Spelling - meervouden op -en bladzijde 99

Meervouden op -en
1 / 25
next
Slide 1: Slide
Middelbare schoolvwoLeerjaar 1

This lesson contains 25 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Meervouden op -en

Slide 1 - Slide

Doel van deze les: 
>> Je kunt meervouden maken op -en

Slide 2 - Slide

Meervoud op -en
Woorden die eindigen op een medeklinker (bijv  K, R, T)
krijgen meestal -en in het meervoud.

Als het voor de uitspraak nodig is, verdubbel je 
de medeklinker of verenkel je de klinker.

kat - katten (niet: *katen), 
beer - beren (niet *beeren)

Slide 3 - Slide

Meervoud op -en
alleen + en 
vrouw - vrouwen
letter verdubbelen
bed - bedden
letter weghalen
schuur - schuren
s wordt z
muis - muizen
f wordt v
dief - dieven

Slide 4 - Slide

Wat is het meervoud van:
appelflap?

Slide 5 - Open question

Meervoud van
- danspas

Slide 6 - Open question

Meervoud van
- verjaardagsbrief

Slide 7 - Open question

Meervoud van
-slagroomsoes

Slide 8 - Open question

Meervoud van
- Toverstaf

Slide 9 - Open question

Meervoud van
- geluidsbox

Slide 10 - Open question

Regels meervoud
Een aantal woorden hebben alleen een enkelvoud of meervoud.

nieuws, hersenen
muziek, wiskunde

Slide 11 - Slide

Hoe moet dat met meervoud van woorden op -ee en -ie


- Als het enkelvoud eindigt op -ee maak je 
het meervoud met -ën: 

 idee --> ideeën
fee --> feeën
trofee --> trofeeën

Slide 12 - Slide

Hoe moet dat met meervoud van woorden op -ee en -ie


- Als het enkelvoud eindigt op -ie, maak je het meervoud met -ën of met -n. Dit is afhankelijk van de klemtoon.

- Valt de klemtoon op -ie, dan voeg je -ën toe: theorie --> theorieën

- Als de klemtoon valt op een andere lettergreep, dan krijgt de laatste e een trema en voeg je alleen -n toe: olie --> oliën

Slide 13 - Slide

Oefenen!

Slide 14 - Slide

Feeën of feën?
A
Feeën
B
feën

Slide 15 - Quiz

industrieën of industriën?
A
industrieën
B
industriën

Slide 16 - Quiz

industrieën
- Enkelvoud eindigt op -ie --> industrie
- Klemtoon valt op -ie 
Dus: + -ën 

Slide 17 - Slide

bacteriën of bacterieën?
A
bacterieën
B
bacteriën

Slide 18 - Quiz

bacteriën
- Enkelvoud eindigt op -ie 
- Klemtoon valt niet op -ie, maar op bacterie
Dus: + trema (puntjes op e) en + -n 

Slide 19 - Slide

braderieën of braderiën
A
braderieën
B
braderiën

Slide 20 - Quiz

braderieën
- Enkelvoud eindigt op -ie 
- Klemtoon valt op -ie --> braderie
dus: + -ën

Slide 21 - Slide

poriën of porieën
A
poriën
B
porieën

Slide 22 - Quiz

poriën
- enkelvoud eindigt op -ie 
- klemtoon valt niet op -ie, maar op porie
Dus: trema en + -n

Slide 23 - Slide

Maken:
opdracht 1 t/m 3 

(bladzijde 98, 99)

Slide 24 - Slide

Ik snap hoe meervouden op -en werken
😒🙁😐🙂😃

Slide 25 - Poll