3.2 Binding in moleculen II

De bouw van stoffen
Herhaling 3.1 en helft 3.2
Welke stoffen zijn er?
Wat zijn hun eigenschappen?
Atoombinding/covalente binding?
1 / 13
next
Slide 1: Slide
ScheikundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

This lesson contains 13 slides, with text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

De bouw van stoffen
Herhaling 3.1 en helft 3.2
Welke stoffen zijn er?
Wat zijn hun eigenschappen?
Atoombinding/covalente binding?

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Slide

Welke stoffen zijn er?
Metalen
Soort deeltjes: metaal atomen
Voorbeeld: Fe, Zn, Cu
Moleculaire stoffen
Soort deeltjes: niet-metaal atomen
Voorbeeld: H2O, CO, NH3
Zouten
Soort deeltjes: metaal ion + niet-metaal ion
Voorbeeld: NaCl, AlBr3

Slide 3 - Slide

Welke eigenschappen hebben ze?

Slide 4 - Slide

Moleculaire stoffen

  • Verbindingen die alleen uit niet-metaal atomen bestaan.
  • Ook wel 'moleculen' genoemd.
  • Voorbeelden: H2O, C2H6O, HCN, PCl3
  • Ontstaat door vorming van atoombindingen/covalente bindingen
  • Moleculen worden bij elkaar gehouden door vanderwaalsbindingen.

Slide 5 - Slide

Atoombinding/covalente binding
  • Sterke binding tussen atomen in een molecuul


Slide 6 - Slide

Slide 7 - Video

3.2 Binding in moleculen
Deel 2
Polaire en apolaire atoombindingen

Slide 8 - Slide

Moleculen
Bindingen tussen moleculen

  • VanDerWaalskrachten (of molecuulbinding), altijd aanwezig

Binding tussen atomen
  • Atoombinding/covalente binding
--> Apolair
--> Polair



Van der Waals kracht

Slide 9 - Slide

De polaire binding in -O-H en in H₂O
H2O heeft twee -OH groepen. De O-H bindingen zijn polair. Hierdoor wordt een deel van molecuul een beetje negatief geladen en een deel een beetje positief

Slide 10 - Slide

Polaire atoombinding
Het ene atoom trekt harder aan het gedeelde elektronenpaar dan het ander
- Verschuiving elektronenpaar naar hoogste elektronegativiteit
- "Partiële lading" (δ- en δ+)

Slide 11 - Slide

Elektronegativiteit 
De elektronegativiteit geeft aan hoe hard het atoom aan het gedeelde electron trekt. Als het verschil tussen de 0,4 en 1,7 ligt is het een polaire binding

Slide 12 - Slide

Elektronegativiteit en binding
Het verschil in elektronegativiteit (ΔEN) bepaalt het soort binding (BiNaS 40A)

Slide 13 - Slide