H2 Ontwikkelen MWWE

1 / 57
next
Slide 1: Slide
Psychologie/sociologieSecundair onderwijsAlgemeen secundair onderwijsLeerjaar 3

This lesson contains 57 slides, with interactive quizzes, text slides and 3 videos.

time-iconLesson duration is: 50 min
Report this lesson

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

1. Ontwikkelingsfactoren p.30
Ontwikkeling = een levenslang proces waarbij je evolueert/verandert
  • Gedrag, maar ook lichaam, geest, manier van denken...
  • Veranderingen zijn meestal blijvend

Oef.1 p.30

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Angst voor spinnen?
Andere fobie?
Wie is er bang van spinnen?
Wie is er van iets anders bang?

bv. app om spinnenfobie tegen te gaan

Slide 3 - Slide

2 kolommen op B en volgens nature/nurture aanvullen (maar nog geen titels)
1. Ontwikkelingsfactoren p.30
Nature / erfelijkheid:
  • alles wat meegegeven wordt via de genen (50/50%)
  • is aangeboren: fysieke en psychische kenmerken
  • komen tot uiting door groei en rijping (op een hoger niveau kunnen functioneren) ~ voorgeprogrammeerd

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

1. Ontwikkelingsfactoren p.30
Nurture / milieu:
  • invloeden doorheen je leven
  • ontwikkeling door leren in/door allerlei omgevingen / omgevingsfactoren

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

1. Ontwikkelingsfactoren p.30
dddd
                  nature
              nurture
- rol van erfelijkheid
- wat je krijgt bij je geboorte, dat is het
- pedagogisch negativisme
- rol van ervaring
- een mens is een blanco blad
- pedagogisch optimisme
Nog niet duidelijk? Kijk naar volgend fragment en probeer dan met je eigen woorden uit te leggen!

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

1. Ontwikkelingsfactoren p.30
dddd
                  nature
              nurture
Genen/aangeboren
Erfelijke component

Groei en rijping bepalen ontwikkeling.
Invloed van buitenaf (opvoeding, omgeving...)

Leren
bepaalt ontwikkeling.
Daarnaast is er ook nog ZELFBEPALING, de mogelijkheid om als mens zelf te kiezen of te bepalen wie of wat je bent.

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Slide 8 - Video

This item has no instructions

Nature/nurture: stellingenspel
- Iemand leest een stelling luidop.
- Hij/zij neemt plaats bij 'akkoord', 'niet akkoord' of 'twijfelaar'.
- Daarna gaan ook de anderen op de voor hen juiste plaats staan.  vraag je hem of haar ook meteen om zijn of haar mening.
- Zorg dat je je mening kan beargumenteren.
Als je wil, mag je na de discussie nog wel van
kamp wisselen. 

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

1. Ontwikkelingsfactoren p.30
Conclusie nature-nurture debat:
ontwikkeling = gevolg van 
  • erfelijkheid en omgeving
  • van rijping en leren
bv. iets niet leren als het niet gestimuleerd wordt
bv. aangeboren 'honger' om te leren spreken + stimulatie ouders

Casus + oef.2 p.31

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

1.2.1 Nature/nurture: Bio-ecologisch model van Bronfenbrenner p.31-32
Bronfenbrenner -> Russisch-Amerikaans psycholoog
bekend van het bio-ecologisch model.
  • Verhuisd van Rusland naar de VS toen hij 6 was
  • Heeft na zijn Ph.D gewerkt als militair psycholoog
    tijdens de tweede wereldoorlog
-> vandaar zijn interesse in omgevingsinvloeden!

Kijk naar het fragment. Let goed op. Daarna komen er een aantal vragen!

