B7

Basisstof 7: De lever en nieren
1 / 39
next
Slide 1: Slide
BiologieMiddelbare schoolvmboLeerjaar 4

This lesson contains 39 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Basisstof 7: De lever en nieren

Slide 1 - Slide

hoe heet het ademhalingsstelsel van een insect?
A
long
B
kieuw
C
trachee
D
maag

Slide 2 - Quiz

Bij het pantoffeldiertje vindt gaswisseling plaats via het celmembraan.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 3 - Quiz

Een wesp maakt vaak bewegingen met zijn achterlijf, waarom maakt hij deze bewegingen?
A
Om dat hij ADHD heeft
B
Omdat hij zo zijn vijanden op afstand houdt
C
Omdat hij jeuk heeft
D
Om adem te halen

Slide 4 - Quiz

Een pad heeft longen, via welk ander orgaan vindt bij een pad ook gaswisseling plaats.
A
Via de mond
B
Via de staart
C
Via de huid
D
Via de ogen

Slide 5 - Quiz

Vissen ademen met
A
Kieuwen
B
Longen

Slide 6 - Quiz

Hoe ademen kakkerlakken?
A
Longen
B
Kieuwen
C
Tracheeën

Slide 7 - Quiz

Zoogdier haalt adem met de
A
kieuwen
B
huid
C
longen

Slide 8 - Quiz

Hiernaast zie je een kikker, deze hoort tot de klasse van de amfibieën.
Hoe ademen de kikkervisjes?
A
Longen en huid
B
Via de huid
C
Kieuwen
D
Kieuwen en huid

Slide 9 - Quiz

Bij dit dier vindt gaswisseling via de kieuwen.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 10 - Quiz

Welke dieren gebruiken tracheeën voor gaswisseling
A
vogels
B
insecten
C
spinnen
D
eencelligen

Slide 11 - Quiz

Bij dit dier vindt gaswisseling via de longen en de huid
A
Juist
B
Onjuist

Slide 12 - Quiz

Bij dit dier vindt gaswisseling via de kieuwen plaats.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 13 - Quiz

Thema 14 gaswisseling en uitscheiding

B1 Een constant inwendig milieu
B2 De huid en het onderhuidse bindweefsel
B3 Het ademhalingsstelsel van de mens
B4 Inademen en uitademen
B5 Luchtkwaliteit en longaandoeningen
B6 Gaswisseling bij dieren
B7 De lever en de nieren

Slide 14 - Slide

Leerdoel B7
- Je kunt de functies van de lever noemen.
- Je kunt de delen van de nieren en van de urinewegen noemen met hun kenmerken en functies.

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Video

Bouw van de lever

Slide 17 - Slide

Slide 18 - Slide

Functies van de lever:

  • Productie van gal (emulgeert vetten)
  • Constant houden van het glucosegehalte in het bloed

  • Productie van fibrinogeen (bloedstolling)
  • Afbraak van overschot eiwitten (ureum is de afvalstof)
  • Afbraak van dode rode bloedcellen (galkleurstoffen is het afbraakproduct)
  • Ontgifting van bloed (o.a. alcohol, drugs, medicijnen)

Slide 19 - Slide

Hepatitis (leverziekte)
Hepatitis: virusziekte waarbij de lever ontstoken is.
(Hepatitis A,B,C en E)

Hepatitis B kun je krijgen door bloedcontact of onveilige seks met iemand die besmet is.
De ziekte kan ook chronisch worden en een leverontsteking veroorzaken. Door de ontsteking in de lever kunnen levercellen afsterven (levercirrose).
Ook is er een verhoogde kans op leverkanker.

Slide 20 - Slide

Onder invloed van ......... slaat de lever glucose op
A
Glycogeen
B
Insuline
C
Langerhans
D
Bloedsuikerspiegel

Slide 21 - Quiz

Door insuline slaat de lever glucose op in de vorm van
A
Glycogeen
B
Vet
C
Langerhans
D
Bloedsuikerspiegel

Slide 22 - Quiz

Alvleesklier maakt ....
Alvleesklier maakt ....
insuline
glucagon

Slide 23 - Drag question

Slide 24 - Video

Nieren
Halen de afvalstoffen uit het bloed

Maar ook schadelijke stoffen en overtollig water en zouten

Dit noemen we urine

Slide 25 - Slide

Nierschors en niermerg vormen urine.

In de nierbekkens wordt urine verzameld.

Slide 26 - Slide

Slide 27 - Slide

Samenstelling urine

Veel zouten --> donkere urine
Weinig zouten (veel water) --> lichte urine

Slide 28 - Slide

Hieronder zie je een doorsnede van een nier. 
Zet de namen van de onderdelen op de juiste plaats.
nierbekken
nierschors
niermerg
urineleider
nierslagader
niersader

Slide 29 - Drag question

Welk geeft nummer 3 aan?
A
Urineleider
B
Nierschors
C
Niermerg
D
Nierbekken

Slide 30 - Quiz

De onderdelen van de nier zijn van buiten naar binnen:
A
Nierbekken; niermerg; nierschors
B
Nierschors; nierbekken ;niermerg
C
Niermerg ; nierschors; nierbekken
D
Nierschors; niermerg; nierbekken

Slide 31 - Quiz

Examenvraag 1
Noem een functie van de nieren.


Slide 32 - Slide

Examenvraag 1
Noem een functie van de nieren.

Voorbeelden van een juiste functie:
• water / afvalstoffen uitscheiden
• bloed filteren



Slide 33 - Slide

Examenvraag 2
Als je veel drinkt, moet je veel plassen. De kans om een blaasontsteking te krijgen is daardoor kleiner dan wanneer je weinig drinkt.
Leg uit dat veel plassen de kans op een blaasontsteking verkleint.

Slide 34 - Slide

Examenvraag 2
Als je veel drinkt, moet je veel plassen. De kans om een blaasontsteking te krijgen is daardoor kleiner dan wanneer je weinig drinkt.
Leg uit dat veel plassen de kans op een blaasontsteking verkleint.

Door het plassen worden bacteriën uit de urinebuis / urineblaas weggespoeld.


Slide 35 - Slide

Examenvraag 3
Bacteriën die een blaasontsteking veroorzaken, kunnen zich via een urineleider verder verspreiden.
Hoe heet het orgaan waarin bacteriën als eerste terechtkomen als ze zich vanuit de urineblaas verder verspreiden via een urineleider?

Slide 36 - Slide

Examenvraag 3
Bacteriën die een blaasontsteking veroorzaken, kunnen zich via een urineleider verder verspreiden.
Hoe heet het orgaan waarin bacteriën als eerste terechtkomen als ze zich vanuit de urineblaas verder verspreiden via een urineleider?

Nier(bekken)


Slide 37 - Slide

Oefenen
Maak online opdrachten 1 t/m 7 van 14.7
Opdracht 4 maak je in je boek 
De lesstof lees je in je boek op blz. 232 t/m 235


Eerste 5 minuten stil, daarna fluisterniveau
Klaar? Start met de test jezelf van 14.7

Slide 38 - Slide

Huiswerk morgen
14.6 en 14.7

Slide 39 - Slide