4.4 Voeding

4.3 Voeding
1 / 18
next
Slide 1: Slide
LOBMBOStudiejaar 1

This lesson contains 18 slides, with interactive quizzes and text slides.

Report this lesson

Items in this lesson

4.3 Voeding

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Voedingsstoffen

Slide 2 - Mind map

This item has no instructions

Macro-voedingsstoffen
Koolhydraten 
Eiwitten
Vetten
Mineralen 

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Wat zijn Koolhydraten?

Slide 4 - Open question

This item has no instructions

Koolhydraten 
Functie:
  • Energie bron voor het lichaam, vooral voor de hersenen

Bronnen: 
  • Gezond: Volkorenbrood, havermout, groenten, fruit, peulvruchten.
  • Minder gezond: Snoep, frisdrank, wit brood (snelle suikers)

Slide 5 - Slide

  • Energiebron: Koolhydraten zijn de primaire energiebron van het lichaam. Ze leveren glucose, die de cellen gebruiken voor energie, vooral voor hersenen en spieren.
  • Opslag van energie: Overtollige glucose wordt opgeslagen in de lever en spieren in de vorm van glycogeen. Als het lichaam extra energie nodig heeft, kan het glycogeen weer
  • Gezondheid van het spijsverteringsstelsel: Vezels helpen de spijsvertering en voorkomen constipatie, zorgen voor een goede darmwerking en helpen bij het behouden van een gezond gewicht.
Kies bij voorkeur voor gezonde koolhydraten, zoals volkoren granen, fruit, groenten en peulvruchten. Deze voedingsmiddelen bevatten naast koolhydraten ook vezels, vitamines en mineralen, wat bijdraagt aan een gezonde voeding.

Wat zijn eiwitten?

Slide 6 - Open question

This item has no instructions

Eiwitten
Functie:
  • Opbouw en herstel van spieren, cellen en weefsels. Ook belangrijk voor enzymen en hormonen

Bronnen:
  • Dierlijk: vlees, vis, eieren, zuivel
  • Plantaardig: peulvruchten, tofu, noten, zaden ,quinoa 

Slide 7 - Slide

Dierlijke producten: Vlees, vis, eieren, melk en kaas.
Plantaardige producten: Bonen, linzen, tofu, noten, zaden en bepaalde granen zoals quinoa.

Wat kan je beter eten?
A
Volkoren pasta
B
Witte rijst

Slide 8 - Quiz

This item has no instructions

Wat kan je beter eten?
A
Witte pasta
B
Zilvervlies rijst

Slide 9 - Quiz

This item has no instructions

Wat zijn vetten?

Slide 10 - Open question

This item has no instructions

Vetten
Functie: 
  • Energiebron, opname van vetoplosbare vitamines (A,D,E,K) bescherming van organen, bouwsteen van cellen. 

Bonnen: 
  • Gezond: olijfolie, noten, avocado, vette vis (omega-3)
  • Minder gezond: transvetten, veel verzadigd vet (In fastfood en gefrituurd eten) 

Slide 11 - Slide

Energiebron: Vetten leveren meer energie per gram dan koolhydraten en eiwitten (9 calorieën per gram vet tegenover 4 calorieën per gram koolhydraten en eiwitten). Ze worden gebruikt als een langdurige energiebron.
Opbouw van cellen: Vetten zijn belangrijke bestanddelen van celmembranen en spelen een rol in de opbouw van nieuwe cellen.
Isolatie en bescherming: Vetten helpen bij het isoleren van het lichaam tegen kou en beschermen vitale organen tegen beschadiging door stoten.
Vitaminenopname: Vetten zijn nodig om de in vet oplosbare vitaminen A, D, E, en K op te nemen, die belangrijk zijn voor de gezondheid van huid, botten, immuunsysteem en bloedstolling.

Is zalm een goede of een slechte VET
A
Goed
B
Slecht

Slide 12 - Quiz

This item has no instructions

Is chips een goede of slechte VET?
A
Goed
B
Slecht

Slide 13 - Quiz

This item has no instructions

Is Avocado een goede of een slechte VET?
A
Goed
B
Slecht

Slide 14 - Quiz

This item has no instructions

Zijn noten een goede of een slechte VET?
A
Goed
B
Slecht

Slide 15 - Quiz

This item has no instructions

Wat zijn Vitamines en Mineralen

Slide 16 - Open question

This item has no instructions

Waarin zitten Vitamines?

Slide 17 - Open question

This item has no instructions

Functies van Mineralen 
Functie: 
  • Niet energieleverend, maar essentieel voor bijna alle lichaamsprocessen- zoals temperatuurregeling, transport van voedingsstoffen en afvalstoffen. 

Aanbevolen hoeveelheid: 
  • Ongeveer 1,5 tot 2 ;liter per dag

Slide 18 - Slide

Calcium:
Bot- en tandgezondheid: Calcium is essentieel voor de opbouw en het onderhoud van sterke botten en tanden.
Spierfunctie: Het speelt een rol in spiercontracties en het reguleren van de spierfunctie.
Bloedstolling: Calcium is nodig voor de bloedstolling en het voorkomen van overmatig bloeden.
Magnesium:
Spier- en zenuwfunctie: Magnesium helpt bij de overdracht van zenuwimpulsen en spiercontracties, en draagt bij aan het verminderen van spierkrampen.
Energieproductie: Het is betrokken bij de omzetting van voedsel in energie.
Botgezondheid: Magnesium ondersteunt de opbouw van botten en helpt bij de opname van calcium in de botten.
Kalium:
Water- en elektrolytenbalans: Kalium speelt een rol in het handhaven van de vochtbalans en de elektrolytenbalans in de cellen.
Zenuw- en spierfunctie: Het is essentieel voor de normale werking van zenuwen en spieren, inclusief het hart.
Bloeddruk: Kalium helpt bij het reguleren van de bloeddruk.