Kapitel 2 Düsseldorf
Learning objective
Kapitel 2 Düsseldorf
Learning objective
Dinsdag 20/10
Planning van de dag:
doel van de les
uitleg datum en rangtelwoorden
evaluatie
huiswerk
Rangtelwoorden
Lesdoel: Aan het einde van de les kan ik de Duitse rangtelwoorden opschrijven en toepassen bij de opdrachten.
Wat is een rangtelwoord?
Welke letters komen er achter de getallen 1 t/m 19?
niks
ste
e
te
Welke letters komen er achter de getallen vanaf 20?
niks
ste
e
te
Vertaal: 3 mei
der dreite Mai
der 3 Mai
der dritte Mai
der 3. Mai
Vertaal: 6 november
der 6 November
der 6. November
der sechte November
der sechste November
Evaulatie
Lesdoel: Aan het einde van de les kan ik de Duitse rangtelwoorden opschrijven.
Wat is een rangtelwoord?
Hoe maak je een rangtelwoord?
Welke 4 rangtelwoorden zijn uitzonderingen?
Huiswerk
21/10
3e les uur globe 2
Maken blz. 88
opdrachten: 1, 2, 3, 4
(bij opdracht 4 heb je een agenda nodig)
Leren: K2L1 + de rangtelwoorden.
3e uur: gastles Trashpackers. Eerst melden bij globe 2
Donderdag 22/10
Planning van de les
huiswerk controle
terugblikken vorige les
doel van de les
uitleggen
luisteropdracht
huiswerk
Rangtelwoorden
Wat is een rangtelwoord?
Hoe maak je een rangtelwoord?
Welke 4 rangtelwoorden zijn uitzonderingen?
doel van de les
Ik kan voorzetsels met de vierde naamval et een persoonlijk voornaamwoord gebruiken.
Ik kan de tweeklanken uitspreken.
Grammatik A; voorzetsels met de vierde naamval en persoonlijk voornaamwoord
Slide text
Grammatik B: Voorzetsels met de vierde naamval en de ein-gruppe
Slide text
Luisteropdracht
blz. 91
opdr; 5
opdr.12
blz.99
Huiswerk
Dinsdag 27/10
1e uur; Globe 2
blz. 93
opdr: 6,7,8,9
blz. 98
opdr: 11,14
Leren:
K2L1 + rangtelwoorden
K2L2 Du-NL
Dinsdag 27/10
Planning van de dag;
huiswerk controle + controle leerwerk
herhalen grammatik A en B
doel van de les
uitleg grammatik C
luisteropdrachten
huiswerk
herhaling grammatik A en B
Slide text
Doel van de les
Ik kan voorzetsels met de vierde naamval met een zelfstandig naamwoord gebruiken (der-gruppe).
Grammatik C: voorzetsels met de vierde naamval en de der-Gruppe
Slide text
Luisteropdrachten
luisteropdrachten 15c, 16.
Huiswerk
Woensdag 28/10
3e uur globe 2
Maken opdrachten:
blz. 101
opdrachten 15 t/m 19
Leren:
K2L2
Woensdag 28/10
planning van de dag:
huiswerk controle
doel van de les
herhalen grammatik a,b,c
luisteropdrachten
SO
huiswerk
doel van de les
Ik kan woorden gebruiken die met eten en drinken te maken hebben.
eten en drinken
wat weten we al?
Grammatic a
Slide text
grammatic b
grammatic c
Slide text
Huiswerk
Donderdag 29/10
5e uur Globe 2
blz. 106
opdrachten: 20,21,22,23
leren: K2L3
SO K2L123 WOORDEN EN ZINNEN DONDERDAG 5 NOV.
RANGTELWOORDEN EN GRAMMATICA.
Dinsdag 3/11
Planning van de les:
Huiswerk controle: blz. 106 opdr 20,21,22,23
Mondelinge overhoring K2L123
Doel van de les
Huiswerk
Leren SO; dinsdag 10/11
doel van de les
Ik kan woorden gebruiken die met eten en drinken te maken hebben.
Welke woorden kennen we nog die te maken hebben met eten en drinken.
Huiswerk
Woensdag 4/11
3e uur globe 2
Maken blz. 111
opdrachten 24,25,26
Leren K2L3 woorden +zinnen
Klaar:
nakijken
leren SO donerdag 5/11
Woensdag 4/11
Planning van de dag:
huiswerk controle
herhalen grammatik A B C
Huiswerk
Leren SO Dinsdag
Grammatik A B C
Slide text
Grammatic a
Slide text
grammatic b
grammatic c
Slide text
Huiswerk
Donderdag 5/11
5e uur globe 2
Maken blz/ 116 Differenzierung
opdrachten: 1,2,8,9
Leren K2 L1 t/m L3; woorden, zinnen, rangtelwoorden.
