Didactiek periode 3 week 6

Didactiek paragraaf 4.3
Periode 3
Week 6
1 / 21
next
Slide 1: Slide
OnderwijsassistentenMBOStudiejaar 1

This lesson contains 21 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Didactiek paragraaf 4.3
Periode 3
Week 6

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Video

Doelen van deze les

Je weet hoe hij de lichamelijke en motorische ontwikkeling van een kind kan stimuleren door middel van activiteiten

Je kent het nut van bewegingsonderwijs en kan zijn/ haar mening hierover geven

Slide 3 - Slide

Theorie 
Pak paragraaf 4.3 uit je didactiekboek erbij. 
lees de paragraaf aandachtig door 15 minuten.



Slide 4 - Slide

welke bewegingsactiviteiten kan je doen op het schoolplein?

Slide 5 - Mind map

Lekker bewegen
Veel bewegen,  buiten spelen en gezond eten.

Stimuleren en benutten van vrij spel

spelontwikkeling - De stappen die kinderen maken in het spel noem je spelontwikkeling


Slide 6 - Slide

Gerichte beweegactiviteiten
Gedurende de dag zorg je als onderwijsassistent voor gerichte beweegactiviteiten. 

Enkele voorbeelden zijn gymles, sportdag, maar ook de tafels opzeggen terwijl ze hinkelen of een energizer tussen de lessen door. 
Maak gebruik van verrassende materialen die kinderen nieuwsgierig maken. 

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Video

Gerichte beweegactiviteiten
Ook op de BSO worden sport- en dansactiviteiten aangeboden. 
Er bestaan ook sport-BSO's. Vaak zit zo'n BSO op een sportterrein. 

Buiten spelen
Er zijn verschillende organisaties die zich inzetten voor veilig buiten spelen. Denk aan Jantje Beton, Veilig Verkeer Nederland en de aanleg van de trapveldjes door Cruyff Courts. 

Slide 9 - Slide

Begeleiden van buitenspel
Jonge kinderen hebben weinig besef van gevaar. Let dus goed op! Wijs kleuters op gevaar, maar verbiedt ze niet teveel. 
Binnen een begrensde omgeving met water/zand, klim- en speeltoestellen of stoepkrijt spelen vinden ze heel fijn.

Slide 10 - Slide

Begeleiden van buitenspel
Oudere basisschoolkinderen kunnen meer zelfstandig. 
Buiten het oog van volwassenen kunnen ze hun motorische grenzen verkennen. Ze ontwikkelen zich op die momenten tot een zelfstandig individu.
Voetballen, fietsen, skaten, spelletjes, speeltuin, boomhutten bouwen etc. 

Slide 11 - Slide

Begeleiden van buitenspel
Pubers en adolescenten willen zelfstandig op pad en anderen ontmoeten. Het liefst uit het zicht op een hangplek, fietscrossveld of voetbalveld. 

Slide 12 - Slide

Bij mij op school wordt voldoende aandacht besteed aan bewegingsonderwijs
ūüėíūüôĀūüėźūüôāūüėÉ

Slide 13 - Poll

Kinderen hebben de natuur nodig, maar de natuur heeft kinderen net zo hard nodig. Waarom is dat?

Slide 14 - Open question

Op groene basisscholen wordt minder gepest
A
Waar
B
Niet waar

Slide 15 - Quiz

Respect

Onderzoek toont aan dat kinderen die veel in de natuur zijn, minder stress hebben en socialer zijn. 
Respect voor de natuur vertaalt zich in respect voor de ander. 

Slide 16 - Slide

Kinderen die regelmatig bewegen, voelen zich gezonder
A
Waar
B
Niet waar

Slide 17 - Quiz

Als je niet sport en beweegt, heb je een grotere kans op ziektes als diabetes en depressie
A
Waar
B
Niet waar

Slide 18 - Quiz

Bij scholen en BSO's is helaas maar weinig aandacht voor bewegen en sporten
A
Waar
B
Niet waar

Slide 19 - Quiz

Aan de slag ( 15 minuten)
Bedenk in 3 tallen 3 meerkeuze vragen. Doelgroep deze klas.
1 over taal,  1 over rekenen,  1 over muziek
Schrijf de vragen en antwoorden op papier. 
De vragen moeten 3 antwoordmogelijkheden hebben A,B en C,
waarvan 1 het juiste antwoord is. Maak het niet te makkelijk. 
Zorg dat de andere de vraag en het antwoord niet horen.


Slide 20 - Slide

Ren je rot quiz.
Kom mee naar buiten allemaal......
neem je vragen en antwoorden mee?

Slide 21 - Slide