Hoofdstuk 1 - De samenleving en het individu | VWO

De samenleving en het individu
Hoofdstuk 1
1 / 82
next
Slide 1: Slide
MaatschappijwetenschappenMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4-6

This lesson contains 82 slides, with interactive quizzes, text slides and 21 videos.

time-iconLesson duration is: 150 min

Items in this lesson

De samenleving en het individu
Hoofdstuk 1

Slide 1 - Slide

Hier vindt u de notities bij een dia. Die kunnen bestaan uit voorbeeldantwoorden maar ook uit tips.
De starttip is: LessonUp is een interactief hulpmiddel dat een soort powerpoint is waarbij u uw leerlingen met hun mobiel kunt actief kunt laten meedoen met klassikale instructie + oefeningen. Het werkt zeer eenvoudig: u presenteert uw LessonUp in de klas en de leerlingen gebruiken hun telefoon er bij. Vergelijkbaar met hoe Kahoot werkt maar dan veelzijdiger.

Slide 2 - Video

This item has no instructions

Wat is de Nederlandse identiteit?
Wat is de Nederlandse
identiteit?

Slide 3 - Mind map

This item has no instructions

Wat leer ik dit hoofdstuk?
  • verschillende aspecten van identiteit.
  • wat socialisatie is en hoe dit tot stand komt.
  • de functies van socialisatie.
  • verschillende elementen van cultuur.
  • individualisering, globalisering en de gevolgen hiervan.
Ik leer...

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

§1.1 Identiteit

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Referentiekader
Het geheel van kennis, ideeën, ervaringen en overtuigingen van waaruit iemand denkt en handelt.

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

0

Slide 8 - Video

This item has no instructions

Identiteit
Het beeld dat iemand van zichzelf heeft, uitdraagt en anderen voorhoudt en dat hij als kenmerken beschouwd voor zijn eigen persoon. Dat is afgeleid van de perceptie over de groep(en) waar hij wel of juist niet deel van uitmaakt. 

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Slide 10 - Video

This item has no instructions

Sleep de term naar de juiste beschrijving.
Het beeld dat iemand van zichzelf heeft
Het deel dat past bij de groepen waar iemand deel van uitmaakt.
Het beeld dat de samenleving heeft van een groep en het beeld dat ze blijvend kenmerkend voor die groep vindt.
Persoonlijke identiteit
Sociale identiteit
Collectieve identiteit

Slide 11 - Drag question

This item has no instructions




Wat is jouw sociale identiteit?
Wat is jouw sociale identiteit?

Slide 12 - Open question

Verduidelijking voor de leerlingen: Bij welke groep hoor jij? De docent kan hier ingaan op het begrip groepsidentificatie (pagina 15 uit het boek)
Collectieve identiteit
Twee soorten collectieve identiteit:
  1. Interne collectieve identiteit: het antwoord op de vraag: Wie zijn wij?
  2. Externe collectieve identiteit: het antwoord op de vraag: Wie zijn zij?

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Slide 14 - Slide

This item has no instructions




Welk soort identiteit herken je in de afbeelding?

Welk soort identiteit herken je in de afbeelding?
A
Persoonlijke identiteit
B
Sociale identiteit
C
Collectieve identiteit
D
Externe collectieve identiteit

Slide 15 - Quiz

Hier kan eventueel het verschil tussen collectieve identiteit en externe collectieve identiteit uitgelegd worden (pagina 15 in het boek)


'Ik ben sociaal, vriendelijk en behulpzaam.'
Over welk soort identiteit gaat het hier?
'Ik ben sociaal, vriendelijk en behulpzaam.'
Over welk soort identiteit gaat het hier?
A
Persoonlijke identiteit
B
Sociale identiteit
C
Collectieve identiteit
D
Externe collectieve identiteit

Slide 16 - Quiz

This item has no instructions

Identiteit
  • Identiteit kan leiden tot spanningen, bijvoorbeeld een loyaliteitsconflict en iemand moet kiezen tussen meerdere groepen
  • Identiteit kan veranderen door de tijd heen.

