Zomer en ik ben de weg kwijt

Welkom op de taalles

 vandaag!
1 / 20
next
Slide 1: Slide
NederlandsISK

This lesson contains 20 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Welkom op de taalles

 vandaag!

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Pak je  telefoon

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Hoe gaat het met je?
šŸ˜’šŸ™šŸ˜šŸ™‚šŸ˜ƒ

Slide 3 - Poll

This item has no instructions

De datum van vandaag is .......?
A
1 juli
B
2 juli
C
3 juli
D
4 juli

Slide 4 - Quiz

This item has no instructions


Vandaag leer ik :

  • de weg vragen;
  • de weg uitleggen;
  • vertellen wat ik in de zomer doe;
  • een eenvoudig gesprek voeren

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Woordenschat:

  • de zomer
  • het strand
  • de zee
  • de zon
  • een ijsje
  • de weg kwijt
  • links
  • rechts
  • rechtdoor
  • helpen

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Wat doe jij in de zomer?

  • ☐ Ik ga naar het strand.
  • ☐ Ik ga naar het park.
  • ☐ Ik ga naar het zwembad.
  • ☐ Ik zwem.
  • ☐ Ik eet een ijsje.
  • ☐ Ik geniet van de zon.
  • ☐ Ik wandel.
  • ☐ Ik fiets.

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

In de zomer is het...



A
koud
B
warm
C
sneeuw

Slide 9 - Quiz

This item has no instructions

Wat zie je vaak in de zomer?


A
de zon
B
ijs
C
sneeuw

Slide 10 - Quiz

This item has no instructions

Wat draag je in de zomer?


A
een dikke jas
B
een T-shirt en een korte broek
C
een sjaal

Slide 11 - Quiz

This item has no instructions

Waar zwemmen mensen vaak?


A
in de zee of het zwembad
B
in de sneeuw
C
op straat

Slide 12 - Quiz

This item has no instructions

10 minuten

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

De zomer is begonnen. 
Het is mooi weer. 
Emma wil naar het strand. 
Ze kent de weg niet en vraagt hulp aan een voorbijganger. 

  • Emma vraagt:
"Goedemiddag. Kunt u mij helpen? Waar is het strand?"

  • Een man zegt:
"Ja. Ga rechtdoor. Bij de rotonde ga je links. Dan zie je het strand."

  • Emma zegt:
"Dank u wel!"

  • De man zegt:
"Graag gedaan. Veel plezier!"

  • Emma gaat naar het strand. Ze zwemt in de zee en eet een ijsje. Het is een mooie zomerdag.

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Spreekopdracht:
Werk samen.

  • Cursist A: Je wilt naar het strand, het park of het zwembad. Je bent de weg kwijt.

  • Cursist B: Leg de weg uit met links, rechts en rechtdoor.

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

 Oefening: Kies het juiste woord
  • Je wilt naar de andere kant van de straat. Je moet __________.
  • a. rechtsaf
  • b. oversteken
  • c. stoppen

  • Je wilt naar links. Je gaat __________.
  • a. linksaf
  • b. rechtdoor
  • c. terug

  • Je blijft dezelfde straat volgen. Je gaat __________.
  • a. oversteken
  • b. rechtsaf
  • c. rechtdoor


Slide 16 - Slide

Antwoorden: 1. b • 2. a • 3. c
Ik ga op reis en ik neem mee...
Summer Spinner #2

Slide 17 - Slide

Ik ga op reis en ik neem mee...

Om de beurt noemen de leerlingen wat ze meenemen op reis. De volgende leerling noemt eerst de voorwerpen van zijn voorgangers voordat hij/zij zelf een voorwerp aan de lijst toevoegt.
De spinner bepaalt wie er aan de beurt is.

  • Klik op de spinner
  • Klik op 'Go' en de beurt wordt aan een leerling gegeven.
  • Klik op 'Draai nog een keer zonder ...'
Tip:
  • Vinden de leerlingen het heel erg moeilijk de voorwerpen te onthouden? Laat ze dan in hun hoofd een afbeelding maken met de genoemde voorwerpen. Ze voegen steeds een voorwerp aan de 'tekening in hun hoofd' toe. Ze zullen ervaren dat dit het onthouden makkelijker maakt.
  • Schrijf de lijst met voorwerpen op en vraag de volgende dag wie de meeste voorwerpen nog weet.

Hoe vond je deze les?
niet leuk ........................ heel leuk
šŸ˜’šŸ™šŸ˜šŸ™‚šŸ˜ƒ

Slide 18 - Poll

This item has no instructions

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Slide 20 - Slide

This item has no instructions