7.1 Organismen (ABS)

              Startklaar
  • Op je plek zitten 
  • Telefoon niet aanwezig in de klas
  • Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
  • Schoolspullen op tafel: Schrift, Boek, Chromebook, etui 
  • Ingelogd in LessonUp
  • Schrift open
  • boek open blz. 160
  • Huiswerk: beschrijf wat je verstaat onder ecologie
timer
1:00
1 / 22
next
Slide 1: Slide
BiologieMiddelbare schoolmavo, havo, vwoLeerjaar 1-6

This lesson contains 22 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 70 min

Items in this lesson

              Startklaar
  • Op je plek zitten 
  • Telefoon niet aanwezig in de klas
  • Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
  • Schoolspullen op tafel: Schrift, Boek, Chromebook, etui 
  • Ingelogd in LessonUp
  • Schrift open
  • boek open blz. 160
  • Huiswerk: beschrijf wat je verstaat onder ecologie
timer
1:00

Slide 1 - Slide

1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
Mededeling toets periode 3 en Praktische opdracht






periode 3: toets telt 4 mee in plaats van 2! Gaat over alle stof van dit jaar, niet alleen deze periode . En telt ook als cijfer mee voor volgend jaar.

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Overzicht Periode 3
  • Thema: Ecologie en milieu
  • Benodigde lesmaterialen: Boek B, BiNas, 
Week 12
Week 14
Week 15
Week 16
Week 17/18
Week 19
Week 20
Week 21 t/m 25
Week 26
Toets bespreken
7.1+7.2
7.3+7.5
7.4+7.5
7.6+7.7
Meivakantie
PO presentaties
7.3+7.5
Evolutie
Herhaling + oefenen examenopgaven
Toetsweek 3

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Thema 7 Ecologie en milieu
7.1 Organismen

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

           Leerdoelen
  1. R: Je kunt beschrijven wat een ecosysteem is en wat de kenmerken ervan zijn
  2. T1: Je kunt biotische en abiotische factoren binnen een ecosysteem benoemen.
  3. T2: Je kunt de invloed van de belangrijkste abiotische factoren op organismen beschrijven.


Slide 5 - Slide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.   
           Instructie
Lees eens de leerdoelen.
Beschrijf voor jezelf in je schrift wat die leerdoelen zijn. Wat denk je dat je moet beheersen? 
Doe dit door je boek te raadplegen
Zorg ervoor dat je input klaar is om in lessonup in te voeren

Slide 6 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


Wat is een ecosysteem? Noem de kenmerken op.

Slide 7 - Open question

This item has no instructions

Organisatieniveau's in ecologie
Van de kleinste organisatieniveaus naar de grootste:
  • Organisme
  • Populatie
  • Levensgemeenschap
  • Ecosysteem
  • Bioom of biosfeer
Een levensgemeenschap en een omgeving (biotoop) vormen samen een ecosysteem.

Slide 8 - Slide

Voorbeelden van biotoop: 
temperatuur
water (hoeveel en hoe schoon)
bodemsoort
licht en lucht
Oefenen: 
organisme, populatie, levensgemeenschap, ecosysteem, 
biosfeer.
Checklist:
  • Dual Coding (woord en beeld combineren)
  • Concrete voorbeelden
  • Herkenbare voorbeelden gerelateerd aan de leefwereld van de leerlingen
1
2
3
4
5
6

Slide 9 - Slide

5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische en concrete voorbeelden die voor leerlingen herkenbaar zijn in hun eigen leefwereld om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven. 
Biotische factoren en abiotische factoren zijn van invloed in een ecosysteem

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

           Aan de slag
Oefening biotische en abiotische factoren:
https://biologiepagina.nl/Oefeningen/Biotischabiotisch/biotischofabiotisch.htm
Bezoek de link en maak de vragen (3 minuten)

Slide 11 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen
Schrijf alle biotische factoren die je hebt aangeklikt op

Slide 12 - Open question

This item has no instructions

Schrijf alle abiotische factoren die je hebt geklikt op

Slide 13 - Open question

This item has no instructions


Elk soort heeft zijn habitat. Habitat betekent leefgebied.
Wat is de habitat voor een zebra?
A
Noordzee
B
Noordpool
C
Den Haag
D
Savanne

Slide 14 - Quiz

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.
Kangoeroe's komen voor in Australie. Waarom niet in NL? Zoek op wat de verpreidinsgebied van de ijsbeer is. Waarom?

Slide 15 - Open question

Ijsbeer komt voor in antarctica.
gunstige temperatuur → ze hebben extreme kou nodig
noodzakelijk zee-ijs → essentieel om op zeehonden te jagen
gunstige seizoenen/licht → beïnvloedt hun jachtgedrag
Opgave: De bodemstructuur en de samenstelling bepalen of een bodem geschikt is voor de groei van wortels.
Welke abiotische factoren spelen hierbij een rol?

Slide 16 - Open question

Abiotische factoren die een rol spelen bij de groei van wortels zijn de grootte van de korrels en de hoeveelheid anorganische stoffen, water en zuurstof.
Havo Biologie 2025-2 vraag 34
In 1972 kwam er op Oahu, een eiland van Hawaï, een vracht aan met 36 driehoornkameleons uit Kenia. De dieren ontsnapten en nu komt de soort algemeen voor op het eiland Oahu.

Driehoornkameleons gebruiken hun felle kleuren om signalen te geven aan hun soortgenoten. De driehoornkameleons die op Oahu leven, zijn kleurrijker dan de driehoornkameleons die in Kenia leven. Tot 1972 leefden er geen driehoornkameleons op Oahu.Een verklaring voor de vestiging en snelle verspreiding van de driehoornkameleons op Oahu, is de afwezigheid van predatoren. Er zullen echter ook andere factoren een rol gespeeld hebben.
1. Verklaar aan de hand van een andere biotische factor dan predatie, dat de driehoornkameleons konden overleven op Oahu.
2. Verklaar aan de hand van een abiotische factor dat de driehoornkameleons konden overleven op Oahu.

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Antwoord
Maximumscore 2

voorbeelden van een juiste verklaring voor overleving aan de hand van een
biotische factor:
- Er is voldoende voedsel aanwezig.
- Er zijn geen ziekteverwekkers aanwezig.
voorbeelden van een juiste verklaring voor overleving aan de hand van een
abiotische factor:
- De temperatuur ligt binnen de tolerantiegrenzen.
- De luchtvochtigheid is gunstig.



Slide 18 - Slide

This item has no instructions

           Afsluiting
R: Je kunt beschrijven wat een ecosysteem is en wat de kenmerken ervan zijn
T1: Je kunt biotische en abiotische factoren binnen een ecosysteem benoemen.
T2: Je kunt de invloed van de belangrijkste abiotische factoren op organismen beschrijven.

Check je begrip: Maak vraag 4 en 5 (blz 165). Morgen bespreken. gebruik de begrippen soortensamenstelling, tolerantie, optimum, beperkende factor

Slide 19 - Slide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner. 

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

           Begrippen
           uit deze les
  • Ecologie, biosfeer (systeem aarde), levensgemeenschap, biotische factoren, abiotische factoren, biotoop, ecosysteem, habitat, soortensamenstelling, tolerantie, optimum, beperkende factor

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Eindslide.

Ruimte voor een afsluitend woord.

Slide 22 - Slide

This item has no instructions