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Slide 12 - Video

This item has no instructions

De kern van de ui is de bio van het individu.
A
waar
B
niet waar

Slide 13 - Quiz

This item has no instructions

Hoe verder van de kern, hoe meer invloed je hebt op de impact van het systeem
A
waar
B
niet waar

Slide 14 - Quiz

This item has no instructions

Relaties in het microsysteem zijn eenzijdig.
A
waar
B
niet waar

Slide 15 - Quiz

This item has no instructions

Het mesosyteem = relaties tussen de elementen uit het microsysteem.
A
waar
B
niet waar

Slide 16 - Quiz

This item has no instructions

Het chronosysteem (niet in boek) staat voor de geschiedenis én de impact van een gebeurtenis.
A
waar
B
niet waar

Slide 17 - Quiz

This item has no instructions

De relatie tussen je ouders en je vrienden hoort in het macrosysteem.
A
waar
B
niet waar

Slide 18 - Quiz

This item has no instructions

Het macrosysteem zijn de maatschappelijke en culturele aspecten die een impact hebben (politiek, economie, waarden...)
A
waar
B
niet waar

Slide 19 - Quiz

This item has no instructions

1.2.1 Nature/nurture: Bio-ecologisch model van Bronfenbrenner p.31-32
Oef.3 en 4 p.32

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

1.2.1 Nature/nurture: Bio-ecologisch model van Bronfenbrenner p.31-32
Nature - 'bio' - individu
Nurture - 'ecologie/omgeving' - alle kringen rond het individu
-> Deze omgevingsinvloeden bepalen mee in hoeverre de aangeboren kenmerken van het kind tot uiting komen.

vb. zangtalent
vb. hoog IQ meisje in Afghanistan

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

1.2.1 Nature/nurture: Bio-ecologisch model van Bronfenbrenner p.31-32
Microsysteem - onmiddellijke omgeving (school, gezin, werkplek, vrienden...); wederzijdse beïnvloeding
Mesosysteem - manier waarop microsysteem met elkaar omgaan
Exosysteem - ruimere omgeving (bredere familie, kennissen, woonomgeving, buurtvoorzieningen, (sociale) media)
Macrosysteem - cultuur (gewoontes, wetten, tradities...)

Slide 22 - Slide

This item has no instructions

1.2.2 Nature/nurture: Opvoedingsstijlen p.33-34
Oef.5+6 p.33

Slide 23 - Slide

This item has no instructions

1.2.2 Nature/nurture: Opvoedingsstijlen p.33-39
Je krijgt een extra bundel van je leerkracht. Volg telkens goed de instructies!

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

Slide 25 - Video

This item has no instructions

Mishandeling en verwaarlozing van kinderen: opdracht p. 34
Onderzoeksopdracht -> instructies Google Classroom
- Tijd: 1 lesuur

Slide 26 - Slide

This item has no instructions

Slide 27 - Link

Site Het Klokhuis over verwaarlozing en mishandeling.
Wat is een ontwikkelingsfase?

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

2. Ontwikkelingsfasen p.40
= fasen die de mens doorloopt van de geboorte tot aan zijn dood.

= beschrijft wat er van baby tot oudere ontwikkeld wordt en hoe dit gebeurt. 
Er zijn verschillende ontwikkelings(deel)gebieden, waaronder:
lichamelijk/motorisch
cognitief
emotioneel
sociaal
seksueel
spel
moreel


Slide 29 - Slide

This item has no instructions

2. Ontwikkelingsfasen p.40
Opdracht:
- neem een blad en werk per 2 (of 3)
- deel een mensenleven in met:
  • de verschillende levensfasen
  • de leeftijden (ongeveer) die daarbij horen


In een fase kan je een gevoelige periode doorlopen?
Wat zou een gevoelige periode kunnen betekenen? 

Slide 30 - Slide

This item has no instructions

2. Ontwikkelingsfasen p.40
Gevoelige perioden
= periode dat iemand beter in staat is om iets nieuws te leren
= specifieke tijdsperiodes in de ontwikkeling van een individu waarin het brein bijzonder ontvankelijk is voor bepaalde stimuli of ervaringen. Tijdens deze perioden is de kans groter dat bepaalde vaardigheden zich optimaal ontwikkelen als de juiste stimulatie aanwezig is.

bv. taal, motorische functies of sociale interacties + Oef.11 p.40

Slide 31 - Slide

This item has no instructions

2. Ontwikkelingsfasen p.40
Havighurst - ontwikkelingstaken
Slagen in ontwikkelingstaken -> meer kans om gelukkig en aanvaard te worden

Bepaald door veranderingen:
  • lichamelijke rijping (biologisch)
  • persoonlijke ontwikkeling (psychisch)
  • groeiende verwachtingen maatschappij (sociaal)