Slide 17 - Slide

Pagina 16-17 in het boek
§1.2 Socialisatie

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Slide 19 - Video

This item has no instructions

Socialisatie
Het proces van overdracht en verwerving van de cultuur van de groep(en) en de samenleving waar mensen toe behoren. Het proces bestaat uit opvoeding, opleiding en andere vormen van omgang met anderen.

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Proces van socialisatie
  • Proces van overdracht: leren wat er verwacht wordt.
  • Proces van verwerving:  een samenleving of cultuur eigen maken.
Socialisatie bestaat uit 2 onderdelen:

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Slide 22 - Video

This item has no instructions

Wie zijn jouw belangrijkste 
socialisatoren?
Wie zijn jouw belangrijkste
socialisatoren?

Slide 23 - Mind map

Aan de hand van dit woordweb kan besproken worden wat socialisatoren zijn. 
Internalisatie
Een langdurig proces waarbij mensen zich een cultuur eigen maken.

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

0

Slide 25 - Video

This item has no instructions



Heb je dit liedje vroeger op de basisschool geleerd?
Heb je dit liedje vroeger op de basisschool geleerd?
Ja
Nee

Slide 26 - Poll

This item has no instructions

Slide 27 - Video

Dit filmpje toont aan dat socialisatie ook negatieve gevolgen kan hebben, zoals stereotypen en vooroordelen. (Pagina 19 in het boek)


Hoe trek jij een trui uit?
Hoe trek jij een trui uit?
Ik pak de kraag van mijn trui vast in mijn nek en trek 'm over mijn hoofd.
Ik pak de trui bij de boord aan de onderkant en trek 'm over mijn hoofd.
Op een andere manier.

Slide 28 - Poll

Het doel van deze poll is om leerlingen te laten zien dat socialisatie ook impliciet kan zijn door middel van imitatie en identificatie (pagina 19 in het boek).

Uit onderzoek is namelijk gebleken dat mannen over het algemeen optie 1 gebruiken en vrouwen optie 2. We leren we onze kinderen een notie van gender aan, zonder dat we daar ons bewust van zijn en waarschijnlijk zonder dat er iemand expliciet heeft gezegd dat je op deze manier je trui uittrekt als je man/vrouw bent.
Primaire socialisatie
Socialisatie binnen kleinere groepen zoals het gezin of de vriendengroep. Dit proces is vaak informeel. 

Slide 29 - Slide

Pagina 19 in het boek.
Secundaire socialisatie
Socialisatie die plaatsvindt in een formele omgeving, zoals op school of bij een vereniging. Groepsleden nemen de waarden en normen van de groep over.

Slide 30 - Slide

This item has no instructions

Tertiaire socialisatie
Socialisatie die impliciet plaatsvindt, bijvoorbeeld door literatuur, de massamedia en de overheid.

Slide 31 - Slide

This item has no instructions

Sleep de afbeeldingen naar de juiste vorm van socialisatie.
Primaire socialisatie
Secundaire socialisatie
Tertiaire socialisatie

Slide 32 - Drag question

This item has no instructions

Functies van socialisatie
1. Voortzetten van een (sub)cultuur
2. Veranderen van een (sub)cultuur
3. Identificatie van het individu met anderen
4. Identiteitsontwikkeling
5. Gedragsregulatie

Slide 33 - Slide

This item has no instructions

0

Slide 34 - Video

In 2020 was er in verschillende wereldsteden sprake van Black Lives Matter protesten. Deze protesten zou je kunnen zien als een vorm van socialisatie: het publieke debat over racisme werd aangewakkerd en de Nederlandse bevolking heeft veel meer geleerd over racisme. Ook laat dit debat zien dat acculturatie weer kan leiden tot nieuwe subculturen of verandering van cultuur.



Welke twee functies van socialisatie herken je in
dit filmpje over de Black Lives Matter beweging?
Welke twee functies van socialisatie herken je in dit filmpje over de Black Lives Matter beweging?
A
Voortzetten van een (sub)cultuur
B
Veranderen van een (sub)cultuur
C
Identificatie met anderen
D
Gedragsregulatie

Slide 35 - Quiz

This item has no instructions

§1.3 Cultuur

Slide 36 - Slide

This item has no instructions

Slide 37 - Video

This item has no instructions

Nature-nurture
Het debat over de vraag of menselijke eigenschappen eerder aangeboren (genetisch) of aangeleerd (socialisatie en cultuur) zijn.

