4.3 Kun je meer produceren? Deel 1

Verwachtingen vandaag!
  • Mijn boek ligt open op paragraaf: 4.3 Blz 116
  • Ik heb alleen de benodigde spullen op tafel: Boek, etui en rekenmachine.
  • Als ik wat wil zeggen steek ik mijn hand op
  • Als de docent praat ben ik stil
  • Ik respecteer een ander en zijn eigendommen
1 / 12
next
Slide 1: Slide
EconomieVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 1

This lesson contains 12 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Verwachtingen vandaag!
  • Mijn boek ligt open op paragraaf: 4.3 Blz 116
  • Ik heb alleen de benodigde spullen op tafel: Boek, etui en rekenmachine.
  • Als ik wat wil zeggen steek ik mijn hand op
  • Als de docent praat ben ik stil
  • Ik respecteer een ander en zijn eigendommen

Slide 1 - Slide

Leerdoelen herhalen
  • Je kunt vier voorbeelden van milieuschade geven.
  • Je kunt het verschil uitleggen tussen bedrijfskosten en maatschappelijke kosten
  • Je kunt met een voorbeeld uitleggen wat duurzaam produceren is.
  • Je kunt uitleggen wat het nut is van recycling en een kringloopeconomie. 

Slide 2 - Slide

4.3 Kun je meer produceren? (deel 1)
H1 Economie is meer dan geld

Slide 3 - Slide

Leerdoelen vandaag
  • Je kunt drie productiefactoren en voorbeelden van productiefactoren noemen.
  • Je kunt drie redenen noemen waarom bedrijven investeren.
  • Je kunt het verschil uitleggen tussen arbeidsintensief en kapitaalintensief.

Slide 4 - Slide

Productiefactoren
Alles wat je nodig hebt om te kunnen produceren, noem je productiefactoren. Deze kun je in drie groepen verdelen:
  • Natuur: alles wat de natuur levert
  • Arbeid: al het werk dat mensen doen
  • Kapitaal: geld waarmee je hulpmiddelen koopt, dit zijn kapitaalgoederen
Het kopen van nieuwe kapitaalgoederen heet investeren.

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Investeren
  • Om te groeien heeft een bedrijf soms extra voertuigen of een groter gebouw nodig.
  • Om meer te kunnen produceren, heeft het betere gereedschappen, apparaten of machines nodig.
  • Het kopen van nieuwe kapitaalgoederen heet investeren.
  • Een bedrijf investeer om meer, beter of goedkoper te kunnen produceren.

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Slide

Mens of machine
  • Als je vooral met je handen werkt zoals een kapper, dan is je werk arbeidsintensief.
  • Dat betekent dat ze naar verhouding meer met mensen dan met machines produceren.
  • Bedrijven die naar verhouding meer met kapitaalgoederen werken, produceren kapitaalintensief
  • Vooral voor industriële bedrijven zijn kapitaalgoederen belangrijk. 

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Slide

Aan het werk!
Nog te maken opdrachten 4.3: 2, 4, 6 en 7 (omcirkelen)

Opdrachten laten controleren bij de docent, bij goedkeuring nakijken.
Nagekeken werk laten controleren bij de docent, bij goedkeuring:
  • Maken plusopdrachten Hoofdstuk 4
  • Bezig met een ander vak
  • Lezen


 

timer
25:00

Slide 11 - Slide

Leerdoelen herhalen
  • Je kunt drie productiefactoren en voorbeelden van productiefactoren noemen.
  • Je kunt drie redenen noemen waarom bedrijven investeren.
  • Je kunt het verschil uitleggen tussen arbeidsintensief en kapitaalintensief.

Slide 12 - Slide