3H H2.4

Aardrijkskunde klas 3
1 / 29
next
Slide 1: Slide
AardrijkskundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

This lesson contains 29 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 90 min

Items in this lesson

Aardrijkskunde klas 3

Slide 1 - Slide

Wat ga je het meest missen de komende drie weken?

Slide 2 - Open question

Les
Doel van de les + Planning                                          5 min
Start 2.4                                                                             20 min
Afsluiting & afspraken
Zelf verder werken aan 2.4                                        20 min
                                                          

Slide 3 - Slide

Planning
Nog 4 AK-lessen tot toetsweek 2
Nog 1 paragraaf tot toetsweek 2


TW2 AK: H2 (2.1 t/m 2.4) + Basisboek

Slide 4 - Slide

Doel van de les
- Weten hoe je demografische druk berekent
- Weten wat leefbaarheid betekent voor stad & platteland

Slide 5 - Slide

Start 2.4/ Krimp en leefbaarheid
1. Krimp en groeigebieden
2. Demografische druk
3. Leefbaarheid in de stad
4. Leefbaarheid in het dorp
5. Voorzieningen (drempelwaarde / reikwijdte)

Slide 6 - Slide

1. Krimp en groei
Krimpgebieden: gebieden waar de bevolking afneemt
Groeigebieden: gebieden waar de bevolking toeneemt

Slide 7 - Slide

Welke provincies/ gebieden zijn volgens jou krimpgebieden?

Slide 8 - Open question

Wat zie je?
  • Groei Randstad
  • Krimp randgebieden

Wat is het gevolg hiervan? 
  • Leegstand
  • Vergrijzing
  • Bereikbaar
  • Leefbaar....

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Video

2. Demografische druk
Demografie: beschrijving van het volk, dus bevolkingsaantallen, geboortecijfers

Demografische druk : verhouding tussen actieven en niet-actieven

Slide 11 - Slide

Demografische druk.

Slide 12 - Slide

Demografische druk

Slide 13 - Slide

3. Demografische druk
Demografische druk Zeist: 80,5%
Demografische druk stad Utrecht: 48,2%
Demografische druk Nederland: 69,6%

Demografische druk Provincie Utrecht...?

Slide 14 - Slide

Berekening demografische druk:
0-20 = 18/ 20-65 = 66 / 65+ = 16

Slide 15 - Open question

3. Demografische druk
Demografische druk Zeist: 80,5%
Demografische druk stad Utrecht: 48,2%
Demografische druk Nederland: 69,6%

Demografische druk Provincie Utrecht
18+ 16/ 66 x 100% = 51, 5%

Slide 16 - Slide

4. Leefbaarheid
Leefbaarheid: de mate waarin een woonwijk geschikt is om in te leven

Aantal voorzieningen (school/ winkel/ arts, maar ook theater, bioscoop, sportveldje), veiligheid, sociale cohesie, openbare ruimte

Slide 17 - Slide

Waarom is de stad leefbaar?1x
Waarom is de stad niet leefbaar?1x

Slide 18 - Mind map

Waarom is een dorp leefbaar? 1x
Waarom is een dorp niet leefbaar? 1x

Slide 19 - Mind map

5. Verzorgingsgebied
Drempelwaarde = minimum aantal klanten dat een voorziening nodig heeft

Reikwijdte = maximale afstand die mensen willen reizen voor een voorziening (winkel / school)

Draagvlak = aantal mogelijke klanten dat binnen reikwijdte van een voorziening woont




Slide 20 - Slide

Verzorgingsgebied
Gebied waaruit een voorziening zijn klanten haalt
Reikwijdte
De afstand die mensen willen afleggen voor een voorziening.

Slide 21 - Slide

Welke voorzieningen kunnen de drempelwaarde in een dorp wel halen?
A
bakker
B
ziekenhuis
C
juwelier
D
frietzaak

Slide 22 - Quiz

Welke van deze voorzieningen heeft de grootste reikwijdte?
A
Bioscoop
B
Bijenkorf
C
Efteling
D
Jumbo Supermarkt

Slide 23 - Quiz

De reikwijdte van een bioscoop is kleiner dan die van een bakker
A
Waar
B
niet waar

Slide 24 - Quiz

Doel van de les
- Weten hoe je demografische druk berekent
- Weten wat leefbaarheid betekent voor stad & platteland-




Slide 25 - Slide

Huiswerk
2.4: vraag 1 t/m 10

1. Maak je huiswerk in je werkboek
OF
2. Maak je huiswerk in Edition (Magister > Leermiddelen)

Slide 26 - Slide

Wat ga je onthouden
van deze les?

Slide 27 - Mind map

Afsluiting
Les donderdag: voorbereiden op de toets van de toetsweek

Nu: huiswerk 2.4 maken

Vragen?: blijf even hangen in de les

Slide 28 - Slide

Wat vond je fijn aan deze les (1x)/ wat vond je niet fijn aan deze les (1x)?

Slide 29 - Mind map