Sociale zekerheid

Welkom 
THEMA VANDAAG:
SOCIALE ZEKERHEID!
1 / 23
next
Slide 1: Slide
EconomieMiddelbare schoolvmbo gLeerjaar 3

This lesson contains 23 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

Items in this lesson

Welkom 
THEMA VANDAAG:
SOCIALE ZEKERHEID!

Slide 1 - Slide

De lesdoelen voor vandaag:
  • Waarom er sociale zekerheid is
  • Welke soorten sociale uitkeringen er zijn
  • Wie de sociale zekerheid betaalt
  •                                 Sociaal vangnet

Slide 2 - Slide

Terugblik met quizje
Overheid: stelt regels vast om de samenleving goed te laten functioneren.
Lagere overheden:
- gemeente
- provincie
- waterschappen

Centrale overheid:
- Het Rijk: als gesproken wordt over de overheid. 

Slide 3 - Slide

Infrastructuur bestaat uit voorzieningen die nodig zijn voor vervoer en communicatie. Zijn voorzieningen voor waterbeheer een soort infrastructuur?
A
Ja
B
Nee

Slide 4 - Quiz

De overheid geeft subsidie om positief gedrag te stimuleren. Wat is géén voorbeeld van subsidie?
A
Voorlichting geven over gezond leven.
B
Isolatie van een woning.
C
Technologische innovatie voor bedrijven.
D
Omscholing naar tekortberoepen.

Slide 5 - Quiz

Gemeente
Provincie
Waterschappen
Overheid

Jeugd- en ouderenzorg
Indeling grondgebied
Bescherming tegen overstromingen
Coronamaatrege-
len

Slide 6 - Drag question

Wat is géén onderdeel van de infrastructuur in Nederland?
A
Wegen
B
Riolering
C
Webcam
D
Internet

Slide 7 - Quiz

Sociale zekerheid
Nederland wordt een verzorgingsstaat genoemd, MAAR: 
Er wordt van iedereen verwacht om zoveel mogelijk mee te doen:
                           Participatiewet

Sociaal minimum: vastgesteld minimumbedrag door de overheid om van 
                                       te kunnen leven.

Solidariteitsbeginsel: iedereen moet een deel van het inkomen afstaan voor
                                              mensen die zelf geen inkomen kunnen verdienen.


Slide 8 - Slide

Slide 9 - Video

Verzorgingsstaat
- Voor iedereen een minimumbedrag om van te leven. Laag
    inkomen, overheid vult aan tot sociaal minimum.
- Uitkeringen vallen onder sociale zekerheid
- Zorgtoeslag en huurtoeslag
- Gezondheidszorg, huisvesting en onderwijs voor iedereen.

Slide 10 - Slide

Twee groepen uitkeringen:
1. Sociale verzekeringen: - werknemersverzekeringen
                                                     - volksverzekeringen
    Deze worden betaald met sociale premies. 
2. Sociale voorzieningen: uitkeringen betaalt door de overheid 
                                                      met belastinggeld, bijv. een bijstands-
                                                      uitkering en kinderbijslag. 

Slide 11 - Slide

Sociale verzekeringen
a. Werknemersverzekeringen
WW = Werkloosheidswet: eerste 2 maanden 75%, daarna 70%.
ZW = Ziektewet: maximaal 2 jaar, 1ste jaar 100%, 2de jaar 70%.
            Afhankelijk van de CAO. De werkgever betaalt
WIA = Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen: als je na 2
             jaar nog niet kunt werken, word je arbeidsongeschikt ver-
             klaard. Deze uitkering is 70% van je loon. 

Slide 12 - Slide

Sociale verzekeringen
b. Volksverzekeringen
AOW = Algemene ouderdomswet, gaat in wanneer je met pen-
               sioen mag: de AOW-gerechtigde leeftijd. Die wordt 
               geleidelijk verhoogd. 
ANW = Algemene nabestaandenwet: als je partner overlijdt en
               je moet voor één of meer kinderen zorgen die onder de 
               18 jaar zijn. 

Slide 13 - Slide

Sociale voorzieningen
- Kinderbijslag
- Bijstandsuitkering o.g.v. de Participatiewet
Participatiewet: Iedereen die kan werken maar het op de ar-
                                   beidsmarkt zonder ondersteuning niet redt,
                                   valt onder de Participatiewet. De wet moet 
                                   ervoor zorgen dat meer mensen werk vinden,
                                   ook mensen met een arbeidsbeperking.

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Video

Welke uitkering is zowel een sociale verzekering als een volksverzekering?
A
WW-uitkering
B
AOW-uitkering
C
Kinderbijslag
D
WIA-uitkering

Slide 16 - Quiz

Welk van onderstaande uitkeringen is géén werknemersverzekering?
A
ZW-uitkering
B
WW-uitkering
C
WIA-uitkering
D
ANW-uitkering

Slide 17 - Quiz

Welke uitkering wordt door de overheid met belastingeld betaald?
A
AOW-uitkering
B
ANW-uitkering
C
Bijstandsuitkering op grond van de Participatiewet
D
WW-uitkering

Slide 18 - Quiz

Welke voorziening valt niet onder de verzorgingsstaat?
A
Gezondheidszorg
B
Onderwijs
C
Huisvesting
D
Hypotheekrenteaftrek

Slide 19 - Quiz

Wie 
betaalt?

Slide 20 - Slide

Vragen maken 
- Een paar vragen klassikaal maken
- De overige tijd zelfstandig verder werken

Slide 21 - Slide

Nabespreken
Verzorgingsstaat
Sociale verzekeringen
Sociale voorzieningen
Participatiewet
Wie de uitkeringen betaalt


Slide 22 - Slide

Slide 23 - Slide