B3: Horen en zien

B3: Horen en zien
Leerdoelen
  • Ik kan de delen van het oor benoemen met hun functie 
  • Ik kan de bouw en werking van het oog beschrijven
1 / 38
next
Slide 1: Slide
BiologieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1

This lesson contains 38 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

B3: Horen en zien
Leerdoelen
  • Ik kan de delen van het oor benoemen met hun functie 
  • Ik kan de bouw en werking van het oog beschrijven

Slide 1 - Slide

De cellen in de hoornlaag zijn...
A
Levend
B
Dood

Slide 2 - Quiz

In welke laag zitten de haarzakjes?
A
Kiemlaag
B
Opperhuid
C
Hoornlaag
D
Lederhuid

Slide 3 - Quiz

In welke laag zitten de tastzintuigen?
A
Kiemlaag
B
Opperhuid
C
Hoornlaag
D
Lederhuid

Slide 4 - Quiz

Welke vijf smaken kun je proeven?

Slide 5 - Open question

Waar proef je deze smaken mee?

Slide 6 - Open question

B3: Horen en zien

Slide 7 - Slide

B3: Horen en zien
De bouw van de oren
Evenwichtsorgaan en gehoororgaan

Trommelvlies wordt in trilling gebracht door geluid

Slide 8 - Slide

B3: Horen en zien
De bouw van de oren
Trommelvlies geeft trilling door aan gehoorbeentjes - vloeistof in slakkenhuis

In slakkenhuis zitten de zintuigcellen!

Slide 9 - Slide

B3: Horen en zien
De bouw van de oren
Buis van eustachius is verbonden met keelholte

Dit zorgt ervoor dat de trommelvlies goed kan blijven trillen

Slide 10 - Slide

B3: Horen en zien
De bouw van de ogen
Door de pupil komt licht het oog binnen

Achter de pupil ligt de lens: zorgt ervoor dat je scherp kunt zien

Slide 11 - Slide

B3: Horen en zien
De bouw van de ogen
Het oog bestaat uit drie lagen: 
  • harde oogvlies
  • vaatvlies
  • netvlies

Slide 12 - Slide

B3: Horen en zien
De bouw van de ogen
In het netvlies ligt de gele vlek: hiermee kun je het scherpst zien

De plek waar de oogzenuw het oog verlaat is de blinde vlek

Slide 13 - Slide

B3: Horen en zien
De bouw van de ogen

Slide 14 - Slide

B3: Horen en zien
De pupilrelfex
Regelt de hoeveelheid licht die het oog binnen valt

Slide 15 - Slide

Bij fel licht is de pupil...
A
klein
B
groot

Slide 16 - Quiz

B3: Horen en zien
De werking van de ogen
De lens kan boller en platter worden, zodat het licht precies op het netvlies valt

Slide 17 - Slide

B3: Horen en zien
De werking van de ogen
Bijziend: ziet dichtbij scherp. De lens is te bol of de oogbol is te lang

Verziend: ziet in de verte scherp. De lens is te plat of de oogbol te kort

Slide 18 - Slide

Als je bijziend bent heb je dan een + of - bril nodig?
A
+
B
-

Slide 19 - Quiz

B3: Horen en zien
De werking van de ogen
Bijziend: ziet dichtbij scherp
  • negatieve bril nodig

Verziend: ziet in de verte scherp
  • positieve bril nodig

Slide 20 - Slide

B3: Horen en zien
Leerdoelen
  • Ik kan de delen van het oor benoemen met hun functie 
  • Ik kan de bouw en werking van het oog beschrijven

B3: 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8,

9, 10

Slide 21 - Slide

Slide 22 - Video

Organen rond het oog

1. Wimper: De wimpers voorkomen dat er 
    zweet in je ogen loopt.

2. Ooglid (bovenste en onderste)

3. Wenkbrauw

4. Traanklieren met Traanbuizen 
      (deze zie je niet op de afbeelding)

Wit : het harde oogvlies
Gekleurd : de iris (met de spiertjes)
Zwart : de pupil
Over de de iris en de pupil zit het hoornvlies, dat is een kleurloos vlies.
Deze onderdelen zie je: 

Slide 23 - Slide

Wat weet je (al) over het oog?

1. Ken je de onderdelen het oog?
2. Ken je de functies van de onderdelen van het oog
3. Kun je uitleggen hoe je ziet?
4. Ken je de organen rond het oog?
5. Weet je de functies van de organen die rond het oog liggen? 
6. Kun je uitleggen hoe het zit van prikkel tot respons m.b.t. zien?