Slide 32 - Slide

This item has no instructions

2. Ontwikkelingsfasen p.40

Slide 33 - Slide

This item has no instructions

2. Ontwikkelingsfasen
Opdracht:
- je krijgt in een groepje een levensfase toegewezen
- kijk naar het filmpje en noteer een aantal typische 
belangrijke ontwikkelingen (in steekwoorden)
- denk aan:
lichamelijk/motorisch
cognitief
emotioneel
sociaal
seksueel
spel
moreel

Slide 34 - Slide

This item has no instructions

Slide 35 - Link

Video bij opdracht levensfasen (helemaal onderaan scrollen)
Geef voorbeelden van menselijke ontwikkeling...

Slide 36 - Mind map

This item has no instructions

Ontwikkelingstaken in elke fase
Baby/kleuter: (geboorte tot 6 jaar)
  • lopen
  • vast voedsel eten
  • praten
  • verschil tussen jongen en meisje begrijpen
  • gedachten en taal ontwikkelen

Slide 37 - Slide

This item has no instructions

Ontwikkelingstaken in elke fase
Lagere schoolkind (6 - 12 jaar):
  • fysieke behendigheid
  • gezonde attitudes
  • leren lezen, schrijven en rekenen
  • inzicht en kennis verwerven
  • zelfstandig leren zijn

Slide 38 - Slide

This item has no instructions

Ontwikkelingstaken in elke fase
Adolescentie (12 - 20 jaar):
  • acceptatie eigen uiterlijk
  • omgaan met verwachtingen
  • nieuwe relaties
  • sociaal verantwoordelijk gedrag
  • ontwikkelen eigen visie

Slide 39 - Slide

This item has no instructions

Ontwikkelingstaken in elke fase
Vroege volwassenheid (20 - 30 jaar):
  • uitwerken carrière
  • persoonlijke ontwikkeling en uitbreiding
  • samenleven

Slide 40 - Slide

This item has no instructions

Ontwikkelingstaken in elke fase
Middenvolwassenheid (30 - 65 jaar):
  • aanvaarding van veroudering
  • aandacht voor sociale en burgerlijke verantwoordelijkheid
  • aanvaarden van veranderingen in relaties, met de partner
  • aanpassen aan ouder worden (ook als ouders)

Slide 41 - Slide

This item has no instructions

Ontwikkelingstaken in elke fase
Late volwassenheid (+65 jaar):
  • aanvaarding lichamelijke verandering
  • behouden flexibiliteit
  • verandering in relaties
  • aanpassen aan pensioen en verlaagd inkomen
  • verwerken van dood levenspartner en/of andere belangrijke personen

Slide 42 - Slide

This item has no instructions

2. Ontwikkelingsfasen p.40-41
Opgelet: De fases en ontwikkeling lopen voor de meeste mensen ongeveer gelijk, MAAR niet iedereen doet alles even snel.

Ieder eigen tempo (geen wedstrijd)! 
NIET: 'harde' grenzen tussen ontwikkelingsfases
WEL: gemiddelde leeftijden

Oef.12 p41: Vb'en? 

Slide 43 - Slide

This item has no instructions

3. Ontwikkelingsdomeinen p.41
= de ontwikkeling die je doorloopt bevindt zich op verschillende vlakken

Onderscheid tussen 3 grote ontwikkelingsgebieden met elk nog deelgebieden:
  1. fysieke ontwikkeling (lichaam en beweging)
  2. cognitieve ontwikkeling (denken/brein)
  3. socio-emotionele ontwikkeling (voelen en omgaan met anderen)

Deze drie gebieden worden verder onderverdeeld in een aantal deelgebieden!

