Als je de totaaltelling van de proefbalans vergelijkt met de totaaltelling van de saldibalans, dan is de telling van de proefbalans:
A
altijd hoger dan de telling van de saldibalans.
B
soms hoger dan de telling van de saldibalans.
C
altijd lager dan de telling van de saldibalans.
D
soms lager dan de telling van de saldibalans.
Slide 14 - Quiz
tijdsbestek waarin alle financiële veranderingen worden verwerkt om te komen tot een winst-en-verliesrekening, eindbalans en toelichting .<div><br></div>
Een overzicht waarop de tellingen van de grootboekrekeningen onder<div>elkaar worden geplaatst en opgeteld. De totaaltelling van de proefbalans moet gelijk <span>zijn aan de telling van het journaal.</span></div>
omzet (opbrengst verkopen) min de inkoopwaarde van de omzet bij een<div>handelsonderneming</div>
Een overzicht dat is samengesteld uit de proefbalans. Op dit overzicht<div>komen de saldi van alle grootboekrekeningen onder elkaar te staan.</div>
brutowinst
proefbalans
saldibalans
boekingsperiode
Slide 15 - Drag question
Wat is de juiste volgorde binnen de boekhoudkundige cyclus?
Saldibalans
Proefbalans
Eindbalans
Grootboek
Winst-en-verlies rekening
1
2
3
4
5
Slide 16 - Drag question
Aan de slag
Nakijken R1 + R2
Maken H6 R4 t/m R7
Slide 17 - Slide
Slide 18 - Slide
Hoe zit je er vandaag bij?
Slide 19 - Slide
Programma
registratie
terugblik
theorie
nakijken
zelfstandig werken
Slide 20 - Slide
Slide 21 - Slide
Slide 22 - Slide
Slide 23 - Slide
Slide 24 - Slide
Slide 25 - Slide
Slide 26 - Video
overzicht van alle bezittingen, schulden en het eigen vermogen aan het<div>einde van een boekhoudkundige periode</div>
overzicht waarop debet de kosten (inclusief de inkoopwaarde van<div>de verkopen) en credit de opbrengsten gedurende een periode staan</div>
brutowinst min de bedrijfskosten die een onderneming maakt
financieel totaaloverzicht bestaande uit proefbalans, saldibalans,<div>winst-en-verliesrekening en eindbalans</div>
kolommenbalans
winst-en-verliesrekening
nettowinst
eindbalans
Slide 27 - Drag question
Slide 28 - Slide
Slide 29 - Slide
Slide 30 - Slide
Uitspraak 1: De balansrekeningen vind je in de rubrieken 0, 1, 2 en 7. Uitspraak 2: De winst-en-verliesrekeningen vind je in de rubrieken 4, 8 en 9. Kies het juiste antwoord.
A
Uitspraak 1 is juist, uitspraak 2 is onjuist.
B
Uitspraak 1 is onjuist, uitspraak 2 is juist.
C
Beide uitspraken zijn juist.
D
Beide uitspraken zijn onjuist.
Slide 31 - Quiz
Slide 32 - Slide
Slide 33 - Slide
Slide 34 - Slide
Slide 35 - Slide
Slide 36 - Slide
Slide 37 - Slide
Slide 38 - Slide
Slide 39 - Slide
Van welke rekening(en) op de saldibalans komt het saldo niet in de winst-enverliesrekening of op de eindbalans terecht?
A
de rekening Eigen vermogen
B
de rekeningen Eigen vermogen en Privé
C
De saldi van alle rekeningen komen op de winst-en-verliesrekening of de eindbalans.
D
de rekening Privé
Slide 40 - Quiz
Waardoor kan het eigen vermogen gedurende een periode dalen, terwijl er in die periode wel een saldo winst is behaald?