Slide 38 - Slide

This item has no instructions



Zijn overeenkomsten tussen broers en zussen eerder aangeboren of aangeleerd?
Zijn overeenkomsten tussen broers en zussen eerder aangeboren of aangeleerd?
Aangeboren
Aangeleerd
Beide

Slide 39 - Poll

This item has no instructions

0

Slide 40 - Video

De film Three Identical Strangers gaat over een drieling die apart van elkaar zijn opgegroeid en niet van elkaars bestaan afwisten totdat hun paden kruisden. Uiteindelijk blijkt dat ze bewust in pleeggezinnen zijn opgegroeid, vanuit het idee onderzoek te kunnen doen naar nature-nurture. De (trailer van deze) film kan de leerlingen aanzetten om een discussie te voeren over het nature-nurture debat (pagina 20 in het boek)

Slide 41 - Video

This item has no instructions

Cultuur
Cultuur is het geheel van voorstellingen, uitdrukkingsvormen, opvattingen, waarden en normen die mensen als lid van een groep of samenleving hebben verworven.

Slide 42 - Slide

This item has no instructions

Elementen van cultuur
1. Wat mensen in hun hoofd meedragen:
  • Waarden: idealen, zoals vrijheid en gelijkheid.
  • Opvattingen: ideeën over iets.
  • Voorstellingen: beelden, ideeën en verhalen over een gebeurtenis.

Slide 43 - Slide

This item has no instructions

Elementen van cultuur
2. Hoe gedrag geregeld wordt:
  • Normen: regels die horen bij waarden.
  • Instituties: geheel aan gedragsregels die het gedrag van mensen reguleren. 
3. Wat je aan de buitenkant kunt zien of merken:
  • Uitdrukkingsvormen: symbolen, taal, mode.

Slide 44 - Slide

This item has no instructions



De Iraanse cultuur staat bekend om haar gastvrijheid.
Welk element van cultuur is gastvrijheid?
De Iraanse cultuur staat bekend om haar gastvrijheid. Welk element van cultuur is gastvrijheid? 
A
Opvatting
B
Voorstelling
C
Waarde
D
Uitdrukkingsvorm

Slide 45 - Quiz

This item has no instructions



Noem een uitdrukkingsvorm die past bij de hipstercultuur.
Noem een uitdrukkingsvorm die past bij de hipstercultuur.

Slide 46 - Open question

Goede antwoorden kunnen zijn: baarden, vintage kleding, racefietsen, rugzakken, lange haar, gekleurde haren etc.

Slide 47 - Video

This item has no instructions

0

Slide 48 - Video

This item has no instructions



Noem een materieel aspect dat past bij het meisje van de video.

Noem een materieel aspect van cultuur dat past bij het meisje uit de video.

Slide 49 - Open question

This item has no instructions

Slide 50 - Video

This item has no instructions



Welke immateriële aspecten van de subcultuur herken je?
Welke immateriële aspecten van de subcultuur herken je?

Slide 51 - Open question

This item has no instructions

§1.4 Acculturatie en subculturen

Slide 52 - Slide

This item has no instructions

Slide 53 - Video

This item has no instructions

Dominante cultuur
De cultuur van de groep in de samenleving met de invloedrijkste politieke of economische positie. 
Vaak is dat de grootste groep, maar niet altijd.

Slide 54 - Slide

This item has no instructions

Subcultuur
Kleinere culturen met eigen waarden en normen die deels overlappen en licht afwijken van de dominante cultuur.

Slide 55 - Slide

This item has no instructions




Welke voorbeelden van subculturen ken je?
Welke voorbeelden van subculturen ken je?

Slide 56 - Open question

This item has no instructions

Tegencultuur
Mensen die een tegencultuur vormen, kunnen zich geweldloos of gewelddadig verzetten tegen de dominante cultuur.