Slide 24 - Slide

Deze zorgt ervoor dat het beeld op de gele vlek terechtkomt
A
De iris
B
Het netvlies
C
De blinde vlek
D
De lens

Slide 25 - Quiz

Wist je dat...
....  Er maar weinig vrouwen kleurenblind zijn
....  Bruin de meest voorkomende kleur van de iris is? 
      Op nummer 2 staat blauw, laatste in de lijst is groen...
....  Je in totaal een half uur per dag met je ogen knippert? Als je met je ogen knippert, 
      glijden je oogleden bliksemsnel op en neer over de gevoelige bovenste laag van je
      oog. Tegelijkertijd wassen ze ziektekiemen en stoffen uit je ogen. Knipperen duur
      één-derde seconde.
....  Een insect weliswaar 2 ogen heeft, maar die bestaan op hun beurt weer uit 
      honderden kleine oogjes, die facetten heten. Waarschijnlijk ziet een insect de wereld 
      als een groot mozaïek van kleine plaatjes 

Slide 26 - Slide

Waardoor zien we op de blinde vlek niets?
A
omdat die plek blind is
B
omdat daar geen zintuigcellen zitten

Slide 27 - Quiz

Het gekleurde deel van je oog heet:
A
Pupil
B
Iris
C
Oogkas
D
Oogwit

Slide 28 - Quiz

Hoe noemen we het gekleurde deel van ons oog?
A
pupil
B
iris

Slide 29 - Quiz

Alles wat binnenin je oog ligt krijgt bescherming door?
A
Het vaatvlies
B
Het netvlies
C
De lens
D
Het harde oogvlies

Slide 30 - Quiz

Hoe hoor je geluiden?
  • Geluid is een trillende lucht
  • oorschelpen vangen
     geluidstrillingen op
  • opgevangen geluid komt in
     de gehoorgang
  • einde gehoorgang ligt het
  trommelvlies (net als een vel over een trommel)
  • geluidstrillingen laten het
     trommelvlies trillen
  • oorsmeerkliertjes in de gehoorgang maken oorsmeer, hierdoor blijft het trommelvlies soepel en trilt makkelijker

Slide 31 - Slide

Gehoorbeentjes
  • In de trommelholte achter
     het trommelvlies liggen 3 botjes:   
     gehoorbeentjes: hamer, aambeeld, 
                                                 stijgbeugel

  • als het trommelvlies trilt
     gaan de gehoorbeentjes ook trillen
  • die geven de trillingen door
     aan het slakkenhuis
  • de trommelholte met daarin de gehoorbeentjes vormen het middenoor

Slide 32 - Slide

Slakkenhuis 

  • gehoorbeentjes geven de trillingen door aan  het slakkenhuis
  • het slakkenhuis is gevuld met vloeistof, de trillingen worden in het slakkenhuis omgezet in vloeistoftrillingen.
  • in het slakkenhuis zitten zintuigcellen met haartjes, die bewegen mee met de trillingen
  • verschillende zintuigcellen:
     lage en hoge tonen
  • in de zintuigcellen ontstaan impulsen
  • impulsen gaan via gehoorzenuw naar de                        hersenen
  • in je hersenen word je je bewust van welk geluid je hoort
  • het slakkenhuis en de gehoorzenuw horen bij het binnenoor

Slide 33 - Slide

Welke geluiden kun je horen?

  • lage toon - 
lucht trilt minder vaak per seconde dan bij een hoge toon

  • Hertz = aantal trillingen per seconde


  • mens - laagste toon = 20 Hertz=onderste

                                                          gehoorgrens

             - hoogste toon = 20000 Hertz=  

                                              bovenste gehoorgrens

  • gebied tussen beide gehoorgrenzen = gehoorbereik


Slide 34 - Slide

Waardoor hoor je jezelf slikken?
- trommelvlies: druk moet aan
  beide kanten even groot zijn, om 
  goed te kunnen trillen.
- opstijgen vliegtuig: meer lucht in 
  trommelholte dan in gehoorgang, 
  hierdoor trilt het trommelvlies niet 
  meer goed

Slide 35 - Slide

Buis van Eustachius
- teveel aan lucht in de 
   trommelholte kan via de buis van
   Eustachius eruit naar de keelholte
- buis van Eustachius meeste dicht, 
   bij slikken of gapen gaat hij open 
   en hoor je de slikgeluiden in je 
   keel
-bij verkoudheid of keelontsteking kunnen er 
  ziekteverwekkersdoor de buis naar de trommelholte gaan, 
  hierdoor middenoorontsteking, kinderen hebben een kortere
  buis daardoor vaker verkouden

Slide 36 - Slide

Werking oog

Slide 37 - Slide

Correctie van het oog
Correctie van het oog met behulp van een lens:

Slide 38 - Slide