thuis gerust. 
-Ik ben naar mijn land gegaan. 
-Ik heb met vrienden/familie gegeten.



eerst samen, dan nazeggen

Slide 5 - Slide

Dit zijn zinnen die je vaak gebruikt om over de vakantie te praten.
We gaan ze gebruiken, niet uitleggen.
Voorbeelden:
-Ik heb gewerkt.
-Ik heb thuis gerust.
-Ik ben naar mijn land gegaan.
-Ik heb met vrienden/familie gegeten.

Opdracht: praat samen

1. Vertel 1 zin aan je buur. 
2. Stel 1 vraag: En jij? 
3. Wissel daarna om


Extra:
- Vertel 2 zinnen.
- Bedenk een extra vraag. 

OF één extra woord
timer
5:00

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Wat zie je buiten?
luister goed. zeg na.
Het sneeuwt.
Het is koud.
Alles is wit. 

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Belangrijke zinnen


Het is glad op de weg.
The road is slippery.

Het openbaar vervoer heeft vertraging.
Public transport is delayed.

Ik ben later, door de sneeuw.
I will be late, because of the snow.

Slide 8 - Slide

Luister. Niet praten.

(leest alle zinnen voor)

Samen nazeggen.

Nu individueel. Eén zin.

(wijst cursisten aan)
Opdracht:
Zeg één zin. Daarna is de volgende cursist aan de beurt.
1. Het sneeuwt.
2. Het is glad op de weg.
3. Het openbaar vervoer heeft vertraging.
4. Ik ben later, door de sneeuw. 

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Kijk goed naar de plaat

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

-Waar is de sneeuw?
-Waar is de weg?
-Waar zijn de mensen?

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

- Sneeuwt het?
- Is het glad op de weg?
- Is het koud?

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

- Wat doen de mensen? 

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Schrijf 1 woord op in je eigen taal, dat je niet kent in het Nederlands

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

PAUZE! (15 minuten)

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Online boek

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Presentielijst 

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Welk nieuw woord heb je geleerd?

Slide 18 - Slide

uitvragen en op het bord schrijven