Hoofdstuk 2 - De samenleving en verschillen (MAW2)

Hoofdstuk 2
'de samenleving en verschillen'
1 / 57
next
Slide 1: Slide
MaatschappijwetenschappenMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4-6

This lesson contains 57 slides, with interactive quizzes, text slides and 11 videos.

time-iconLesson duration is: 150 min

Items in this lesson

Hoofdstuk 2
'de samenleving en verschillen'

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Welke (sociale) verhoudingen zijn er in dit klaslokaal?
Welke (sociale) verhoudingen
zijn er in dit klaslokaal?

Slide 2 - Mind map

This item has no instructions

  • verschillende aspecten van identiteit.
  • wat socialisatie is en hoe dit tot stand komt.
  • de functies van socialisatie.
  • verschillende elementen van cultuur.
  • individualisering, globalisering en de gevolgen hiervan.
Vorige hoofdstuk leerde ik...

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Wat leer ik dit hoofdstuk?
  • wat sociale ongelijkheid is.
  • macht en dwang te onderscheiden en te relateren.
  • het begrip gezag.
  • de tegenpolen samenwerking en conflict. 
  • de gevolgen van democratisering en globalisering.
Ik leer...

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

§2.1 sociale ongelijkheid

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Slide 6 - Video

This item has no instructions

Sociale ongelijkheid
Sociale ongelijkheid is een situatie waarin verschillen tussen mensen, al dan niet aangeboren kenmerken, consequenties hebben voor hun maatschappelijke positie en die leiden tot een ongelijke verdeling van schaarse en hooggewaardeerde zaken, van waardering en behandeling.

Slide 7 - Slide

pagina 33
Sociale ongelijkheid
  • verschillen waar een waardering aan verbonden is.
  • sociale ongelijkheid is niet altijd discriminatie.
  • er zijn vier soorten sociale ongelijkheid.

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Sleep de soort sociale ongelijkheid naar de juiste afbeelding.
ongelijke verdeling van sociale hulpbronnen
ongelijke verdeling van symbolische hulpbronnen
ongelijke verdeling van economische hulpbronnen
ongelijke verdeling van politieke hulpbronnen

Slide 9 - Drag question

This item has no instructions

Slide 10 - Video

This item has no instructions

Sociale mobiliteit
  • jouw plek op de maatschappelijke ladder staat niet vast.
  • sociale mobiliteit kan verklaard worden door positie toewijzing of positieverwerving.

Slide 11 - Slide

pagina 36


Iris gaat als eerste van haar familie naar de universiteit.
Is hier sprake van sociale mobiliteit?
Iris gaat als eerste van haar familie naar de universiteit. Is hier sprake van sociale mobiliteit?
A
Nee, het gaat hier niet om sociale mobiliteit.
B
Ja, via het proces van positietoewijzing.
C
Ja, via het proces van positieverwerving.
D
Ja, zowel via het proces van positietoewijzing als van positieverwerving.

Slide 12 - Quiz

This item has no instructions

§2.2 Macht

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Slide 14 - Video

This item has no instructions

Macht
Het vermogen om hulpbronnen in te zetten om bepaalde doelstellingen te bereiken en de mogelijkheden van anderen te beperken of te vergroten.

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Het dilemma van collectieve actie
  • Als mensen samenwerken om een collectief goed te realiseren is dat collectieve actie.
  • Mensen kunnen profiteren van collectieve actie, zonder mee te werken.
  • Dit zijn free riders.

Slide 16 - Slide

pagina 38


Hoe is het tegengaan van klimaatverandering een
voorbeeld van het dilemma van collectieve actie?
Hoe is het tegengaan van klimaatverandering een voorbeeld van het dilemma van collectieve actie?

Slide 17 - Open question

This item has no instructions

Wat kan een oplossing zijn voor het dilemma van collectieve actie?
Wat kan een oplossing
zijn voor het dilemma
van collectieve actie

Slide 18 - Mind map

This item has no instructions

De oplossing
  • Dwang is de oplossing.
  • Een actor met macht kan dwang gebruiken.
  • Hoe meer hulpbronnen een actor heeft, hoe meer macht hij of zij heeft.

Slide 19 - Slide

pagina 39

Slide 20 - Video

This item has no instructions

Slide 21 - Video

This item has no instructions


Welke machtsbron heeft Einstein?

Welke machtsbron heeft Einstein?
A
affectieve machtsbron
B
cognitieve machtsbron
C
economische machtsbron
D
politieke machtsbron

Slide 22 - Quiz

This item has no instructions

Machtsbronnen
Greta Thunberg gebruikt twee soorten machtsbronnen in het volgende filmpje. Welke twee?

Slide 23 - Slide

This item has no instructions

0

Slide 24 - Video

This item has no instructions



Welke twee machtsbronnen gebruikt Greta Thunberg?
Welke twee machtsbronnen gebruikt Greta Thunberg?

Slide 25 - Open question

This item has no instructions

Antwoord
Greta Thunberg gebruikt cognitieve en affectieve machtsbronnen in het filmpje.

Slide 26 - Slide

This item has no instructions

Slide 27 - Video

This item has no instructions

Informele en formele macht
  • Formele macht is vastgelegd in regels of wetten. 
  • Informele macht is niet officieel vastgelegd.

