Na de toetsweek 3

¡Bienvenidos a la clase de Español!
Meneer Gomez
Viernes, Marzo 27 de 2026
1 / 37
next
Slide 1: Slide
SpaansMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

This lesson contains 37 slides, with interactive quiz, text slides and 1 video.

Items in this lesson

¡Bienvenidos a la clase de Español!
Meneer Gomez
Viernes, Marzo 27 de 2026

Slide 1 - Slide

Terugblik
...naar vorige les

Slide 2 - Slide

uno = 1
en = y
un / una: een

Slide 3 - Slide

Mi casa
Mi familia

Slide 4 - Slide

¿Qué vamos a hacer hoy? 
(Wat gaan wij vandaag doen?)
Ik kan een e-mail lezen over de indeling van een huis

 Ik weet wat een bijvoeglijk naamwoord is en hoe ik deze kan gebruiken in het Spaans

Slide 5 - Slide

 Mi casa (mijn huis)

Mi casa es tu casa

Slide 6 - Slide

¿qué tipo de casa?
Vivo en un/una
¿dónde?
mi casa está en

Slide 7 - Slide

Vocabulario
"Mi casa"
Pak je schrift en maak aantekeningen!



















































++

Slide 8 - Slide

El salón
La cocina

Slide 9 - Slide

La planta baja
La primera planta

Slide 10 - Slide

El dormitorio
El cuarto de baño o "baño"

Slide 11 - Slide

El cuarto de invitados
El ático

Slide 12 - Slide

La terraza
La televisión

Slide 13 - Slide

El ordenador
El plan

Slide 14 - Slide

Página 31

Slide 15 - Slide

Los adjetivos
Bijvoelijk naamwoord
Pak je schrijf en maak aantekeningen!



















































++

Slide 16 - Slide

El adjetivo: bijvoeglijke naamwoorden
                     Wat is een bijvoeglijke naamwoord?
Zegt iets over het zelfstandig naamwoord.
Past zich altijd aan, aan het zelfstandig naamwoord
     mannelijk/vrouwelijk + enkelvoud/meervoud

                                                 De plaats:
                           Bijna altijd achter het zelfst. nw
                           De mooie jurk   -   El vestido bonito
                           Het blauwe huis   -   la casa azul
 

Slide 17 - Slide

Terugblik: Bijvoeg. naamwoord

Slide 18 - Slide

Slide 19 - Video

Los adjetivos
Wat is een bijvoeglijk naamwoord?
Een bijvoeglijk naamwoord zegt iets over een zelfstandig naamwoord.
De rode auto.

Slide 20 - Slide

La chica bonita
El chico guapo.

Slide 21 - Slide

Slide 22 - Slide

Las chicas bonitas
Los chicos guapos.

Slide 23 - Slide

Los adjetivos
Los Adjetivos
Nederlands
Spaans
een sympathieke jongen
een sympathieke meisje
twee sympathieke jongens
twee sympathieke meisjes
singular
singular
plural
plural
masculino
masculino
femenino
femenino

Slide 24 - Slide

 Beide opdrachten moeten klaar zijn voor de volgende les. Je kunt tijdens de KWT verder werken.















Zelfstandig werken in stilte
Zelfstandig werken en fluisteren
Zelfstandig werken en overleggen
Ejercicios KWT uur: 22,23,26,27,28
Volgende les: Nakijken!
Extra opdracht
Mi casa

Slide 25 - Slide

Getallen tot en met 100
Namen van de familieleden
Het werkwoord "Tener"

Slide 26 - Slide

Iets hebben
Yo tengo una hermana y un hermano
TENER (Hebben)
Yo tengo 8 años
Leeftijd aangeven

Slide 27 - Slide

¿Qué vamos a hacer hoy? 
(Wat gaan wij vandaag doen?)
1. Uitleg bron J: bijvoeglijk naamwoorden

Ejercicios 25, 26, 27, 28.



Slide 28 - Slide

Los adjetivos
Wat is een bijvoeglijk naamwoord?
Een bijvoeglijk naamwoord zegt iets over een zelfstandig naamwoord.
De rode auto.

Slide 29 - Slide

La chica bonita
El chico guapo.

Slide 30 - Slide

Slide 31 - Slide

Las chicas bonitas
Los chicos guapos.

Slide 32 - Slide

Los adjetivos
Los Adjetivos
Nederlands
Spaans
een sympathieke jongen
een sympathieke meisje
twee sympathieke jongens
twee sympathieke meisjes
singular
singular
plural
plural
masculino
masculino
femenino
femenino

Slide 33 - Slide

Kies één van de twee opdrachten om in de les te maken. Beide opdrachten moeten klaar zijn voor de volgende les. Je kunt tijdens de KWT verder werken.















Zelfstandig werken in stilte
Zelfstandig werken en fluisteren
Zelfstandig werken en overleggen
Ejercicios 25, 26, 27, 28.

Extra opdracht

Slide 34 - Slide

¡Hasta la próxima clase!

Slide 35 - Slide

tante
vader
oom
zus
neef
grootouders
zoon
moeder

abuelos
hijo
tía
primo
padre
hermana

tío
madre

Slide 36 - Drag question

Slide 37 - Link