Nieuwsbegrip

Wat weet jij al
over
1 / 20
next
Slide 1: Mind map
NieuwsbegripPraktijkonderwijsLeerjaar 2

This lesson contains 20 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Wat weet jij al
over

Slide 1 - Mind map

Lesdoel
Doel:De leerlingen kunnen de tekst actief lezen aan de hand van vragen. 
De leerlingen kunnen de betekenis van enkele woorden uit de tekst afleiden. Ook kunnen ze een stelling over de tekst bespreken.

Slide 2 - Slide

📖 Nieuwsbegrip

🎬 Jeugdjournaal kijken
🔍 Tekst lezen
✍️ Aan het werk met de opdrachten

Slide 3 - Slide

📖
 Deze les
  • Bij opdracht 1  bekijk je de uitzending van het Jeugdjournaal.🎬
  • Bij opdracht 2  lees je de tekst 'Prinsjesdag' en praat erover.
  • Schrijf de moeilijke woorden op. 🔍✍️
  • Bij opdracht 3 Maak de vragen🔍✍️
 

Slide 4 - Slide

Opdracht 1 De uitzending van het Jeugdjournaal bekijken🎬

Kijk en luister naar de uitzending van het Jeugdjournaal. We bespreken daarna samen de volgende vragen:
Wat zag je in het filmpje?
Wie zag je in het filmpje?


Slide 5 - Slide

🎬 Jeugdjournaal kijken

Slide 6 - Slide

 Opdracht 2 Actief lezen📖

1. Kijk goed naar de titel, de kopjes en de foto’s bij de tekst. Wat weet je al over dit onderwerp?
2. Lees steeds samen een stukje tekst.
3. Maak de moeilijke of nieuwe woorden een kleur.
4. Samen bespreken we de woorden



Slide 7 - Slide


Ieder een alinea
Na elke alinea bespreken we wat er in de alinea stond.

Slide 8 - Slide

Vragen maken
Maak vraag 

Slide 9 - Slide

📖 en nu?✍️ Aan het werk
timer
1:00

Slide 10 - Slide

Waar of niet waar?
.De derde dinsdag in september is Prinsjesdag

A
Waar
B
Niet Waar

Slide 11 - Quiz

Waar of niet waar?

De koningin leest de troonrede voor?
A
Waar
B
Niet Waar

Slide 12 - Quiz

Waar of niet waar?
De dames (vrouwen) dragen een hoed?


A
Waar
B
Niet Waar

Slide 13 - Quiz

Waar of niet waar?

De Koning en Koningin zitten allebei op een troon.

A
Waar
B
Niet Waar

Slide 14 - Quiz

Waar of niet waar?


A
Waar
B
Niet Waar

Slide 15 - Quiz

Waar of niet waar?


A
Waar
B
Niet Waar

Slide 16 - Quiz

Waar of niet waar?


A
Waar
B
Niet Waar

Slide 17 - Quiz

Waar of niet waar?

A
Waar
B
Niet Waar

Slide 18 - Quiz

Wat heb je geleerd over?

Slide 19 - Open question

Welk weetje uit het schema wil jij graag onthouden?

Slide 20 - Open question