Do 06-04-2023 4.1

1 / 11
next
Slide 1: Slide
DuitsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2

This lesson contains 11 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

H49
Donnerstag 6. April 2023

Slide 2 - Slide

die Planung
  • Grammatik A + B
  • Aufgaben

Slide 3 - Slide

Grammatik A
trappen van vergelijking

Slide 4 - Slide

Trappen van vergelijking
A: Trappen van vergelijking

Slide 5 - Slide

Trappen van vergelijking
A: Trappen van vergelijking

Slide 6 - Slide

Trappen van vergelijking
A: Trappen van vergelijking

Slide 7 - Slide

Grammatik B
vergelijkingswoorden

Slide 8 - Slide

Trappen van vergelijking
B: vergelijkingswoorden
NL    D 
1. de vergrotende en overtreffende trap (schneller, schnellst) kunnen als bijvoeglijke naamwoorden gebruikt worden.
Bv. Familie Lehman hat das schnellste Auto.

2. de overtreffende trap wordt vaak gebruikt i.c.m. am. Achter de overtreffende trap staat dan -en
Bv. Diese Aufgabe ist am einfachsten

3. de zinsdelen die met elkaar verbonden worden met als  of wie staan in dezelfde naamval.
Bv. Das Kind (+1) spricht schon besser als sein großer Bruder (+1). 

Slide 9 - Slide

 Aufgaben machen
opdrachten maken
  • Was (wat)? 
Kapitel 4 Lektion 1 Aufgabe 1 t/m 3, 6, 11
Kapitel 4 Lektion 2 Aufgabe 15

  • Wie (hoe)? Online of boek
  • Hilfe (hulp)? Buren, docent
  • Zeit (tijd)? 9:50





An die Arbeit!

Slide 10 - Slide

Slide 11 - Slide