Vraagzinnen en vraagwoorden

Vraagwoorden

  • Wie ben jij?
  • Wat is je naam?
  • Waar woon jij?
  • Wanneer hebben we pauze?
  • Hoeveel cursisten zijn in de klas?

1 / 13
next
Slide 1: Slide
NT2ISK

This lesson contains 13 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 60 min
Report this lesson

Items in this lesson

Vraagwoorden

  • Wie ben jij?
  • Wat is je naam?
  • Waar woon jij?
  • Wanneer hebben we pauze?
  • Hoeveel cursisten zijn in de klas?

Slide 1 - Slide

Vraagwoorden
Wat weten jullie nog?

Slide 2 - Slide

Vragen maken
Een vraag is een zin met op het einde een ?

Een vraagzin begint met een vraagwoord. 
Een vraagzin eindigt met een vraagteken.

Wie     Wat     Waar     Wanneer     Hoeveel 
1
2
3
4
5

Slide 3 - Slide

_______ is moe na de gymles?
A
Wie
B
Wat
C
Wanneer
D
Hoe

Slide 4 - Quiz

_____ doe je? Ik lees een boek.
A
Wie
B
Wat
C
Hoe
D
Wanneer

Slide 5 - Quiz

_________ heb je weekend?
Op zaterdag en zondag heb ik weekend.
A
Waar
B
Wanneer
C
Wat
D
Hoe

Slide 6 - Quiz

_________ is de school?
De school is in Den Helder.
A
Wie
B
Wanneer
C
Wat
D
Waar

Slide 7 - Quiz

___________ hebben wij de toets?
Op maandag hebben wij de toets.
A
Waar
B
Wanneer
C
Wie
D
Hoeveel

Slide 8 - Quiz

___________ docenten heb je?
Ik heb vier docenten.
A
Waar
B
Wanneer
C
Wie
D
Hoeveel

Slide 9 - Quiz

Er zijn meer vraagwoorden
Hoe                    Hoe gaat het? Hoe laat start de les? Hoe ga je naar school? Hoe heet jij? 

Waarom          Waarom ben je niet op school? Waarom leer je Nederlands? Waarom ben je boos?

Welk/Welke    Welke pen is van mij? Welk huisdier heb jij? 
Welke bus gaat om 9 uur?

Slide 10 - Slide

Slide 11 - Video

Werkblad
Vul het goede vraagwoord in.

Kies uit: 
Wie / Wat / Waar / Wanneer / Hoeveel / Welke / Waarom / Hoe 

Klaar?
Wordwall spelletjes (volgende dia)

Slide 12 - Slide

Wordwall spelletjes

Slide 13 - Slide