Slide 44 - Slide

This item has no instructions

3. Ontwikkelingsdomeinen p.41: opdracht
  • Zet je per 3.
  • Je krijgt een aantal kaartjes van de leerkracht. Je gaat proberen deze schematisch bij elkaar te plaatsen volgens de 3 hoofdontwikkelingsgebieden:
    1. Fysieke ontwikkeling
    2. Cognitieve ontwikkeling
    3. Socio-emotionele ontwikkeling
  •  Plaats nu de deelgebieden - en hun eventuele onderverdeling - erbij.
    Kijk goed naar eventuele kleuren en lees de voorbeelden.
  • Je krijgt hier ongeveer 10 minuten voor. 
timer
10:00

Slide 45 - Slide

This item has no instructions

2. Ontwikkelingsgebieden
  1. fysieke ontwikkeling
    1.1 ontwikkeling van de lichaamsbouw
    1.2 sensomotorische ontwikkeling
  2. cognitieve ontwikkeling
    2.1 geheugen
    2.2 taal
    2.3 waarneming
    2.4 denken
  3. socio-emotionele ontwikkeling
    3.1 sociale ontwikkeling
    3.2 affectieve (emotionele) ontwikkeling
    3.3 morele ontwikkeling



Slide 46 - Slide

This item has no instructions

3.1 De fysieke en motorische ontwikkeling
3.1.1 Lichamelijke groei en ontwikkeling:
  • kind - groter en sterker worden
  • latere leeftijd - veroudering 


-> gevolgen voor ons gedrag (vb'en Oef.13 p.41)

Slide 47 - Slide

This item has no instructions

3.1 De fysieke en motorische ontwikkeling
3.1.2 Ontwikkeling van de motoriek i.c.m. onze zintuigen (sensomotorische ontwikkeling)
  • Sensoriek - werking van de zintuigen
  • Grove motoriek - bewegingen grote lichaamsdelen
  • Fijne motoriek - bewegingen hand en vingers
-> oog-handcoördinatie (zicht en handen)

Slide 48 - Slide

This item has no instructions

3.2 De cognitieve ontwikkeling
= ontwikkeling van ons brein en de informatie verwerkende functie hiervan

Dit is de ontwikkeling van het geheugen, taal, waarneming en denken.

Slide 49 - Slide

This item has no instructions

3.2 De cognitieve ontwikkeling
Geheugen (informatie-opslag):
  • KTG - info korte tijd onthouden
  • LTG - info lange tijd onthouden

Taal:
  • Passieve taal - begrip
  • Actieve taal - gebruiken

Slide 50 - Slide

This item has no instructions

3.2 De cognitieve ontwikkeling
Waarneming: betekenis geven aan zintuiglijke informatie

Denken: problemen oplossen, begrip van de omgeving, nieuwe ideeën... 

Slide 51 - Slide

This item has no instructions

3.3 Sociaal emotionele ontwikkeling
= alles wat we als mens leren om onze gevoelens te herkennen, benoemen... en om om te kunnen gaan met anderen en in de maatschappij

Hieronder valt:
  • Sociale ontwikkeling
  • Affectieve of emotionele ontwikkeling
  • Morele ontwikkeling

Slide 52 - Slide

This item has no instructions

3.3 Sociaal emotionele ontwikkeling
  • Sociale ontwikkeling: hoe we met elkaar omgaan
  • Affectieve of emotionele ontwikkeling: gevoelens ervaren, kennen en herkennen (Oef.14 p.43)
  • Morele ontwikkeling: gewetensvorming -> leren kennen wat goed/kwaad is

Oef.15 p.43-44

Slide 53 - Slide

This item has no instructions

3.4 Wisselwerking
Ontwikkeling verloopt op verschillende gebieden tegelijkertijd!

De ontwikkelingsgebieden hebben invloed op elkaar.

Vb'en?

Oef.16 p.44

Slide 54 - Slide

This item has no instructions

Ontwikkelingsdomeinen + deelgebieden
Schematiseer voorgaande stuk rond de ontwikkelingsdomeinen met hun bijhorende deelgebieden (mindmap, samenvatting...)

Deze komen dit jaar nog zeer veel terug!!

Tips:
  • Studeer dit bij elke toets van een ontwikkelingsfase en bij elk examen
  • Wees specifiek in jouw antwoorden

Slide 55 - Slide

This item has no instructions

Ontwikkeling van seksueel gedrag, lichaams- en lustbeleving, waardering voor eigen lichaam

Slide 56 - Slide

This item has no instructions

H2: onderzoeksopdracht ontwikkelings(deel)gebieden
Je gaat werken in groepjes van 2 of 3.

Luister goed naar de instructies van je leerkracht en open de filmpjes die je moet kijken via het document in Google Classroom.

Slide 57 - Slide

This item has no instructions