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

§2.3 Gezag en niveaus

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Slide 30 - Video

This item has no instructions

Gezag
Gezag is macht die als legitiem wordt beschouwd.

Slide 31 - Slide

pagina 42
Micro-, meso- en macroniveau
Microniveau = gedrag van individuele personen

Mesoniveau = hoe gedragen groepen zich onderling

Macroniveau = gedrag op het niveau van samenlevingen

Slide 32 - Slide

This item has no instructions

Op welk niveau is gezag hier bestudeerd?
Op welk niveau is gezag hier bestudeerd?
"Op 17 maart won de VVD met 34 zetels de Tweede Kamerverkiezingen"
A
Microniveau
B
Mesoniveau
C
Macroniveau

Slide 33 - Quiz

This item has no instructions

§2.4 Samenwerking en conflict

Slide 34 - Slide

This item has no instructions

Slide 35 - Video

This item has no instructions

Samenwerking
Samenwerking is het proces waarin individuen, groepen en/of staten relaties vormen om hun handelen op elkaar af te stemmen voor een gemeenschappelijk doel.

Slide 36 - Slide

pagina 46
Wat is nodig voor samenwerking?
Wat is nodig voor samenwerking?

Slide 37 - Mind map

This item has no instructions

Samenwerking
Voorbeelden van antwoorden:
  • compromisbereidheid
  • onderling vertrouwen
  • wederzijdse acceptatie

Slide 38 - Slide

This item has no instructions

Conflict
Conflict is een situatie waarin individuen, groepen en/of staten elkaar tegenwerken om de eigen doelen te bereiken.

Slide 39 - Slide

This item has no instructions

Karl Marx (1818-1883)
Filosoof
Samuel Huntington (1927-2008)
Politicoloog
Confictbenadering van Marx en Huntington

Slide 40 - Slide

Pagina 48
Photo credits S. Huntington:
Copyright World Economic Forum (www.weforum.org), swiss-image.ch/Photo by Photo by Peter Lauth - Samuel P. Huntington - World Economic Forum Annual Meeting Davos 2004

Sleep de denker naar de juiste opvatting
Conflict wordt veroorzaakt door materiële verschillen tussen de bezittende en de bezitlose klasse
Door sociale en culturele verschillen ontstaat conflict

Slide 41 - Drag question

This item has no instructions

Manifeste en latente conflicten
  • Manifest conflict = er wordt openlijk tegengewerkt, het conflict is zichtbaar.
  • Latent conflict = het conflict is subtieler, verborgen.

Slide 42 - Slide

This item has no instructions

Gemeenschappelijk doel
samenwerking
Eigen doel
conflict
Elkaar tegenwerken
Handelen op elkaar afstemmen

Slide 43 - Slide

This item has no instructions

§2.5 Verhouding in een veranderende samenleving

Slide 44 - Slide

This item has no instructions

Slide 45 - Video

This item has no instructions

Democratisering
Democratisering is het proces van verandering van machts- en gezagsverhoudingen door een grotere inspraak en medezeggenschap van degene met minder machts.

Slide 46 - Slide

This item has no instructions

Het democratiseringsproces heeft geleid tot drie soorten grondrechten.
Welke hoort er niet bij?
Het democratiseringsproces heeft geleid tot drie soorten grondrechten.
Welke hoort er niet bij?
A
Klassieke vrijheidsrechten
B
Mensenrechten
C
Politieke rechten
D
Sociale rechten

Slide 47 - Quiz

Pagina 50
Globalisering
Globalisering is het proces van uitbreiding en intensivering van contacten en afhankelijkheden over zeer grote afstanden en over landsgrenzen heen.

Slide 48 - Slide

This item has no instructions

Slide 49 - Video

This item has no instructions

Globalisering
Hyperglobalisten wijzen op het groeiperspectief van globalisering en zijn voorstanders
Andersglobalisten vinden dat overproductie en overconsumptie moet worden gestopt en zijn tegenstanders

Slide 50 - Slide

This item has no instructions

Noem een voor- en nadeel van globalisering
Ben jij een hyperglobalist of een andersglobalist? Verzin voor beide kampen een argument

Slide 51 - Open question

This item has no instructions

Slide 52 - Link

Optioneel als samenvatting van het hoofdstuk/de paragraaf

Slide 53 - Link

Optioneel als extra materiaal bij de les


Wat heb je geleerd deze les?
Wat heb je geleerd deze les?

Slide 54 - Open question

This item has no instructions



Wat vind je nog lastig?https://www.youtube.com/watch?v=YmkjIuOTq1g
Wat vind je nog lastig?

Slide 55 - Open question

This item has no instructions

Wat heb ik geleerd deze les?
  • ik weet wat sociale ongelijkheid is
  • ik kan macht en dwang onderscheiden en relateren
  • ik snap het begrip gezag
  • ik begrijp de tegenpolen samenwerking en conflict
  • ik ken de gevolgen van democratisering en globalisering
ik leerde...

Slide 56 - Slide

This item has no instructions

Einde van hoofdstuk 2
De samenleving en verschillen

Slide 57 - Slide

This item has no instructions