1.4 mengsels en scheidingsmethodes

1.4 mengsels en scheidingsmethodes
1 / 13
next
Slide 1: Slide
ScheikundeMiddelbare schoolvmbo g, tLeerjaar 3

This lesson contains 13 slides, with text slides.

Items in this lesson

1.4 mengsels en scheidingsmethodes

Slide 1 - Slide

les 6 3mnsk26            40 min 
  • hw voor vandaag was : leren 1.4 en maken 1 t/m 13 
  • Welke vragen bespreken van 1.3? In ieder geval 5,8 en 9
  • vandaag snelle herhaling soorten mengsels via rest van presentatie
  • check lesdoel behaald? 
    ja? ->  verder met hw
    nee? -> dan aant overnemen
  • hw voor morgen is goed lezen 1.5 en maken 1 t/m 5 

Slide 2 - Slide

Lesdoelen:
  •  Je kunt aan het einde van de les een overeenkomst en een verschil benoemen tussen een emulsie en een suspensie
  • Je kunt voor elk van de volgende drie mengsels een stofeigenschap noemen die je zou kunnen gebruiken bij het scheiden van dat mengsels: emulsie, suspensie en oplossing.

Slide 3 - Slide

Mengsels kun je scheiden
je maakt gebruik van verschil in stofeigenschappen
b.v. zoutwater indampen (= opwarmen tot het water kookt):  omdat het kookpunt van zout veel hoger is verdampt het zout niet mee.

Van de mengsels die volgen moet je weten: 
  • de namen,
  • kenmerken, 
  • scheidingsmethodes (+opstelling), hoe noem je stof die overblijft enz.
  • op basis van welk verschil in stofeigenschappen werkt deze scheiding
Mengsels kun je scheiden
je maakt gebruik van verschil in stofeigenschappen

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Slide

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Slide

Lesdoel behaald?
  • Noteer in je schrift een overeenkomst en een verschil tussen een emulsie en een suspensie
  • Bespreken en daarna:
    - of aantekening overnemen
    - of alvast beginnen aan hw (lezen 1.5 en maken 1 t/m 5)
2 minuten: 

Slide 11 - Slide

Mengsels
Oplossing
Emulsie
Suspensie
  • vaste stof / vloeistof / gas opgelost in een vloeistof (oplosmiddel)
  • de moleculen van de opgeloste stoffen zijn volledig gemengd met het oplosmiddel 
  • groepjes van vaste deeltjes die bij elkaar geklonterd zweven in een vloeistof.
  • Schudden/roeren voor gebruik
  • na een tijdje bezinkt de vaste stof
  • 2 (of meer) vloeistoffen die niet mengen.
  • belletjes van de ene vloeistof in de andere
  • een emulgator houdt de vloeistoffen gemengd
helder, soms gekleurd
troebel, altijd wit/ gekleurd
troebel, altijd wit/ gekleurd
neem over:

Slide 12 - Slide

hw voor les 7 
noteer nu in agenda:

hw voor morgen is goed lezen 1.5 en maken 1 t/m 5
(inclusief nakijken/verbeteren)
Morgen in de les verder met 1.5 en voorbereiding practicum in activiteitenweek (gemiddelde alle practica is toetscijfer)



Slide 13 - Slide