Klaar:
Nakijken
leren SO (overhoren in 2 tallen)
Dinsdag 10/11
Planning:
maken SO
huiswerk
SO
op tafel:
pen
Klaar:
SO op de hoek van je tafel.
Werkboek blz. 118 maken opdrachten 31,32,33,34,35
zelfstandig aan het werk.
Klaar: nakijken
Woensdag 11/11
planning van de dag:
Huiswerk controle
doel van de les
uitleggen grammatik D
Luisteropdracht
huiswerk
Doel van de les
Ik kan het eerste en de vierde naamval bepalen.
Wat weet je nog over? Naamvallen
Hoe heet de 1e naamval in het Nederlands?
meewerkend voorwerp
lijdend voorwerp
persoonsvorm
onderwerp
Met welke vraag vind je het onderwerp van een zin?
Hoe heet de vierde naamval in het Nederlands?
onderwerp
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
persoonsvorm
Met welke vraag vind je het lijdend voorwerp in een zin?
Hieronder vind je de voorzetsels van de vierde naamval. Als een van deze voorzetsels in de zin staat, staat het zinsdeel erachter altijd in de vierde naamval. Het is belangrijk dat je de betekenis van de voorzetsels kent. Verbind het Duitse voorzetsel met de Nederlandse betekenis.
door
durch
für
gegen
ohne
um
voor
tegen
zonder
om
Uitleg 1e en 4e naamval
In de volgende dia vind je een uitlegvideo over de 1e en 4e naamval. Je kunt er zelf voor kiezen om deze video te kijken of over te slaan. Heb je na de video vragen, dan kun je altijd een vinger opsteken. De docent komt dan bij je langs.
Wat is het onderwerp in deze zin? Wir haben gestern ein Eis gegessen.
ein Eis
gestern
wir
haben
Wat is het lijdend voorwerp in deze zin? Wir haben gestern ein Eis gegessen.
ein Eis
gestern
wir
haben
Wat is de 1e naamval in deze zin? Meine Eltern haben einen Hund gekauft.
Meine Eltern
einen Hund
haben
gekauft
Wat is de 4e naamval in deze zin? Meine Eltern haben einen Hund gekauft.
Meine Eltern
einen Hund
haben
gekauft
De vierde naamval oefenen
In de volgende dia's ga je de vierde naamval oefenen en herhalen.
Neem bladzijde 13 in je boek erbij. Hier staan de der-gruppe en ein-gruppe. Ook staat de uitleg hier nog een keer als je deze nog een keer wil doorlezen.
Für ............ Schwester.
mein
meine
meinen
Gegen ............. Bruder.
deinen
dein
deine
Ohne ............ Vater.
der
die
den
das
Durch ......... Schule (v).
der
die
den
das
Sie will lieber ohne mein..... Vater Schuhe kaufen gehen.
Für d.......... Verein (m) ist dieses Spiel sehr wichtig.
Sie gewinnt oft gegen ........ Vater.
Sie macht sich sorgen um ihr...... Mutter.
Wenn sie gegen mein...... Freundin verliert, findet meine Schwester das Blöd.
Es gibt einfach keine Lösung für d..... Problem (o).
Hier, der Ball ist für dein.......... Bruder.
Ich habe gegen mein........ Trainer gewonnen.
Ich mache mir Sorgen um ihr...... Freundin.
Luisteropdracht
blz. 121
opdrachten 36
fragment 1 und 2
richtig oder falsch
Huiswerk
Donderdag 12/11
5e uur Globe 2
Maken blz. 121
Opdr. 36,37,38,39,40,41
Leren: K2L4 Du-Nl + die Monate und die Jahreszeiten.
Donderdag 12/11
Planning van de les:
huiswerk controle
doel van de les
herhalen grammatik D
luisteropdrachten
Huiswerk
doel van de les
Ik kan het zelfstandig naamwoord vervangen door een persoonlijk voornaamwoord in de eerste en de vierde naamval.
Grammatik D
Slide text
Slide heading
Slide text
Luisteropdrachten
blz. 128
opdr. 45a
46a
47
Huiswerk
Dinsdag 17/11
1e uur globe 1
Maken blz. 127
opdr. 43 t/m 48
Leren K2L4 en 5
Klaar?
Nakijken
Hw andere vakken