Slide 57 - Slide

This item has no instructions

Sleep de afbeeldingen naar de juiste vorm van cultuur.
Dominante cultuur
Subcultuur
Tegencultuur

Slide 58 - Drag question

This item has no instructions

Slide 59 - Video

This item has no instructions

Slide 60 - Video

This item has no instructions




Welk begrip past het beste bij het inburgeringsexamen?
Welk begrip past het beste bij het inburgeringsexamen?
A
Enculturatie
B
Acculturatie
C
Tegencultuur
D
Socialisatie

Slide 61 - Quiz

Het gaat hier om een specifieke vorm van socialisatie, namelijk acculturatie. Mensen die een inburgeringsexamen doen zijn zijn bezig met het aanleren en het verwerven van een nieuwe cultuur.
Socialisatie is milieuafhankelijk
  • Economisch kapitaal: bezit of inkomen.
  • Sociaal kapitaal: connecties, netwerk en mate van respect die mensen hebben.
  • Cultureel kapitaal: kennis, opvattingen, houdingen en smaak die kenmerkend zijn voor sociale posities.

Slide 62 - Slide

Pagina 26 in het boek.


Noem een voorbeeld van cultureel kapitaal.
Noem een voorbeeld van cultureel kapitaal.

Slide 63 - Open question

Voorbeelden van goede antwoorden zijn: kennis van klassieke muziek of filosofen, etiquetten, bepaald soort kledingstijlen.
Cultuur is relatief
  • Cultuurelementen worden overgedragen via socialisatie, maar veranderen ook constant.
  • Cultuur is dus dynamisch en tijd- en plaats gebonden.  
  • Wat op de ene plek normaal is, kan ergens anders vreemd zijn.

Slide 64 - Slide

This item has no instructions

§1.5 Vorming in een veranderende samenleving

Slide 65 - Slide

This item has no instructions

Slide 66 - Video

This item has no instructions

Individualisering
Het proces waarbij individuen hun zelfstandigheid op verschillende gebieden in de samenleving kunnen vergroten.

Slide 67 - Slide

This item has no instructions

Gevolgen van indvidualisering
Verandering van cultuur: 
  • Ideeën over het huwelijk
  • Secularisering
  • Invulling van het gezin

Slide 68 - Slide

This item has no instructions



Waarom vieren we Pinksteren in Nederland?
Waarom vieren we Pinksteren in Nederland?

Slide 69 - Open question

This item has no instructions

Slide 70 - Video

This item has no instructions

Slide 71 - Video

This item has no instructions

Secularisering
Ook wel: ontkerkelijking. Het proces waarbij steeds minder mensen zich met een religie identificeren. 

Slide 72 - Slide

This item has no instructions



Koop jij weleens producten uit het buitenland?
Koop jij weleens producten uit het buitenland?
Ja, vaak.
Soms
Nee, nooit.

Slide 73 - Poll

Deze vraag helpt leerlingen om na te denken over het bestaan van globalisering.

Slide 74 - Video

This item has no instructions

Globalisering
Het proces van uitbreiding en intensivering van contacten en afhankelijkheden over zeer grote afstanden en over landsgrenzen heen.

Slide 75 - Slide

This item has no instructions


Ben jij het meer eens met de hyperglobalisten of met de andersglobalisten?
Ben jij het meer eens met de hyperglobalisten of met de andersglobalisten? 
Hyperglobalisten
Andersglobalisten

Slide 76 - Poll

This item has no instructions

Slide 77 - Link

Optioneel als extra materiaal bij de les

Slide 78 - Link

Optioneel als samenvatting van het hoofdstuk


Wat heb je geleerd deze les?
Wat heb je geleerd deze les?

Slide 79 - Open question

This item has no instructions



Wat vind je nog lastig?
Wat vind je nog lastig?

Slide 80 - Open question

This item has no instructions

Wat heb ik geleerd dit hoofdstuk?
  • verschillende aspecten van identiteit.
  • wat socialisatie is en hoe dit tot stand komt.
  • de functies van socialisatie.
  • verschillende elementen van cultuur.
  • individualisering, globalisering en de gevolgen hiervan.
Ik leerde...

Slide 81 - Slide

This item has no instructions

Einde van hoofdstuk 1
De samenleving en het individu

Slide 82 - Slide

This item has no instructions